Bladeren

MINERVA

De omvang van het bruto binnenlands product bepaalt de hoeveelheid vaak geciteerde wetenschappelijke artikelen die een natie voortbrengt. Israel produceert een hoeveelheid van dat soort artikelen die vijf keer zo groot is als de hoeveelheid die verwacht mocht worden op grond van het bbp. In landen als Japan en Italië daarentegen ligt de wetenschappelijke productie ruim zestig procent lager dan wat het bbp doet verwachten.

In Minerva doen Stephen Cole en Thomas Phelang verslag van hun onderzoek naar de wetenschappelijke productiviteit van naties. Ze gebruikten gegevens uit 95 landen, in het bijzonder 21 geïndustrialiseerde, en maakten gebruik van de Science Citation Index. Onder vaak geciteerde artikelen verstaan de auteurs artikelen die in vier jaar vaker dan veertig keer aangehaald worden.

Een van hun bevindingen was dat Nederland op de achtste plaats staat waar het gaat om het aantal wetenschappelijke onderzoekers en het aantal veel geciteerde artikelen, achter landen als de Verenigde Staten, Engeland, Duitsland, Frankrijk, Japan, Canada en Zwitserland, maar voor landen als Zweden, Denemarken, Oostenrijk, Noorwegen, België en Italië. Uit het onderzoek bleek dat de omvang van de bevolking weinig invloed heeft op kwaliteit en kwantiteit van het wetenschappelijk onderzoek.

Ook de omvang van de bevolkingsgroep die hoger onderwijs ontvangt zegt weinig over het aantal wetenschappelijke onderzoekers. In de Verenigde Staten waren in 1989 op een miljoen inwoners ruim 32.000 hogeronderwijs-studenten. Dezen kostten per jaar bijna 15.000 dollar. In Engeland waren er ruim 6.500 studenten op de miljoen inwoners. Voor hen was meer dan 20.000 dollar per persoon beschikbaar. Amerika produceerde 1.893 wetenschappelijke onderzoekers per miljoen inwoners en Engeland 1.832. Ook religieuze en culturele factoren beïnvloeden de wetenschappelijke productie. Het verband dat Weber indertijd legde tussen protestantse ethiek en de groei van het kapitalisme geldt nog steeds, bevonden de auteurs, in ieder geval in de geïndustrialiseerde landen: hoe meer katholieken een land telt des te minder wetenschappelijke onderzoekers.

Het kwartaalblad Minerva is een uitgave van Kluwer Academic Publishers, Postbus 322, 3300 AH Dordrecht.

RESEARCH POLICY

Het economische herstel in de Centraal-Europese landen is niet gekoppeld aan het herstel van de Research & Development-activiteiten. Er is genoeg aanbod van R&D, maar de kwaliteit van het aanbod en de vraag ernaar vormen een probleem. Uit de ervaring blijkt dat R&D-investeringen en de hoeveelheid octrooien op zichzelf geen economische groei genereren. Daarom is het heel goed mogelijk dat de bestaande relatief gunstige verhouding tussen R&D-activiteiten en economische groei verdwijnt in de Centraal-Europese landen.

Deze conclusie trekken Slavo Radosevic van de Universiteit van Sussex, en Laudeline Auriol van de Organisatie van Economische Samenwerking en Ontwikkeling, OESO, in Research Policy. Ze baseren hun conclusie op een onderzoek naar de herstructurering van wetenschappelijk onderzoek in Hongarije, Polen, de Tsjechische Republiek, Slowakije, Roemenië, en Rusland. In hun onderzoek maken ze gebruik van gegevens van de OESO.

Uit het onderzoek blijkt onder andere dat de kwaliteit en de kwantiteit van R&D in de betrokken landen op een niveau ligt tussen dat van de ontwikkelde EU-landen en de minder ontwikkelde als bijvoorbeeld Griekenland. Dat is het gevolg van de situatie die dateert uit de socialistische periode toen de onderzochte landen relatief veel meer in R&D investeerden dan geïndustrialiseerde niet-communistische landen, omdat het officiële beleid wetenschap en technologie zag als een directe productiefactor. Hoewel de situatie na de overgang verslechterde, stabiliseerde ze zich in de jaren 1994 en 1995.

In de Tsjechische Republiek en Slowakije is het financiële aandeel van de industrie in R&D nog steeds hoger dan gemiddeld in Europa, terwijl van die redelijk gunstige situatie zo weinig is terug te vinden in de economische groei. Volgens de auteurs komt dat omdat betrokkenen er onvoldoende in slagen om R&D-resultaten om te zetten in producten die de markt op kunnen, en omdat de sociale structuur ontbreekt die nodig is om technologische vermogens om te zetten in economische groei.

Research Policy is een uitgave van North Holland, Elsevier Science BV, Postbus 211, 1000 AE Amsterdam.

www.elsevier.com

TECHNOVATION

In centraal geleide economieën werd en wordt vaak gedacht dat het verband tussen technologie, innovatie en economische groei lineair is, zegt Joanna Chataway van de Open University in Engeland in het blad Technovation. Dat heeft alleen maar geleid tot scheiding tussen technologie, onderzoek, en industrie, in plaats van integratie. In de voormalige Sovjet-Unie was de industriële sector de grootste werkgever van wetenschappelijke onderzoekers. De ondernemingen konden daar niet van profiteren omdat de onderzoeksinstellingen niet ondergebracht waren bij de ondernemingen, maar bij diverse ministeries.

Hoewel de oude structuur dus niet voldeed in de oude situatie en nog minder in de huidige omstandigheden vormen de wetenschappelijke en technische vaardigheden een van de sterkste punten van de Centraal-Europese landen. Het grootste probleem in een land als Polen is dat de financiering van wetenschappelijk onderzoek en technologische innovatie voor tachtig procent in handen is van academici die wars zijn van commercialisering. Ze hebben wel de taal van de economische hervormingen overgenomen, maar niet de houding. De overdracht van technologie tussen wetenschap en economie komt niet tot stand omdat de netwerken die daarvoor nodig zijn ontbreken. Liberalisering en privatisering alleen zijn niet voldoende.

Het maandblad Technovation is een uitgave van Pergamon, Elsevier Science BV, Postbus 211, 1000 AE Amsterdam.