`Ons voedsel was nog nooit zo veilig'

In de voedingsindustrie worden door de snelle productie en hoge eisen steeds meer fouten gemaakt. Volgens onderzoeks- instituut TNO is dat geen bedreiging voor de volks- gezondheid. ,,Iedereen wil topproducten maken en de kleinste afwijking wordt als productschade aange- merkt.''

,,Fouten in de voedingsproductie komen veel meer voor dan de mensen denken'', zegt Hans Verhagen, afdelingshoofd voedingsanalyse van TNO. Jaarlijks melden ongeveer 150 bedrijven zich bij TNO met een `productschade'. Er is dan iets fout gegaan met een voedingsmiddel en het bedrijf wil van TNO weten wat.

Verhagen ziet de laatste jaren het aantal fouten stijgen. Reden daarvoor is in de eerste plaats dat de kwaliteitseisen voor voedingsproducten hoger zijn dan voorheen. Verhagen: ,,Iedereen wil topproducten maken en de kleinste afwijking wordt al als productschade aangemerkt.'' Daarbij is de productiesnelheid enorm verhoogd en vragen de marketingafdelingen continu om nieuwe producten.,,En bij veranderingen kunnen nu eenmaal ongelukken gebeuren'', aldus Verhagen.

Productaansprakelijkheid is volgens hem een andere reden voor bedrijven om alerter te zijn. Te meer omdat de consument een stuk kritischer is geworden. Verhagen: ,,Consumentenorganisaties hebben veel aandacht voor de kwaliteit van voedingsproducten en ook de pers heeft ontdekt dat voedselschandalen voorpaginanieuws opleveren.''

Afgewerkte olie in het kippenvoer, glassplinters in het bier, ontsmettingsmiddel in de babyvoeding of zeepsop in chocolademelk, dat zijn gevaarlijke missers. Maar de meeste fouten vormen geen gevaar voor de volksgezondheid, meent Verhagen. ,,De producent komt er meestal op tijd achter en kan voorkomen dat het product gedistribueerd wordt. Slechts in zo'n 5 procent van de gevallen bereikt een verkeerd product de consument en is een grootscheepse terughaalactie nodig.'' Omdat de meeste productschades vroegtijdig ontdekt en vernietigd worden heeft de consument geen weet van al die ongelukken. ,,En dat hoeft ook niet'', meent Verhagen. ,,Je ziet immers ook niet alle auto-ongelukken in de krant terug.''

De meeste fouten zijn sowieso niet gevaarlijk. Bedrijven consulteren TNO veel met producten die niet de juiste kleur of geur hebben of met een pudding die niet de gewenste stijfheid heeft.

Verhagen vindt het speurwerk fascinerend. Een product bestaat al gauw uit tienduizenden stoffen en er kan enorm veel misgaan. Verkeerde ingrediënten, schimmels, bacteriën, slijpsel van machines, alles wat in het product terecht kán komen, komt er vroeg of laat in terecht. Verhagen:,,Ieder geval is anders. Glassplinters in bier hebben we natuurlijk zo gevonden, met andere gevallen zijn we maanden bezig.''

Zeven dagen per week en 24 uur per dag staan bij TNO mensen klaar om bij een ongeluk uit te zoeken wat er is gebeurt. De laatste weken speurde TNO vooral naar dioxinen in de honderden producten die uit voorzorg van de schappen waren gehaald. ,,Dat is relatief simpel want daarbij weten we wat we zoeken'', zegt Verhagen. Maar in de meeste gevallen is het onderzoek puur detectivewerk. Verhagen:,,Zoeken naar een speld in een hooiberg is er eenvoudig bij. Wij zoeken veelal naar `iets' in een hooiberg, zonder te weten wat en zonder zekerheid dat er überhaupt iets te vinden valt.''Alle moeite van TNO ten spijt heeft de consument weinig vertrouwen in de voedselveiligheid. Uit cijfers van de Europese Commissie blijkt dat 86 procent van de Europeanen zich zorgen maakt over de voedselproductie en dat 80 procent strengere controle wil. ,,Maar als ze dit onderzoek morgen zouden overdoen dan liggen die percentages door alle voedselschandalen waarschijnlijk nog hoger'', zegt A. Jung, directeur-generaal van de European Food Information Council (EUFIC). De EUFIC is speciaal opgericht om het consumentenvertrouwen te herstellen. Dat is een moeilijk proces. Jung: ,,Het kost veel tijd om vertrouwen op te bouwen en het gaat zo weer verloren.'' De EUFIC heeft wat dat betreft wind tegen. ,,We bevinden ons in de paradoxale situatie waarin het vertrouwen van de consument in de voedselveiligheid een dieptepunt heeft bereikt, terwijl het voedsel nog nooit zo veilig was'', aldus Jung.