Enemies, a Love Story

Coney Island eind jaren veertig, toen de glorie nog niet vergaan was. Het reuzenrad Wonder Wheel en de achtbaan Cyclone vervoeren gillende stelletjes, de zon schijnt, de stranden liggen vol.

Het is het uitzicht van de Pools-joodse immigrant Herman in de tragikomedie Enemies, a Love Story (Paul Mazursky, 1990). Maar als hij de andere kant uitkijkt, ziet hij een Europa waar de sporen van de holocaust nog lang niet zijn uitgewist.

Vreemd genoeg heeft een deel van de plot, die gebaseerd is op de gelijknamige roman van Nobelprijswinnaar Isaac Bashevis Singer, alles weg van een klucht. Herman is getrouwd met een muizige vrouw, en houdt er een sexy maîtresse op na (een immer zwoele Lena Olin). Als zij zwanger beweert te zijn, trouwt hij ook haar, en als klap op de vuurpijl duikt zijn doodgewaande eerste vrouw op (Angelica Huston), die een Duits vuurpeleton blijkt te hebben overleefd. Herman rent heen en weer tussen zijn drie vrouwen, liegt en bedriegt en verstopt zich nog net niet in een kast.

De pijn van het verleden schemert echter door alle polygamische hoogstandjes heen. Iedereen zwalkt door hun nieuwe leven, heeft zelfs God niet meer om zich aan vast te klampen. God was afwezig in Auschwitz, dus er is gegronde reden om aan te nemen dat hij ook in Amerika niet zal behoeden voor het kwaad. Ironie blijkt een manier om te overleven – ,,Waarom zegt de Talmoed niet wat je moet doen met twee vrouwen'', grapt Herman, maar het is een opmerking die hem typeert. Beslissingen nemen gaat hem net zo slecht af als de waarheid vertellen. Alles overkomt hem, en als hij al actie onderneemt is dat om zo ongeschonden mogelijk uit de strijd te komen.

Nadeel van deze lethargische hoofdpersoon is dat de kijker net zo onverschillig als hij blijft onder de liefdesperikelen. Gelukkig is daar Angelica Huston, die als altijd geweldig speelt. De zwarte humor en nuchtere pose van haar personage sleept je wel bij de haren de film in.

Enemies, a Love Story (Paul Mazursky, 1990, VS), zaterdag, Ned.1, 22.33-0.28u.