`Ik wil mijn vrachtwagen terug van de Serviërs'

De NAVO-soldaten houden de situatie in het Westen van Kosovo maar moeilijk onder controle.

,,Ik wil mijn vrachtwagen terug. De Serviërs hebben hem gestolen'', weet Rexhep. Waarom is Rexhep zo zeker van zijn zaak? ,,Nou, mijn vrachtwagen staat daar. Dat blauwe exemplaar is van mij.'' Rexhep wijst in de lange rij Serviërs een aftands vrachtwagentje aan, volgeladen met huisraad. De man achter het stuur kijkt strak voor zich uit. Hij maakt zich, evenals honderden andere Serviërs, op voor de vlucht naar Servië.

Rexhep acht de tijd niet rijp de truck terug te halen. ,,Ben je helemaal gek geworden'', vraagt Rexhep verbaasd. ,,Heb je die Servische agenten wel gezien?'' Hij knikt naar een pantserwagen met daarop in het blauw gestoken Servische politie. Ze dragen spiegelende zonnebrillen, hebben rijen munitiepatronen uitdagend over hun borst hangen en spelen quasi nonchalant met hun geweren. ,,Die mannen vermoorden me.''

Rexhep zit te denken, zegt-ie. ,,Ik moet de NAVO over de diefstal vertellen. Zij halen misschien mijn auto terug.'' Hij wijst nu op een tank, vlak naast de Servische pantserwagen. Op de tank zitten zenuwachtige Duitse soldaten. Prizren en omgeving valt onder Duits NAVO-gezag. De Duitsers nemen voor het eerst sinds 50 jaar deel aan een militaire actie buiten hun eigen grondgebied. Dat valt niet mee. De Servische militairen en agenten laten zich weinig aan de Duitsers gelegen liggen. De weg van Prizren naar de provincie-hoofdstad Priština bijvoorbeeld, valt onder controle van Duitse KFOR-troepen. Maar de Serviërs hebben zondag nog twee journalisten op deze weg doodgeschoten. Hier en daar zijn nog sluitpschutters actief.

Het Kosovaarse bevrijdingsleger, UÇK, trekt zich ook weinig aan van de Duitse NAVO-soldaten. Hun leden rijden gewapend rond in de steden en in de bergen. Het UÇK wil graag samenwerken met de KFOR-troepen, laat een hoge UÇK-militair weten. De stad Prizren is dan ``ingenomen'' door het UÇK, zegt hij zelf. Maar van ontwapening kan geen sprake zijn. Zo dreigt een machtsvacuüm te ontstaan rond Prizren.

``Ik wil hier weg. Snel weg'', zegt Arthur. Hij staat in de rij van de wachtende Serviërs. Sinds gisterochtend staan ze al klaar met hun opgelaten auto's. Toch zijn ze niet vertrokken – bang voor woedende Albanese Kosovaren en het UÇK. Gisteren hebben enkele Serviërs geprobeerd de stad Prizren te verlaten. Ze werden met stenen bekogeld. De Servische inwoners veiligheid bij elkaar gezocht; een honderden meters lange rij van tractoren met aanhangers, auto's, vrachtwagens en een bus staat in het centrum van Prizren. Oude vrouwen spelen op de achterbank hun verhitte en dreinende kleinkinderen.

Bijna drie maanden geleden trokken de Albanese Kosovaren in een soortgelijke stoet richting Albanië. Nu trekken de Servische Kosovaren richting Servië. ,,Ik blijf nog drie à vier dagen weg'', zegt Arthur. Hopelijk wordt zijn huis in de tussentijd niet geplunderd, zegt hij. Aan het einde van de ochtend vertrekken hij en de andere Serviërs, begeleid door Servische politie en Duitse militairen.

Het vertrek van de Serviërs is het startsein voor een wilde middag. Nauwelijks zijn ze vertrokken, of de eerste ruiten gaan aan diggelen. De snackbar was van een cetnik, een paramilitaire leider, weten Kosovaarse jongens. Ze mikken een stormram door de ruit. De Duitsers lijken met te weinig soldaten te zijn om de situatie onder controle te houden. UÇK-soldaten trekken in groten getale uit de heuvels de stad binnen om de vruchten van hun overwinning te plukken. Ze laten zich omhelzen en zoenen en rapen de toegeworpen bloemen op.

Op het pleintje voor de snackbar breekt een chaotisch feest los. Auto's scheuren rondjes om het plein. Naast me graait een man in zijn groene trainingsbroek. Daar blijkt hij een pistool verborgen te hebben. De vreugdeschoten klinken oorverdovend.

Buiten de stad klinkt hevig geweervuur; daar zijn het UÇK en Serviërs in een gevecht verwikkeld, vertelt een UCK'er. Leden van het Kosovo Bevrijdingsleger zouden een gewonde commandant naar het ziekenhuis hebben gebracht; Servische soldaten zouden op hetzelfde moment een patiënt hebben opgehaald. De ontmoeting eindigde in een wilde schietpartij.

We kunnen niet overal tegelijk zijn, zeggen de NAVO-soldaten. Versterkingen worden verwacht.