`Verlengde proeftijd ondermijnde mijn gezag'

In maart 1997 begon Rudolf Koelman `dolgelukkig' als concertmeester van het Concertgebouworkest. Maar in oktober vorig jaar kondigde Koelman alweer zijn vertrek aan. Gebrek aan openheid en een verlengde proeftijd knakten zijn motivatie.

,,Moet je voorstellen wat een gevoel van triomf: ik had proefgespeeld en gewonnen! Na afloop zat ik in het kantoor van directeur Willem Wijnbergen. Hij zei: `Jij gaat dit proefcontract binnen 24 uur ondertekenen, anders hebben we zo tien anderen.' Wat moet je daar nou op zeggen? Ik was toch eerlijk gekozen? Ik begreep niet wat dat betekende, maar het gaf meteen al een raar gevoel.''

Afgelopen week soleerde Rudolf Koelman (1959) driemaal bij het Koninklijk Concertgebouworkest in het Vioolconcert van Beethoven. Het zouden zijn presentatieconcerten als nieuwe concertmeester zijn geweest. Maar Koelman schoof al in december vorig jaar voor de laatste maal achter de eerste lessenaar. Hij is inmiddels alweer een half jaar thuis in zijn Zwitserse villa in Winterthur en terug op zijn post als docent aan de Musikhochschule aldaar.

De loopbaan van Rudolf Koelman verliep vanaf het begin ongewoon. Na zijn studie bij Jan Bor, Herman Krebbers en Jascha Heifetz belandde de toen achttienjarige Rudolf Koelman niet in de schijnwerpers maar in de bijstand. Hij week op de bonnefooi uit naar Zwitserland, aangetrokken door de mooie natuur en de rust. Als straatviolist in Bern verdiende hij een riant inkomen en kreeg hij aanbiedingen voor solistische optredens bij professionele orkesten. In 1987 volgde een docentschap in Winterthur.

Het Concertgebouworkest, waar Jaap van Zweden en Viktor Liberman beide vertrokken, vroeg in juni 1996 Koelman voor te spelen voor de functie van concertmeester. Na een proefspel voor vijftig orkestleden en de directie werd hij, samen met de Amerikaan Alexander Kerr, gekozen uit tien kandidaten. Koelman accepteerde, maar hield zijn baan in Zwitserland aan. ,,In het begin dacht ik dat het mee zou vallen de baan als concertmeester te combineren met mijn werk als docent. Als concertmeester werk je tenslotte maar tweeëntwintig weken. Maar de sfeer van het Concertgebouw slokte me helemaal op. Dat fantastische repertoire, het publiek, de zaal met dat rode pluche. Pas bij het slapengaan bedacht ik me dan opeens: `Oja! Ik heb ook nog een vrouw, kinderen en een baan in Zwitserland.' Dat was een absurd gevoel.''

Koelman bleef bij zijn besluit, en vloog met grote regelmaat heen en weer tussen Winterthur en Amsterdam. Een slopende tijd, vertelt hij. ,,Maar ik voelde een financiële verantwoordelijkheid tegenover mijn gezin. En ik wilde niet al tijdens mijn proeftijd mijn Zwitserse baan opgeven.

,,In beginsel gaf het orkest me een proeftijd van een jaar. Daarna zou een vast contract volgen. Maar drie dagen voor mijn vaste aanstelling zou ingaan, werd mijn proeftijd plotseling met een jaar verlengd. Dat ondermijnde mijn gezag in het orkest ontzettend. Ik voelde me niet meer prettig in mijn positie.

,,De oorzaak van die verlengde proeftijd school ondermeer in het feit dat drie of vier collega's aanmerkingen hadden op mijn prestaties. Als ik dat eerder had geweten, had ik er wat aan kunnen doen. Ik leer graag. Maar deze kritiek kwam mij pas na een jaar ter ore. Dat vind ik jammer. Je kunt elkaar toch ook op een constructieve, open manier bekritiseren?''

Met de komst van de nieuwe directeur Jan Willem Loot kwam er beweging in de situatie. In augustus vorig jaar ontving Koelman een brief met excuses en de mededeling dat hij sinds maart 1998 met terugwerkende kracht een vaste aanstelling had. Koelman: ,,Die brief kwam te laat. De wind was bij mij toen al uit de zeilen. Mijn motivatie was op. In de moeilijke, onzekere maanden had ik mijn leven in Zwitserland weer opgebouwd. Ik merkte dat ik daar zeer geliefd ben, en daar komt dan ook nog bij dat ik als docent in Winterthur meer verdien dan als concertmeester in Amsterdam.

,,Begrijp me goed, ik vind deze afloop doodzonde en ik was veel liever nog een paar jaar concertmeester gebleven. Maar dan had het vanaf het begin anders moeten lopen. Ik schuif daarbij niet alle schuld af. Ik werd benaderd terwijl ik al een loopbaan in het buitenland had opgebouwd. En dan stel je toch bepaalde eisen.''

Voor Koelmans opvolging zijn er drie kandidaten. Vesko Eschkenazy, nu concertmeester van het Nederlands Philharmonisch Orkest, Peter Brunt, concertmeester van het Nieuw Sinfonietta, en een nog niet met name genoemde violist uit Italië. Zij worden over twee weken als concertmeester in het orkest uitgeprobeerd.

Koelman: ,,Ik geloof wel dat dit de beste oplossing is. Ik kijk terug op een heel leerzame periode, en ik weet ik nu dat ik lesgeven absoluut leuker vind dan concertmeester zijn. Als docent kan ik veel persoonlijker met mensen bezig zijn en zelf bouwen aan de muziek. Dat geeft me heel veel voldoening.''

Rudolf Koelman geeft 24, 25 en 26/6 masterclasses aan het Sweelinck Conservatorium Amsterdam. Info: (020) 5712500. Op 26/6 soleert hij in de Kleine Zaal van het Concertgebouw in Herfst en Winter uit Vivaldi's Vier jaargetijden met het Nederlands Jeugd Strijk Orkest. Reserveren: (020) 6718435.