Macedoniërs kibbelen over Albanezen

De Macedoniërs halen opgelucht adem nu de kampen leegstromen en de vluchtelingen weer naar Kosovo terugkeren, maar de vrees blijft bestaan dat veel vluchtelingen in Macedonië een nieuw leven willen beginnen.

Een handdruk leidde de afgelopen dagen in Macedonië tot een politieke rel in het parlement. Op alle voorpagina's van de kranten schudde premier Ljupco Georgijevski van Macedonië de hand van Hashim Thaçi, interim-president van Kosovo.

Thaçi is bij de Slavische Macedoniërs beter bekend als politiek leider van het Kosovo-bevrijdingsleger UÇK. De oppositiepartijen in Macedonië vinden dat de regering veel te hard van stapel loopt met de erkenning van de rol die het UÇK gaat innemen bij de wederopbouw van Kosovo. Georgijevski en Thaçi hebben al gesproken over het openen van ambassades en het aanknopen van intensieve diplomatieke betrekkingen. Donderdag werd er fel over gedebatteerd in het parlement, waarbij de voorzitter een paar keer moest ingrijpen om de orde te handhaven.

,,De regering beseft niet dat ze een paard van Troje binnenhaalt'', zegt Mirko Ivanov na afloop van het debat in de wandelgangen van het parlementsgebouw in Skopje. Hij is lid van de oppositiepartij Sociaal Democratische Alliantie (SDA). ,,Wat de regering een stabiliteitspact noemt, is het begin van een lange lont die eens in Macedonië zal ontploffen.''

,,Ik ben een Macedoniër'', benadrukt Ivanov. ,,En ik wil niet het onderspit delven ten opzichte van de Albanezen.'' Macedonië telt een grote Albanese minderheid die op gespannen voet leeft met de Macedonische meerderheid. Als, zo redeneren de Macedoniërs, het etnische evenwicht uit balans raakt doordat het aantal Albanezen sterk stijgt, wordt de politieke stabiliteit van het land verstoord.

De Macedoniërs halen opgelucht adem nu de kampen leeg stromen en de vluchtelingen weer naar Kosovo terugkeren, maar de vrees blijft bestaan dat veel vluchtelingen in Macedonië een nieuw leven willen beginnen. ,,Geef ze eens ongelijk, we zijn een redelijk welvarend land'', erkent Ilija Iloski. Volgens deze SDA-parlementariër heeft de regering een geheime agenda: zo snel mogelijk de banden met Kosovo aanhalen om zo een graantje meet te pikken van de wederopbouw. ,,Kosovo moet wat dat betreft een goed woordje voor ons doen – zo redeneert de regering – omdat Blace een zwarte bladzijde is in onze geschiedenis.'' De parlementariër doelt op de beelden van vluchtelingen die bij de grensplaats Blace wekenlang in de modder moesten leven omdat de Macedonische regering ze weigerde op te nemen.

En dat de verhouding tussen de Macedoniërs en de ethisch Albanezen nog steeds zeer gespannen is, bleek deze week nog een keer in Tetovo, een plaats ten westen van Skopje op zo'n twintig kilometer van de grens met Albanië. Albanezen (vluchtelingen en inwoners van Macedonië) vierden een feest naar aanleiding van de bevrijding van Kosovo door de NAVO. Het feest werd wreed verstoord door Macedoniërs die met knuppels en stokken op de vrolijke menigte insloegen. De politie had de handen vol aan het uit elkaar halen van de vechtende partijen. ,,Ik vond het ook wel een beetje een provocatie van de Albanezen'', zegt Ivanov.

,,Wat een onzin'', constateert Arben Djaferi van de regeringspartij ADP, de belangrijkste Albanese partij in Macedonië. ,,Koudwatervrees'' noemt hij de vrees van de Slavische Macedoniërs. ,,Wanneer de etnisch Albanezen dezelfde rechten krijgen als de Slavisch-Macedoniërs, dan gaat dit land een periode van politieke stabiliteit en welvaart tegemoet.'' Op tal van terreinen wordt de Albanezen onderdrukt door de Macedoniërs. Ze verdienen minder, hebben de lager geschoolde banen en er zijn weinig beleidsmakers van etnisch Albanese afkomst. ,,Via emancipatie en gelijke rechten moeten we onze positie versterken'', zegt Djaferi. ,,En het is onvermijdelijk dat de Slavische Macedoniërs dan een stapje terug doen.'' Een `Groot Albanië' is ,,niet aan de orde'', zegt Djaferi.

Maar mocht de emancipatie mislukken, ligt een eigen staat voor de Albanezen dan niet in de lijn der verwachting? De pleitbezorgers van een `Groot Albanië' menen dat het huidige Albanië moet worden uitgebreid met Kosovo, het zuiden van Montenegro en het westen en noorden van Macedonië. Djaferi: ,,Laten we eerst de opbouw van Kosovo maar eens afwachten. Het Kosovo Bevrijdingsleger zou daarbij moeten worden omgedoopt in het verdedigingsleger. De beestachtigheden van het afgelopen decennium mogen nooit meer gebeuren.''

De NAVO en de Europese Unie hebben een grote verantwoordelijkheid bij de opbouw van het verwoeste land. ,,Willen ze een situatie, zoals die de afgelopen tijd is ontstaan, voorkomen dan moeten ze helpen bij de opbouw van Kosovo. Nauwe relaties met West- en Midden-Europa is de beste garantie voor politieke stabiliteit op de Balkan.''