Nederland wil geld Aruba en Antillen anders verdelen

Nederland meent dat zijn financiële hulp aan de Antillen en Aruba lang niet effectief genoeg wordt gebruikt. Het kabinet wil daarom de huidige steunverlening, door middel van het financieren van projecten, beeindigen.

Den Haag is voornemens de bijdrage te storten in fondsen, die worden beheerd en verdeeld door een onafhankelijke instantie op de eilanden, bijvoorbeeld een ontwikkelingsbank. De totale hulp, inclusief de bijdrage aan de rechtshandhaving, bedraagt in 1999 ruim 250 miljoen gulden.

Dat staat in de beleidsnota `Toekomst in samenwerking', die staatssecretaris Gijs de Vries (Koninkrijksrelaties) vandaag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. De bewindsman van de VVD schrijft dat de nieuwe werkwijze (,,een programmafinanciering'') ,,de zelfredzaamheid van de Antillen en Aruba bevordert''. ,,De regeringen zullen hun eigen verantwoordelijkheid waar moeten maken'', voegt hij daaraan toe.

Voordat de nieuwe samenwerking kan beginnen, moeten de Antillen en Aruba aan enige voorwaarden voldoen. De belangrijkste daarvan is ,,een goede kwaliteit van bestuur''. Aruba beschikt daar goeddeels over en daarom zal de werkwijze daar per 1 januari van het jaar 2000 van start gaan, aldus De Vries.

De Nederlandse Antillen zijn volgens de staatsecretaris nog niet zo ver. ,,Het ontbreken van een duurzaam financieel-economisch beleid van de regering van de Nederlandse Antillen is een voorbeeld van een ontwikkeling die haaks staat op de kwaliteit van het bestuur'', schrijft De Vries.

Behalve de kwaliteit van bestuur (`good governance', staat er herhaaldelijk geschreven) krijgen twee andere beleidsterreinen prioriteit in de beleidsnota `Toekomst in samenwerking': een duurzame economische ontwikkeling en het onderwijs. De Vries vertrekt vanmiddag naar `De West' om de nota toe te lichten.