Gevaar kun je ruiken

In beeldende taal vat Marcel aan de Brugh (CS 11-6, Kinderpagina) het proefschrift van Miquel Lüring samen dat gaat over signaalstoffen van rovers die hun slachtoffers waarschuwen, waarna die mogelijke slachtoffers een veilig heenkomen kunnen zoeken. Inderdaad zit de wereld vol met geuren en noemen biologen zulke signaalstoffen van rovers kairomonen. Maar in tegenstelling tot wat er verder in het artikel staat zijn niet álle geurstoffen kairomonen. Voor verschillende geuren met verschillende functies hebben biologen verschillende termen. Kairomonen zijn signaalstoffen die informatie overdragen tussen dieren en planten van verschillende soorten en die nadelig zijn voor de uitzender (in dit geval de rover) en voordelig voor de ontvanger (in dit geval diens potentiële slachtoffer). Signaalstoffen kunnen ook voordelig zijn voor beiden zender en ontvanger en biologen noemen ze dan synomonen (syno=samen). Aan de Brugh geeft hiervan een voorbeeld: de geurstoffen die planten produceren in reactie op de aantasting van bijvoorbeeld bladluizen, waarmee de geurstoffen de vijanden van de bladluizen aantrekken. Deze geurstoffen zijn voordelig voor de plant (uitzender) en voor de ontvanger (sluipwespen die naar bladluizen op zoek zijn). Hier is dus geen sprake van kairomonen, zoals per abuis in het artikel wordt gemeld. Biologen onderscheiden nog meer klassen van signaalstoffen. Veruit de bekendste zijn de feromonen, zoals seks-feromonen, die informatie overdragen tussen soortgenoten. Dit in tegenstelling tot de kairomomen en synomonen die informatie overdragen tussen niet-soortgenoten. Feromonen, kairomonen, synomonen en andere -monen zijn onderdelen van een complex netwerk van informatie-overdracht in ecosystemen, waarin informeren, adverteren, spionneren, afluisteren, en nog veel meer ons welbekende strategieën door `plantjes en beestjes' worden beoefend. Ook hier geldt: dieren (en zelfs planten!) zijn net mensen....