Voeding en kanker

Over de relatie tussen voeding en kanker bestaan een aantal misverstanden: In de eerste plaats het misverstand dat kanker met voeding te genezen is. Daarvoor zijn geen aanwijzingen. Alle zorgvuldige onderzoekingen, waarin gepoogd is een positief effect van voeding op het verloop van kanker aan te tonen, hebben geen overtuigende resultaten opgeleverd. Behandeling van kanker met dieet is daarom een alternatieve behandelwijze, dat wil zeggen een behandelwijze waarvan het geclaimde positieve effect niet objectief is vastgesteld.

Dit eerste misverstand houdt verband met een tweede misverstand: Omdat een goede voeding (het bordje gezond) het ontstaan van sommige tumoren kan voorkomen, denken mensen soms dat een aangepaste voeding ook in staat zou moeten zijn om kanker te genezen, of althans om de voortgaande groei van het kankergezwel af te remmen. Er zijn echter geen theoretische of practische argumenten die deze onjuiste redenering ondersteunen. Kanker ontstaat door mutaties in regelgenen, die het gedrag en de vermenigvuldiging van cellen sturen. Er zijn aanwijzingen dat sommige voedingscomponenten het optreden van zulke mutaties kunnen verminderen en daardoor kunnen bijdragen aan vermindering van het ontstaan van kanker. Als die mutaties eenmaal zijn opgetreden, is het kwaad geschied en er is geen aanleiding om te denken dat dieet dan nog een effect kan hebben. Stoppen met roken helpt om het ontstaan van kanker te voorkomen. Wie eenmaal kanker heeft, kan die kanker niet genezen door met roken te stoppen.

Het volgende misverstand is dat artsen positief moeten staan tegenover de behoefte van de patiënt om zijn kanker met een dieet te bestrijden, omdat die behoefte wijd verspreid is. Uiteraard moet de dokter respect hebben voor de wensen van zijn patiënt, maar de dokter moet wel eerlijk blijven. Onze maatschappij wemelt van de magische en irrationele ideeën. Het feit dat die ideeën bestaan, betekent nog niet dat ze juist zijn of dat een dokter ze moet onderschrijven. Een groot aantal mensen gelooft dat de stand van de sterren bij hun geboorte invloed heeft op hun levensloop, maar de onjuistheid van deze wijd verspreide gedachte is afdoende bewezen. Ik kan mij voorstellen dat een dokter rekening houdt met de astrologische wensen van zijn patiënt bij de timing van de behandeling. Het zou echter verlakkerij zijn als de dokter de patiënt ging aanpraten dat zijn operatie beter bij volle maan uitgevoerd zou kunnen worden, gegeven zijn horoscoop.

Bij voeding en kanker is er reden tot extra omzichtigheid. Sommige dokters hebben in dit gebied bijgedragen tot het creëren van een folklore waar geen wetenschappelijke basis voor is. Als patiënten denken dat zij baat hebben bij een speciaal dieet, dan is hen dat eerst aangepraat door onkritische dokters, die niet bereid waren om hun grote ego onder de korenmaat te plaatsen van de wetenschappelijke toetsing. Het dieet dat de patiënt wil volgen heeft hij niet zelf bedacht, maar wordt door een onkritische dokter gepropageerd. In dit gebied berusten de wensen van de patiënt op een vicieuze cirkel die door deze dokters zelf in gang is gezet.

Het volgende misverstand is dat de dieetbehandeling positief beoordeeld moet worden, omdat deze de patiënt de mogelijkheid geeft om zelf iets tegen de kanker te kunnen doen. Ingewikkelde diëten vereisen inspanning en vaak financiële offers. Dat kan de patiënt het gevoel geven dat hij het uiterste doet tegen de bedreigende ziekte. Het is juist dat de patiënt dit gevoel krijgt (of dat de partner van patiënt hem dit aanpraat), maar dit betekent nog niet dat dit gevoel terecht is. Een dokter die er niet duidelijk bij zegt dat een speciaal dieet geen bewezen effect heeft op de voortgang van de kanker, misleidt zijn patiënt. De patiënt mag uiteraard zelf kiezen, maar de dokter hoort te vertellen wat de stand van wetenschap is. De voorlichting hoort te kloppen.

Ook de tegenwerping dat dieet tenminste niet schaadt, zelfs als de patiënt er geen baat bij heeft, is niet zonder meer waar. Kankerpatiënten hebben vaak niet veel trek. Lekker eten draagt bij aan hun levensvreugde en helpt de patiënt om voldoende binnen te krijgen. Al die plantensappen zijn calorie-arm en het is moeilijk om een 5-sterren diner volgens Moerman of Houtsmuller voorschrift te bereiden.

Daar komt een theoretisch bezwaar bij. Wij weten eigenlijk niet wat het effect is van een dieet met onnodige voedingssupplementen. Waarschijnlijk is er geen effect, maar niemand kan uitsluiten dat die supplementen averechts zouden kunnen werken. Harde gegevens ontbreken. Is laatst niet gebleken dat grote hoeveelheden ß-caroteen, een pre-vitamine, toegevoegd aan een normaal dieet, het aantal longkanker patiënten doet toenemen i.p.v. afnemen? Daar ging het om een goed doordacht supplement, maar toch een averechts resultaat. Zonder serieus onderzoek geen zekerheid. Voor mij dus geen Moerman of Houtsmuller dieet, als ik ooit kanker krijg.

