Eén loket voor WAO'ers ontbreekt

Op maandag 21 juni vergadert de Tweede Kamer met minister Klaas de Vries van Sociale Zaken en zijn staatssecretaris Hans Hoogervorst. Op de agenda: een nieuwe schets voor het ene loket in de sociale zekerheid, een heikel onderwerp dat de sluwe minister Melkert vier jaar liet sudderen. Over de toekomst van Sociale Dienst en Arbeidsbureau schreef ik al eerder. Het plan voorziet in 200 nieuwe ontvangstkantoren – betaald door de overheid – om mensen te helpen met het aanvragen van bijstand en advies over sollicitatietraining of een Melkert-baan. Veel personeel van de huidige Arbeidsbureaus kan goed werk vinden in die nieuwe kantoren, en voor de rest hangt het succes er vooral van af of minister De Vries ook een andere belofte inlost uit het regeerakkoord, namelijk om de financiën van de Bijstandswet beter te regelen. Groningen, Emmen en Leiden hebben al openbaar gevraagd om meer financiële verantwoordelijkheid voor de gemeente in combinatie met meer vrijheid om geld voor scholing en subsidies zo efficiënt mogelijk te gebruiken. Misschien slagen de ministers De Vries, Zalm en Peper er reeds in om die extra verantwoordelijkheid én vrijheid te gunnen aan alle grotere gemeenten. Pas dan kan de uitvoering van de Bijstand veel beter worden dan in het verleden. Ik verwacht daarom dat de Kamer zal besluiten om af te wachten hoe het kabinet het geld voor de Bijstand slimmer denkt te regelen tussen Rijk en gemeenten.

Daarentegen is het bij de WAO niet nodig om de financiën opnieuw te organiseren, maar zit de pijn nog steeds in de ondoelmatige versnippering van verantwoordelijkheden en bevoegdheden. Daar zit de angel in het debat, maar de kritiek van Saskia Noorman-Den Uyl (PvdA) en een meerderheid van de FNV op het plan van het kabinet is naar mijn mening niet goed in focus. De zorg dat de keuringsartsen commercieel onder druk zouden komen om maar zo min mogelijk mensen een WAO-uitkering te gunnen is immers al weggenomen doordat het kabinet heeft gekozen voor NYFER's loodsmodel waarbij de keuringsartsen een officiële status van overheidswege krijgen. Winst en rendement spelen dus helemaal niet meer bij de keuringen, maar uitsluitend nog bij advisering over een nieuwe baan en daar mag best wat meer druk op de ketel komen. In plaats van onnodige bangmakerij over winstbejag in de WAO kunnen de critici in de Kamer beter spreken over de twee echt griezelige aspecten van het Nederlandse WAO-stelsel. Allebei die zwakke plekken worden zichtbaar als we even de WAO cijfers voor grote bedrijven als Akzo, DSM of Shell leggen naast het landelijk gemiddelde. In de chemische industrie wordt toch ook hard gewerkt – vaak zelfs in volcontinu – en toch is de uitstroom naar de WAO vier tot acht keer minder dan het landelijk gemiddelde. Met andere woorden: als het gemiddelde Nederlandse bedrijf net zo verstandig omging met zieke werknemers als Akzo, zou dat Nederland zo'n 40 miljard rijker maken, namelijk 15 miljard aan uitgespaarde uitkeringen en een nog groter bedrag omdat mensen die ondanks enige hinder aan hun gezondheid toch kunnen blijven werken daarmee bijdragen aan de welvaart.

Akzo, DSM en Shell bereiken die zoveel gunstiger cijfers door veel verstandiger om te gaan met ziek personeel en het Kamerdebat zou erover moeten gaan of heel Nederland snel die wijze lessen kan overnemen. Ten eerste is veel meer haast geboden wanneer mensen ziek worden. Een onderzoek naar 467 mensen met rugklachten leverde op dat driekwart van de bedrijfsartsen niet eens meer de moeite neemt om informatie op te vragen over de behandeling van de kwaal. De werkgever mag van de `registratiekamer' toch niet in detail weten wat de werknemer mankeert. Er is voor zover ik weet geen land ter wereld waar de privacy-regels zó nauw worden geïnterpreteerd als in Nederland. Maar tegelijkertijd is de verantwoordelijkheid voor de behandeling van bijvoorbeeld rugklachten gespreid over Arbodienst, werkgever, GAK, Lisv, en straks ook nog de nieuwe kantoren van minister De Vries. Zo beslist het Lisv bijvoorbeeld dat de werkgever een kwart moet betalen van de kosten van behandeling in een Rug Advies Centrum, hoewel diezelfde werkgever niet in staat is om zich te informeren over de prognose van de ziekte. Ook heeft het Lisv nog verordonneerd dat het GAK moet wachten op ten minste 13 weken rugpijn voordat het mag vergoeden aan het Rug Advies Centrum. Nodeloos wachten voor werknemer én werkgever, overbodige pijn én een statistisch veel grotere kans dat de vertraging leidt tot een WAO-uitkering in plaats van een vlotte behandeling. Dat is de fatale constructiefout in de organisatie van de Nederlandse WAO. Niet dat de uitkeringen zo comfortabel hoog zijn, want dat kan niemand meer volhouden na de WAO-maatregelen van 1991, maar dat wij een wel heel erg strenge privacy-regelgeving combineren met een systeem waarin vier instanties zich bemoeien met de behandeling terwijl een vijfde instantie (het Lisv) in groot detail voorschrijft hoe kosten moeten worden verdeeld over partijen die weer niet over voldoende informatie beschikken. Akzo, DSM en Shell houden veel meer beslissingen wijselijk in één hand, met een eigen Arbodienst en bedrijfsartsen die de bevoegdheid hebben om geld uit te geven, en bereiken op die manier hun spectaculair betere resultaten. De 200 nieuwe ontvangstkantoren van minister De Vries helpen niets om dit WAO-dilemma op te lossen. Een verstandig parlement zou volgende week maandag niet moeten wegvluchten in gemakkelijke retoriek over de gevaren van marktwerking maar in plaats daarvan bespreken of onze privacywetgeving niet wat meer kan lijken op de situatie in het buitenland, en of iets valt te doen aan de noodlottige combinatie van vier partijen die allemaal te weinig informatie hebben en een Lisv dat zonder bedrijfskundig benul ze voortdurend op de verkeerde manier tot elkaar veroordeelt.

Het verhaal dat Nederlanders zo graag een WAO-uitkering willen omdat je daar makkelijk van kan leven is allang niet meer van toepassing. De bedrijfsarts bij Akzo en de specialist in het Rug Advies Centrum kunnen alleen maar zo succesvol zijn omdat de meeste mensen juist wél liever hun eigen inkomen verdienen. Het is tragisch dat een slechte organisatie van de WAO dat alleen maar mogelijk maakt voor een paar vooruitziende grote bedrijven en niet voor alle Nederlanders.