Webfilmfestival

Het wordt even haastwerk, maar als u de komende drie dagen nog een uurtje over hebt, kunt u uw stem uitbrengen voor de publieksprijs van het eerste filmfestival op Internet. FIFI, heet het festival, oftewel Festival international du film de l'Internet. Want het is een Franse onderneming, van Nirvanet, een ontwerpbureau voor sites waar ze wel vaker leuke dingen doen.

De suggestie van een echt filmfestival, met gewichtig rondlopende bezoekers en makers, workshops en een markt voor de filmhandel, wordt door FIFI hoog opgedreven. Tenminste, dat is de bedoeling, want al die elementen zijn nog onder constructie. Wel zijn er in Parijs en in het naburige Issy les Moulineaux fysieke gebouwen waar vertoningen en discussies plaatsvinden, die – voor zover op de site blijkt - niet via het net worden uitgezonden.

Dat is wel een beetje vreemd natuurlijk, voor een virtueel filmfestival. En ook is het mij nog niet gelukt om mijn stem uit te brengen voor de publieksprijs. Het daarvoor bestemde knopje op het scherm dat belooft een e-mail-formulier op te sturen, reageert gewoon niet. Maar enfin, een kniesoor die daar op let. Het idee is in ieder geval leuk, en de tijd dat je via het Internet de films van je keuze kunt zien komt langzaam dichterbij – zonder ergernis over het feit dat alle festivalfilms die jij wilt zien nu net zijn uitverkocht, of de gore stank van de snoepjes die je achterbuurman in de zaal tijdens de voorstelling meent te moeten nuttigen.

De nadruk in bovenstaande zin ligt wel op het woord `langzaam'. Want FIFI brengt nog geen films in de gebruikelijke zin van het woord, maar vooral actieve webpagina's, die te zien zijn met de programma's Shockwave en Flash.

In zekere zin is dat ook wel prettig. Voor wie niet is aangesloten op breedbandige Internet-systemen als ASDL – en wie is dat nu helemaal – is het kijken naar `gewone' films op Internet, bijvoorbeeld via de Real Player, immers nog steeds een beetje een bezoeking, die ook zelden of nooit recht doet aan de visuele bedoelingen van de maker. En bovendien kan een duidelijke begrenzing van de technische mogelijkheden vaak tot onverwachte resultaten leiden, vooral wanneer de makers een verhaal vinden dat geknipt lijkt voor de mogelijkheden van Shockwave en Flash.

Ik wil u als festivalganger niet in uw stem beïnvloeden, maar vooral geslaagd vind ik The delirium of Dutch Schultz van de Amerikaan Mel Bernstine, een verhaal over een gangster in New York in 1934, waarin het verhaal verteld wordt door archieffoto's die uit de zwarte pagina oplichten. Bernstine heeft ook slim gebruik gemaakt van het gegeven dat je met zijn actieve pagina eigenlijk geen lange geluidsfragmenten kunt laten horen, als je tenminste niet wilt dat het laden van de pagina voor de kijker uren gaat duren. Er draait – ook in beeld – een oude 78-touren plaat met Harlem Jazz rond, die blijft haken op een buitengewoon intrigerende sample.

Natuurlijk is er ook ongein in het festival: Knights of the dinner table, Sarah joins the group van de Amerikaan Andrew Babb bijvoorbeeld, een moeizaam tekenfilmpje over politieke correctheid. En de psychedelica ontbreken evenmin: Rave van het Franse collectief cHmAn Team behelst een bezoek aan een dansfeest, heel ingenieus gemaakt dat wel maar inhoudelijk nogal zwak.

Het begin is er: Rotterdam mag wel uitkijken.

(www.internet-film.org)