Terug

Het is nooit leuk om met schuldgevoel op vakantie te gaan. Wroeging knaagt als een muis achter de façade van het plezier. Steeds weer dezelfde pijnlijke vragen. Hadden we het haar eigenlijk op haar leeftijd wel mogen aandoen? Wordt er goed op haar gepast? Zal ze haar pilletjes wel slikken uit vreemde hand? Wat gebeurt er als ze plotseling een beroerte krijgt?

Nee, ik heb het niet over mijn oude moeder. Die kan zich nog wel redden. Zij heeft tafeltje-dekje, een lieve bovenbuurvrouw en een attente zoon bij de hand. Ik heb het over mijn poes, óók een stokoude dame, maar veel kwetsbaarder. Zij leeft op een uitgekiend nierdieet, waarvan de balans fataal verstoord kan worden als er te veel oneigenlijke ingrediënten aan worden toegevoegd. Maar die ingrediënten zijn wél noodzakelijk om haar dat smerige dieet te doen opeten.

Zoals je voor een kind de bittere pil verguldt met wat vanillevla, zo slikt mijn poes haar levensreddende dieet alleen als het doordesemd is van Sheba, door menige kat beschouwd als de biefstuk onder het kattenvoedsel. (Om misverstanden te voorkomen: dit stukje wordt niet mogelijk gemaakt door de Sheba-fabrikant. Ik vertel, als altijd, de naakte waarheid.)

Mijn kat neemt nooit genoegen met één soort Sheba, want dat zou te saai worden. Na veel gezeur, gekieskauw en zelfs keiharde weigeringen heeft ze ons tot een uitgebreide menukaart gedwongen, waarop afwisselend vermeld staan: Sheba met brokjes kip en lam in saus (bouchées au poulet et à l'agneau en sauce), Sheba met stukjes kip en kalkoen in saus (sauté au poulet et à la dinde) en Sheba met zalm (terrine au saumon). Geven wij per abuis een te droge paté van Sheba, dan wordt onmiddellijk de gerant naar de etensbak gemiauwd en dreigt de hele zaak op stelten te worden gezet.

Hoe breng je al deze verfijningen in de omgang tussen twee mensen en één dier op een buitenstaander over? Het is een onmogelijke opgave. Je doet wat je kunt, maar diep in je hart weet je hoe gemakkelijk de misverstanden kunnen toeslaan.

Ach, ik laat haar toch maar even op het balkon, denkt de kattenoppas straks.

Nee, in godsnaam! Mijn poes mag niet meer buiten. Ze is zo doof als een dooie kwartel en ze kan zich niet verdedigen.

Na een week vol angstvisioenen op je vakantieadres durf je nauwelijks meer thuis te komen. Daar knarst de sleutel in het slot. Geen kat te zien. Op naar de woonkamer. Ah, daar is ze, in diepe slaap. Tien minuten later ontwaakt ze, knipoogt meewarig, groet kort, maar niet onvriendelijk en loopt bedaard naar het menu van de dag.