Echte vrede

Toen Joegoslavië vorige week instemde met het vredesplan voor Kosovo, sloeg in Amerika de kritiek op president Clinton en de luchtoorlog opeens om in lof (NRC Handelsblad, 7 juni). Een schoolvoorbeeld van de `lof der zotheid', omdat elk weldenkend mens beseft dat echte vrede meer inhoudt dan de afwezigheid van bommen en kogels. Voor dat universele ideaal is een vredesakkoord vereist waarin zowel de verguisde Slobodan Miloševic als de bejubelde NAVO op de snijtafel wordt gelegd. Wat het lot van de Servische dictator betreft, betekent de operatie ongetwijfeld zijn einde. Met betrekking tot de NAVO zal de operatie uiteraard haar ongeëvenaarde militaire potentie blootleggen. Door de daarmee gepaard gaande arrogantie van de macht denkt zij abusievelijk ook `als vredesduif' het gelijk aan haar kant te hebben.

Tekenend voor deze instelling is dat zij wel boodschappers met vredesvoorstellen naar Miloševic stuurt, maar daarentegen geen enkele boodschap heeft aan de talrijke oproepen tot bezinning. De Raad van Kerken bijvoorbeeld figureert daardoor als de spreekwoordelijke `roepende in de woestijn'.

Zolang mannen als Miloševic president kunnen worden, de VS een bewierookte supermacht blijft en de NAVO noodzakelijk wordt geacht, zolang zullen wij ons kroost de vrede niet kunnen leren. Vredesopvoeding, als logisch resultaat van vredespolitiek, is momenteel dan ook een fictie.