De hoogste tijd voor een kledingreveil

Ook Privé – Nederlands grootste familieweekblad was in het Tuschinski Theater, bij de première van `Arlington Road'. De sterren werden gefotografeerd. ,,Dat ISA HOES zes maanden na de geboorte van MERLIJN haar oude figuur nog niet terug heeft, is goed te zien in deze dunne Banlof-achtig stof die heel gauw tekent", luidt het commentaar van mode-adviseur Addy van den Krommenacker.

,,De beetje DOLCE & GABBANA-achtige jurk van CINDY PIELSTROOM is schitterend, helaas draagt ze er de verkeerde beha onder", vervolgt de mode-adviseur in Privé's rubriek `Wat dragen zij?'. Jack Spijkerman komt er genadig vanaf, want: ,,JACK SPIJKERMAN gaat helemaal op safe in zijn zwarte pak en waarom ook niet?" Maar Ellen ten Damme oogt ,,als een verlopen SPICE GIRL!''

Met de rubriek `wat dragen zij?' legt Privé de vinger op een zere plek van Nederland, op een nationale tekortkoming: Nederlanders weten zich niet te kleden. Onder hen zijn slechts enkelen met smaak en met gevoel voor kleur. Voor de meesten geldt: ze zien er niet uit.

Zomaar een dag in Amsterdam. Over de Raadhuisstraat fietst een vrouw in knal-rose T-shirt en gif-groene broek. Op de stoep loopt een oudere vrouw in een blauwe lange rok die van gordijnstof lijkt te zijn gemaakt. Op een bankje rusten twee vriendinnen uit. Ze dragen platte, afgedragen, gezondheidsschoenen: verantwoord, dat wel, maar foei-lelijk.

Het zijn niet de duiven die de hoofdstad verpesten; dat doen de inwoners zelf. Het slobbert, het hangt, het zit te strak of te wijd, de kleuren passen niet – en het is altijd gekreukt. Vooral voor Franse en Italiaanse toeristen moet het een verschrikking zijn.

Een treurige stoet trekt voorbij. Vrouwen in vormeloze broeken met pijpen die ergens in de buurt van de knie beginnen. Aan de pasvorm is niet gedacht, het hangt er maar wat bij. Schommelende armen in fletse mouwloze hemdjes, witte kuiten, forse achterwerken in te strakke leggings, schoudervullingen.

Zelfs de betergeklede vrouwen zien vaak details over het hoofd. Goedkope schoenen met foute sokken onder een Sportmax-pak (Bijenkorf: 1.159 gulden). Een kleurloos Albert Cuijp-sjaaltje op een dure blouse.

En de mannen? T-shirts die half uit broeken hangen. Massaproductie-overhemden. Zelden valt een broek passend over een achterwerk. Vooral de broekspijpen vallen op. Die hangen vrijwel nooit op lengte. Ze slobberen over de schoen of zijn nét iets te kort. De tijd dat broeken gezoomd werden, lijkt voorbij.

De andere categorie heet dodelijk saai, waarbij prominente TV-journalisten de trend zetten. Wanneer trekt Maartje van Weegen wat spannenders en leukers aan? Waarom is Catharine Keijl niet weg te slaan uit haar eeuwige setje: colbertje over rok? Waarom zitten onze nieuwslezers er zo kleurloos bij? Het dieptepunt is Paul Witteman in veel te benauwende pakken.

Het valt vast te verklaren. Nederland heeft geen imposante modegeschiedenis. De nuchtere aard waarbij iedereen vooral gewoon moet zijn, kan ook een rol spelen. Misschien is het zuinigheid, hoewel de statistieken tonen dat het om keuzes gaat. De meeste huishoudens in Nederland besteden veel méér geld aan de aanschaf van een nieuwe magnetron, of aan het boeken van een vakantie, dan aan hun kleding, hoewel de trend hoopgevend is. De laatste jaren geeft Nederland ietsje méér uit aan zijn kleding, maar dat geldt voor heel Europa.

Haast speelt ook een rol. Voor uitgebreid winkelen wordt minder tijd uitgetrokken, en het moet snel, snel gekocht – anders dan bijvoorbeeld een breedbeeld-tv. Wie zo'n apparaat gaat aanschaffen, laat zich goed voorlichten. Maar als het om kleding gaat, graait men wat bij elkaar - in winkeltjes met harde muziek en verkoopsters die van niets weten. Het moet goed én goedkoop, maar die combinatie is zeldzaam als het om kleren gaat.

Is het een teken aan de wand? Is het niet, eigenlijk, een permanente belediging? Nederlanders doen geen moeite om er voor elkaar een beetje uit te zien – terwijl ze zoveel waarde hechten aan herstel van fatsoen en norm. Beleefd zijn tegen agenten, niet wildplassen, elkaar aanspreken op a-sociaal gedrag. Waarom spreken zij elkaar niet op hun kleding aan?

Aan de oproep voor een cultureel reveil kan nog eentje worden toegevoegd. Het is tijd voor een kledingreveil - als teken van onderling respect en fatsoen.

Mens, durf je te kleden!