`Kennisnet goed voor onderwijs'

Het Kennisnet, een computernetwerk dat scholen onderling verbindt, kan een belangrijke impuls geven aan de invoering van computers in het onderwijs. Voorwaarde is wel dat de scholen hiervoor voldoende geld krijgen. Ook moeten de docenten tijdig geschoold worden en moet er goede educatieve software beschikbaar zijn. Dit schrijft de Onderwijsraad in zijn advies over de computerplannen van minister Hermans (Onderwijs).

Volgens de Onderwijsraad is een aansluiting op het Kennisnet, dat toegang geeft tot bibliotheken, musea en `gekuiste' delen van Internet, te verkiezen boven een rechtstreekse aansluiting op internet. Op het kennisnet is de informatie toegankelijker voor de scholieren. Bovendien kunnen scholen ongewenste informatie weren.

Een belangrijke voorwaarde is wel dat docenten geschoold worden in het gebruik van informatie- en communicatietechnologie (ICT) in het onderwijs. Daarvoor moeten goede afspraken in de verschillende onderwijs-CAO's worden vastgelegd. Deze scholing mag volgens de Onderwijsraad niet vrijblijvend zijn. Verder is de aanwezigheid van voldoende, geschikte educatieve software belangrijk, die aansluit bij de behoefte van scholen.

Daarnaast moeten scholen over voldoende geld beschikken om computers in het onderwijs in te voeren. De Raad voorziet dat het bedrag van honderd gulden per leerling per jaar dat Hermans beschikbaar wil stellen voor ICT onvoldoende is. Scholen moeten immers het beheer van de computers, de aanschaf of vervanging van apparatuur en de scholing van de docenten van dat geld betalen.