Hockeysters voldaan na verloren finale

Dezelfde uitslag, dezelfde bedwinger. Maar anders dan een jaar geleden bij het wereldkampioenschap in Utrecht waanden de Nederlandse hockeysters zich zaterdag de morele winnaar na de met 3-2 verloren finale van de strijd om de Champions Trophy. ,,Vorig jaar waren we the best of the rest, nu doen we mee met the best'', zo verwoordde bondscoach Tom van 't Hek de uitgelaten stemming in het State Hockey Centre.

Tevreden blikte de oud-international zaterdag terug op het toernooi waarin zijn ploeg een solide indruk achterliet. Slechts één off-day, maandag in het met 3-2 verloren duel tegen Duitsland, telde de marsroute van de hockeysters. In de overige vijf wedstrijden trad de ploeg strijdlustig en zelfverzekerd voor het voetlicht. Indrukwekkend was vooral het optreden in het laatste groepsduel, donderdag tegen Australië, toen de Europees kampioen alle schroom van zich afwierp en het gastland uiteindelijk met de schrik vrij kwam, 1-1.

Fluitend stapten Van 't Hek en zijn speelsters vandaag dan ook met een zilveren medaille om hun nek op het vliegtuig. In de wetenschap dat Australië weliswaar nog altijd een maatje te groot is, maar dat de kloof met de regerend wereld- en olympisch kampioen inmiddels bijna gedicht is, zoals Van 't Hek zaterdag nog maar eens herhaalde. ,,In vijf jaar hebben we zowel ons spelpeil als ons vertrouwen in eigen kunnen omhoog weten te trekken. Tegenwoordig weten we niet alleen dat we goed kunnen hockeyen, we doen het ook nog. En de rek is er nog lang niet uit.''

Belangrijkste winstpunt is wellicht de mentale omslag. Keken de hockeysters nog niet zo lang geleden huizenhoog op tegen Australië, in Brisbane was van ontzag geen sprake meer. ,,We zijn op geen enkele manier meer bang voor ze'', stelde vice-aanvoerster Dillianne van den Boogaard na afloop onomwonden vast. ,,Want Australië is heus niet beter dan wij, zoals wij heel lang hebben gedacht.''

Niettemin leek een afstraffing onafwendbaar toen Nederland al na 37 seconden tegen een 1-0 achterstand aankeek. Katrina Powell profiteerde gretig van een serie blunders in de Nederlandse defensie, waar zenuwen de overhand hadden en knullig balverlies eerder regel dan uitzondering was. Ruim tien minuten hield de Australische storm aan, waarna Nederland plotseling aan wist te haken bij het gejaagde spel. Van 't Hek zag daar naderhand het beste bewijs in dat zijn ploeg mentaal volwassen is geworden. Stellig: ,,Want vroeger waren we zo'n openingsfase nooit meer te boven gekomen.''

Met een rake strafcorner trok Van den Boogaard halverwege de eerste helft de stand gelijk. Na een half uur nam Australië opnieuw een voorsprong, dankzij Bianca Langham. Opnieuw kwam Nederland langszij. Op slag van rust tekende Karlijn Petri met een droge uithaal voor 2-2. Australië liet het allemaal toe, waarmee The Hockeyroos aantoonden nog ver verwijderd te zijn van de vorm die volgend jaar in Sydney borg moet staan voor olympisch goud.

Net als leeftijdgenote Fatima Moreiro de Melo is Petri een spits van wie Van 't Hek er meer zou willen hebben. Treuzelen is niet besteed aan de 20-jarige neo-international van Rotterdam, die zaterdag routinier Suzan van der Wielen uit de basis hield. Petri schiet uit alle hoeken en standen. Dat is een zegen, want hoe vaak kwam het de laatste jaren niet voor dat Nederlandse aanvalsters zichzelf vastliepen door onnodig lang de bal bij zich te houden?

Na rust had Nederland weinig meer in te brengen in het met 5.500 toeschouwers uitverkochte stadion aan de rand van Brisbane. Slechts één keer kwam de ploeg nog in de cirkel van Australië. Van 't Hek weet de terugval naderhand aan vermoeidheid. ,,Met een langere voorbereiding waren we hier nog beter voor de dag gekomen dan we nu al hebben gedaan.''

Het beslissende doelpunt kwam na twintig minuten in de tweede helft op naam van opnieuw Powell, die in de rebound haar slag sloeg. Dat de score niet hoger uitviel was vooral de verdienste van keepster Clarinda Sinnige. Met enkele fraaie reddingen maakte de sluitpost van Amsterdam opnieuw duidelijk waarom zij de voorkeur had gekregen boven de herstelde Daphne Touw. Sinnige (26) was een jaar geleden nog tweede keus, maar heeft sindsdien zoveel progressie gemaakt dat Van 't Hek reeds voorafgaand aan het toernooi verklaarde over twee gelijkwaardige keepsters te beschikken. Toen Touw wegens een lichte schouderblessure afviel voor het tweede duel tegen Zuid-Korea (3-2) greep Sinnige haar kans.

De wijze waarop Sinnige zich in Brisbane manifesteerde, vertelde veel over de breedte van de selectie. Niet langer is het elftal uit het lood geslagen zodra één of meerdere routiniers geblesseerd afhaken of een snipperdag opnemen. Zaterdag ontbrak opnieuw aanvoerster Carole Thate, die nog altijd last heeft van duizelingen na haar botsing met Kylie Foy in het duel tegen Nieuw Zeeland. Al te zwaar woog Thate's absentie niet. Hoewel haar plaatsvervangster, de pas 20-jarige Minke Smabers, niet kon excelleren zoals ze donderdag deed.

Minstens zo opvallend is de discipline in het veld. Klagen over een arbitrale dwaling of over het omstreden shoot-experiment, zoals de Nederlandse mannenploeg in Brisbane bij herhaling deed, deden de vrouwen niet. Gedecideerd riep Van 't Hek zijn speelsters vanaf de zijlijn tot orde zodra een van hen dreigde te ontsporen.

Op 17 juli begint Van 't Hek zijn voorbereiding op het Europees kampioenschap, dat medio augustus in Duitsland begint en waar voor de winnaar een olympisch startbewijs klaar ligt. Van de huidige selectie is niemand zeker van zijn plaats, benadrukte Van 't Hek. ,,Vroeger deelden we abonnementen uit voor het Nederlands elftal, nu houden we het bij dagkaarten.''

MANNEN: pagina 18