Alleen Polen houden het aspergesteken lang vol

Campings in Noord-Limburg worden elk jaar drukker bevolkt door Poolse seizoenarbeiders. Werk- en woonomstandigheden zijn niet altijd optimaal.

Vanaf de stoffige landweg nabij Horst ziet de camping er niet veel anders uit dan elke andere minicamping in Noord-Limburg. Een groep Nederlanders speelt volleybal op een grasveldje. Familie en vrienden kijken in trainingspakken toe vanaf de zijlijn. Maar vanaf de spoorboom achterin het kampeergebied spreekt niemand Nederlands, een enkeling Engels of Duits en iedereen Pools. Voorbij het in het Pools vertaalde bord `Bezoekers hier melden s.v.p.' staan oude auto's met enkel Poolse nummerborden. Zo'n honderd Polen en enkele Tsjechen en Oekraïners leven hier minimaal een aantal maanden in bouwvallige caravans, woonwagens en in tenten.

De Polen Robert (20), Stawek (20), Pawel (21), Adam (19) en Marcin (20) zitten voor hun tent in de zon langzaam wakker te worden. De eerste drie zijn vrienden van het platteland bij Lublin, de andere twee zijn hier zelf naar toe gekomen vanuit Plock, met de bus of met de auto. Ze spreken wat Duits en nog minder Engels. Na deze week zes lange dagen op het land en in de kassen te hebben gewerkt zijn de jongens een dag vrij. Wat ze in Nederland doen? Veel geld verdienen natuurlijk.

Drie van de vijf zijn in Polen werkloos. ,,Een uur werken hier staat gelijk aan een dag werken in Polen'', weet Stawek. ,,Aan een hele week in de Oekraïne'', vult zijn vriend Pawel aan. ,,En zo zwaar is het werk niet'', meent de derde stoer. Natuurlijk blijven ze hier nog wel even. ,,Tot er geen werk meer is waarschijnlijk.''

Volgens de campinghouder is er het hele jaar door genoeg werk. Hij bevestigt de verhalen van de jongens. Afhankelijk van de inzet verdienen de Polen zeven tot negen gulden per uur. De meesten werken van vijf, zes uur 's ochtends tot het middaguur en dan weer van een uur of vier tot tien uur in de avond, sommigen wel zeven dagen in de week. Het weekloon van vijfhonderd gulden dat de jongens gisteren contant kregen evenaart volgens hem een gemiddeld Pools maandsalaris. Ze hebben het geld nodig: om hun school te bekostigen, de huur te betalen of de familie te onderhouden.

Het verblijf kost de Polen naar eigen zeggen 32 gulden per week. De stacaravans worden gemiddeld met zeven personen bewoond. En dit is een nette camping. Campinghouders, Polen en aspergekwekers vertellen verhalen over `campings' in de buurt van Horst, Haelen en Baarlo, waar honderdtwintig voornamelijk illegalen drie douches delen en daar vijftig tot zeventig gulden per week betalen. En dan heb je nog de zwervende illegale seizoensarbeiders met of zonder vals Duits paspoort die op de bonnefooi rondreizen op zoek naar werk; zij overnachten in auto's langs de kant van de weg of op het erf van boeren en koppelbazen.

Het kan ook anders. De Poolse familie Kulesa werkt al jaren legaal op de aspergevelden van Hendrikx in Baarlo. Hendrikx weigert ze te laten slapen op een camping. Hij betaalt hun woonruimte en telefoonabonnement en stelt een auto ter beschikking. De Polen verdienen al gauw veertien gulden per uur, zegt hij. Meerdere malen heeft hij de familie opgezocht in hun land. Hendrikx is moe van de verhalen over illegalen. Meer dan de helft van de bedrijven in de regio heeft volgens hem de zaken netjes op orde. ,,Sommige kwekerijen hebben al drie controles in een maand gehad. Terwijl het vooral kleine bedrijven zijn die geen geld hebben om alles volgens de regels te doen.''

Het is het eerste jaar dat de eigenaar van de camping in Horst geen Nederlanders kreeg. De afgelopen jaren kwamen Nederlanders, Ieren en Engelsen nog wel eens langs voor werk. Na een week, twee weken hielden ze er vaak mee op. Polen zijn volgens hem de enigen die het aspergesteken wat langer volhouden. ,,Tachtig procent van de Polen is afkomstig van het platteland. Het zijn hardwerkende, goedwillende mensen.''