Bataven

TVM is dus niet gedumpt wegens doping, de wielerploeg van Cees Priem is uit de Tour geweerd wegens onbehouwen gedrag. We hebben te maken met een cultuurclash tussen Frans maniërisme en Nederlandse lompheid. Wat sport niet allemaal teweeg kan brengen.

De 104 EPO-ampullen die vorig jaar in een materiaalwagen van TVM gevonden werden, waren bijzaak. Daar was nog overheen te komen. Wat Tourdirecteur Jean-Marie Leblanc niet door de vingers kon zien, was het boerengedrag van renners en ploegleiding. Zonnekoning Leblanc wilde na de deconfiture van TVM, vorig jaar in de Tour, révérences zien, en die kreeg hij niet. Als notoire gaullist is Leblanc geoefend in wraakzucht, vandaar.

Het fatsoensdelict van TVM valt voor polderbegrippen nog mee, maar Fransen zijn gevoeliger voor majesteitsschennis. De TVM-renners maakten tijdens de Tour van 1998 demonstratieve gebaren tijdens de wandeletappe naar Aix-les-Bains. Dat wordt nu door de Tourdirectie gekwalificeerd als onwaardig gedrag. Er was erger: TVM verliet de Tour op Zwitsers grondgebied - voor de patriot Leblanc is dat niet minder dan landverraad.

In plaats van zich uit te putten in excuses wimpelde Cees Priem de verdachtmaking van dopinggebruik af als vernietigingsfantasie van enkele Franse snoeshanen. Fransen zijn in de persoonlijke sfeer een excuusvolk. Zeeuwen buigen niet, niet voor wind en water, niet voor elkaar. Priem bleef stug in de ontkenning: `Van doping weet ik niks, daar heb ik niet voor doorgeleerd'.

Toch kwam het begin april in Brussel nog tot een verzoeningsgesprek tussen Priem en Leblanc. Er werden schaal- en schelpdieren genuttigd. Tot zijn ontzetting zag de Tourdirecteur meteen dat het boerengedrag van de ploegleider nog deprimerender was dan hij had gevreesd. Priem, zo bleek, had slechts op latere leeftijd met mes en vork leren eten. Dat deed de deur dicht. Nederlanders in de Tour alla, maar Bataven? Nooit.

Er is veel aan te merken op de stijl van de TVM-wielerformatie. Renners en ploegleiders zijn geen specialisten in communicatie en charisma. Maar wat dan nog? Zoals huilen niet het feilloze teken van verdriet is, is schaapachtig ja en amen zeggen niet de norm van fatsoen. Het peloton is geen verzameling saletjonkers. En laten we wel wezen, het opsteken van de middelste vinger komt tegenwoordig in alle rangen en standen voor.

Het wielrennen lijdt, zoals andere sporten, aan visuele kolonisatie. De media worden geacht er een sprookje van te maken. Zo willen het de Société du Tour de France, de sponsors, de burgemeesters, de hoofdredacteuren. En natuurlijk juffrouw Vliegenthart die nog nooit een bezwete hand heeft geschud, maar in het kielzog van de TVM-ellende zichzelf heeft gelanceerd als bedenkster van een ethisch reveil in de sport. Jeroen Blijlevens heeft andere zorgen: pap of geen pap in de benen?

De selectie van de Tourploegen is zo willekeurig als de neten. Daarom hebben de TVM-renners gelijk dat ze naar de rechter stappen. Hun uitsluiting is pure broodroof. Veel zal het niet helpen. Sport en recht liggen niet in elkaars verlengde. Een organisatie als de Tour de France is een feodaal bastion, waar de minste schijn van democratie nog moet worden uitgevonden. Zolang renners en sponsors de onderlinge rivaliteiten hoger plaatsen dan solidair zelfrespect, zal het eenpersoonsbewind van Leblanc blijven duren.

De Tour '99 is gerecipieerd. De toppers schitteren door hun gedwongen afwezigheid. Pantani, Ullrich, Virenque, Riis, Jalabert en anderen laten de strijd om de gele trui over aan B-renners. Daarmee is het grootste sportevenement van het jaar bij voorbaat gedoemd tot een vervalsing van de krachtverhoudingen in de wielersport. Michael Boogerd zal daar anders over denken, maar zoals hij dezer dagen zelf kan constateren, een veredelde Ronde van Zwitserland stelt sportief weinig voor.

Zolang hypocrisie en willekeur de teneur van de Tour uitmaken, fietsen de renners van vernedering naar vernedering. Helden verdienen beter.