Kinderen sneuvelen in de Kaap van Weinig Hoop

In de townships bij Kaapstad woedt al jaren een gangsteroorlog, waarbij alles lijkt te zijn gepermitteerd. Een toenemend aantal kinderen wordt hierbij in kruisvuur gedood, of in koelen bloede vermoord.

Chantine Veldsman dacht dat het een spelletje was. Kon zij weten dat haar vader een gangster was? Het spelende meisje van drie hoorde het geluid van `rotjes', zag grotere kinderen weghollen en huppelde zelf vrolijk mee. Toen liep ze tegen de man met de bivakmuts aan. Hij trok zijn pistool en schoot Chantine van dichtbij in haar hoofdje. Nog een paar dagen vocht de peuter in het ziekenhuis voor haar leven, maar afgelopen dinsdag verloor ze de strijd. Weer een kind als slachtoffer van de meedogenloze oorlog tussen gangs op de Kaapse Vlakte, die barre, uitgestrekte buurt aan de oostrand van Kaapstad, waar mensen dicht op elkaar in townships wonen.

Chantine Veldsman was het dochtertje van een zekere Glen Kahn, de leider van de Cisko Yakkies, een van de vele tientallen bendes op de Kaapse Vlakte. Kahn werd in april van dit jaar al doodgeschoten, maar kennelijk stond er nòg een rekening open. Hartverscheurende taferelen speelden zich af in het Rode Kruis Kinderziekenhuis van Kaapstad waar moeder Christel en de grootouders van Chantine bij haar bedje waakten, in de laatste hoop dat de doktoren nog een wonder konden verrichten. Maar de apparatuur die het meisje enige dagen in leven hielden, werd uitgeschakeld toen ze hersendood was. De kogel was dwars door de hersenen gegaan en had onherstelbare schade aangericht. Huilend bij het lijkje van haar dochter zei de moeder: ,,Ik zou de moordenaar van mijn kind willen vragen: hoe kun je nog eten, hoe kun je nog slapen? Is hij iemand met een gezin, is het iemand met een hart?''

Kinderen worden niet gespaard in de gangoorlogen en bij wat men in de Kaap het `stadsterrorisme' noemt. De Universiteit van Kaapstad deed vorig jaar onderzoek naar de slachtofferaantallen onder kinderen en jongeren. Tussen 1992 en 1996 werden in ziekenhuizen in Kaapstad 1.736 jeugdigen (onder de 18 jaar) opgenomen met schotwonden, van wie er 322 stierven. Het instituut dat het onderzoek verrichtte, zegt dat uit steekproeven blijkt dat de situatie sindsdien nog dramatisch is verslechterd. Zo werden in het Rode Kruis Ziekenhuis de afgelopen jaren gemiddeld 30 tot 40 kinderen met schotwonden opgenomen, terwijl men de eerste vijf maanden van 1999 al 76 opnames telde.

,,Dit is het wrede gezicht van de samenleving'', zegt kinderarts David Bass van het Rode Kruis ziekenhuis, ,,als arts moet je je afsluiten, anders verscheurt het je. We leven in een zeer gewelddadige periode. Om maar wat te noemen: het geweld tussen mensen onderling ligt hier ongeveer tien keer zo hoog als in de Verenigde Staten.''

De burgemeester van Kaapstad, Nomaindia Mfeketo, deed vorige week aan een banket voor de nieuw gekozen president Thabo Mbeki en de verse parlementariërs geen enkele moeite het kwaad van haar stad te verbergen. ,,De tolerantie hier is laag, de misdaad hoog. Er is gangsterisme, schietpartijen, executies. Vrouwen en kinderen worden mishandeld en beschoten. Misschien bederf ik uw eetlust, maar deze dingen moeten worden gezegd'', aldus de burgermoeder. De Westkaap heeft door de geweldsgolf van de negen Zuid-Afrikaanse provincies het hoogste moordcijfer van het land.

De toespraak van burgemeester Mfeketo mag eerlijk zijn geweest, handig waren haar uitspraken niet, want de Zuid-Afrikaanse regering overweegt sterk uit het oogpunt van efficiëntie en kostenbesparing het parlement uit Kaapstad te verplaatsen naar de hoofdstad Pretoria, 1.500 kilometer oostwaarts, waar de regering en de ministeries zetelen. De criminaliteit geeft president Mbeki een extra argument in handen voor de verhuizing en dat is voor Kaapstad geen goed nieuws. Het isolement van de stad, in het uiterste westpuntje van Zuid-Afrika zal er verder door worden versterkt. De politiek werd al grotendeels bepaald in Johannesburg en Pretoria, maar alleen dankzij het parlement had Kaapstad nog een klein beetje inbreng.

Het blad Finansies & Tegniek sprak vorige week schamper over `de Kaap van Weinig Hoop', want ook de twee andere pijlers van de stad: het toerisme en de onroerendgoed-markt doen het niet goed meer. Het toeristische effect van het `nieuwe Zuid-Afrika' is uitgewerkt, terwijl de huizenmarkt, onder andere door de stijgende criminaliteit, is ingezakt.

Tot overmaat van ramp is de `Moederstad' ook nog verwikkeld in een politieke crisis. Bij de verkiezingen voor de provinciale parlementen, die op 2 juni tegelijkertijd met de landelijke verkiezingen werden gehouden, kwam het ANC als de grootste partij uit de bus. Maar met `slechts' 42 procent van het provinciale electoraat achter zich kon de partij van president Thabo Mbeki niet, zoals in de meeste Zuid-Afrikaanse provincies, dicteren welke regering er moest komen. De Nationale Partij wist het op een akkoordje te gooien met de Democratische Partij en ze lieten het ANC links liggen. Vanuit democratisch oogpunt is een dergelijke deal volkomen correct, maar het lijkt een weinig verstandige zet om in het labiele politieke klimaat van de Kaap, met zijn misdaad en moorden, de sterkste partij buitenspel te zetten.