Radio van enen en nullen

In de fonotheek van het Hilversumse Media Park staan zeker een miljoen lp's. Gebruikt worden ze nauwelijks meer. Platenspelers zijn nog wel te vinden in alle radiostudio's, maar ze staan een beetje verloren in een hoekje. Analoge apparatuur en geluidsdragers beginnen langzaam uit te sterven in Hilversum. De meeste muziek staat op cd's en DAT-banden, STER-blokken worden aangeleverd en uitgezonden via een computer, stationcalls staan op een floppy en de stem van een presentator gaat door een digitale compressor voordat hij de lucht in wordt gestuurd. Radio maken wordt hoe langer hoe meer een kwestie van nullen en enen.

Compactheid is het toverwoord van de digitalisering van geluid. Voor de opname van een uur radio waren voorheen twee analoge banden nodig. Nu volstaat een enkel DAT-bandje dat drie keer zo weinig ruimte in beslag neemt. In Hilversum, waar jaarlijks 40.000 uur radio wordt opgenomen, betekent dit een enorme besparing in opslagruimte.

Maar de omzetting van geluidsgolven naar bits behelst meer dan het veranderde formaat van de geluidsdragers. Gedigitaliseerd geluid laat zich makkelijk bewerken en kan goedkoop en snel getransporteerd worden tussen opnamelocatie, montageruimte en uitzendstudio. ,,Tot een paar jaar geleden kregen we banden opgestuurd met concertopnames van het Berliner Philharmoniker'', zegt Radio 4-presentator Hans Haffmans. ,,Nu wordt de muziek regelrecht per satelliet verstuurd naar dertig landen.''

Bij het digitaal verzenden van geluid komt het erop aan de muziek zo compact mogelijk te maken zonder de geluidskwaliteit aan te tasten. ,,Er wordt informatie, die het menselijk oor niet waarneemt, weggelaten'', vertelt Jack Hollemans, projectleider uitzendingen en verbindingen bij het Nederlands Omroep Produktiebedrijf. ,,Getrainde oren horen bij 256 kilobits per seconde geen verschil met een cd-opname die bestaat uit 1500 kilobits. Doordat je overbodige informatie weglaat is de hoeveelheid bits, die je opslaat of verzendt, een stuk kleiner.''

De mate van datareductie hangt af van de aard van het geluid. Voor opnames van een klassiek concert zijn beduidend meer kilobits nodig dan voor de stem van een verslaggever. In het laatste geval voldoen 64 kilobits, de hoeveelheid informatie die via een ISDN-telefoonlijn per seconde kan worden verzonden. ,,Een verslaggever in Kosovo kan nu zijn verslag direct digitaal opnemen, zelf monteren en doorsturen via gsm- en satellietverbinding. Dat spannende, krakende geluid dat je vroeger had toen verslagen per telefoon werden overgebracht en zo uitgezonden, is verdwenen. Toen eind 1993 ISDN-verbindingen voor het eerst gebruikt werden, moest een correspondent in oorlogsgebied aan het begin van de uitzending bijna uitroepen dat hij naar buiten keek en de bommen zag exploderen om mensen er van te overtuigen dat hij écht ter plekke was en niet in een Hilversumse studio.''

Het einde van de digitale revolutie is volgens Hollemans nog niet in zicht. ,,Waarschijnlijk komt binnenkort in Nederland Digital Audio Broadcast (DAB) op de markt en dat zou de vervanger van FM radio kunnen worden. DAB zendt geen geluidsgolven, maar een digitaal signaal naar de luisteraar. Technisch werkt dit systeem al en er is ook een klein proefnet in Nederland. De vraag is alleen of we dit als consument wel willen hebben. Want het betekent dat iedereen een nieuwe radio moet kopen. Zeker Nederlanders krijg je alleen zo gek als het nieuwe systeem werkelijk iets extra's biedt. Nu kan je met DAB naast geluid ook andere informatie meesturen zoals een afbeelding van een platenhoes of verkeersinformatie die dan op de display van de radio te zien zijn. Maar je moet met het ontwikkelen van zo'n systeem oppassen dat je niet opnieuw de tv uitvindt.''