Maar dokters die er heilig van overtuigd zijn dat hun dieetvoorschriften helpen kunnen toch niet helemaal ongelijk hebben? Waar rook is, moet toch vuur zijn? Dit is een ernstig misverstand. Dokters zijn uitstekend in staat om zichzelf voor de gek te houden, sterker, dokters zijn daar beter toe in staat dan de gemiddelde Nederlander. Door hun positie worden ze vaak naar de mond gepraat en ze beschikken meestal over een stevig ego. Zulke mensen dichten zichzelf makkelijk bijzondere kwaliteiten toe, zoals het kunnen uitdenken van een dieet dat kanker geneest. Zulke mensen kunnen zelfs gaan denken dat hun ideeën zo geniaal zijn dat het niet meer nodig is om deze volgens de gangbare wetenschappelijke normen te toetsen. Dokters zijn dus niet immuun voor onzinnige ideeën en zij kunnen deze onzin met meer overtuigingskracht uitdragen dan mensen zonder medische vooropleiding.

Een treurig voorbeeld hebben we vorig jaar in Italië kunnen zien bij de Di Bella affaire. Di Bella was een 85-jarige voormalige hoogleraar fysiologie, die jarenlang kankerpatiënten had behandeld met een vreemde mix van eigen makelij, bestaande uit vitamines, hormonen en een anti-kankermiddel. Hij claimde dat hiermee kankerpatiënten konden worden genezen zonder de bijwerkingen van de gebruikelijke kankertherapie. Di Bella had nooit iets gepubliceerd over zijn therapie en zijn therapie was nooit systematisch uitgetest bij patiënten of proefdieren. Toen zijn patiënten bij de rechtbank klaagden dat het ziekenfonds hun dure Di Bella-therapie niet wilde vergoeden, kregen zij gelijk. Er ontstond een gigantische media hype en een politieke rel, waarbij de rechtse oppositie het opnam voor Di Bella.

De afloop van deze rel is inmiddels bekend: Bij systematisch klinisch onderzoek bleek dat de therapie van Di Bella niet werkt, maar wel bijwerkingen heeft. Weer heeft een alternatieve therapie slachtoffers gemaakt: wanhopige patiënten hebben kapitalen betaald voor een waardeloze kuur. Misschien zijn er zelfs patiënten geweest, die een werkzame therapie hebben opgegeven om over te stappen op Di Bella's wonderkuur.

De verbijsterde Italiaanse oncologen likken hun wonden. Hun conclusie (zie de Lancet van 17 april 1999) is dat de serieuze Italiaanse dokters meer hadden moeten doen om aan hun patiënten uit te leggen waarom zij niets zagen in de therapie van Di Bella. Ze voegen daar echter aan toe dat ook het onderwijs op school beter moet worden, zodat de toekomstige rechters, journalisten en politici, die in de Di Bella-affaire zoveel schade hebben aangericht, beter op de hoogte raken van wetenschappelijke methoden om kaf van koren te scheiden. Die conclusie sluit aan bij mijn column over `Tienermisleiding' (W&O, 24 april 1999).

Ook met betere schoolboeken zal het moeilijk blijven voor een buitenstaander. Di Bella is toch ook dokter. Hoe weet een leek welke dokter gelijk heeft? Ik heb dit dilemma beschreven in een column, getiteld: `Welke geleerde heeft gelijk' (W&O, 29 juni 1995). Waar het op neerkomt is dat een leek alleen af kan gaan op respectabele organisaties, die breed gedragen en scherp gecontroleerd worden. In Nederland de Koninklijke Akademie van Wetenschappen (KNAW), de academische ziekenhuizen en medische faculteiten, de Gezondheidsraad, allemaal organisaties, waarin deskundigen in open discussie pogen vast te stellen wat waar is. Als de Nederlandse Kankerbestrijding (het Koningin Wilhelmina Fonds) zegt dat met een aangepaste voeding kanker niet te genezen is, dan kan een leek ervan uit gaan dat dat waar is. De voorlichters van de NKB/KWF staan onder een breed samengesteld bestuur en krijgen hun informatie van de Wetenschappelijke Raad voor de Kankerbestrijding, waarin een keur van Nederlandse kankerdeskundigen zit. Als die voorlichters iets zeggen dat niet klopt met de stand van de wetenschap, valt iedereen over ze heen.

Maar als er nu een samenzwering is van al die reguliere artsen en onderzoekers om belangrijke nieuwe therapieën, die solo-artsen als Di Bella in hun eentje bedenken, af te kammen? En als die samenzwering ook nog de KNAW, het Ministerie van VWS, en het Nederlands Kanker Instituut omvat? Tja, dan kan ik u niet helpen. Wie in zulke samenzweringen gelooft kan door de wetenschap niet beschermd worden tegen alternatieve behandelaars, zoals Moerman, Di Bella, Houtsmuller, en wie volgt. Tegen echte paranoia, zijn wetenschappelijke analyses niet opgewassen.