De Kroeg van Van der Ploeg

De commotie over Van der Ploegs knuppel in het gesubsidieerde hoenderhok loopt behoorlijk op. Zo zelfs dat in het toch zo keurige NPS-programma Cultuur en Media van afgelopen woensdag op Radio 1 een allochtone danskenner het balletcircuit bestempelde als mafia-cultuur omdat allochtonen daar te weinig aan de bak zouden komen. En dat is niet helemaal terecht en bovendien beledigend, want ik kan me niet voorstellen dat er ook maar één mafia-organisatie ter wereld is die een enorm potentieel zo over het hoofd ziet als onze nationale cultuurbonzen de laatste 20 jaar met onze minderheden hebben gedaan.

Zo werden er begin jaren '80 door de Gemeente Amsterdam goedbedoelde pogingen ondernomen om de allochtonen uit hun culturele isolement te halen. Tonnen werden uitgegeven aan allerlei oubollige projecten waar niets van terecht kwam. Maar gek genoeg was er in diezelfde tijd op de Lijnbaansgracht door een particuliere horeca-ondernemer een schemerig muziekcafé onder de naam De Kroeg geopend waar zonder een cent overheidssubsidie en zonder bemoeienis van wat voor commissie dan ook nu net alles gebeurde wat men zo graag wilde. Een zeer gemêleerde kleurrijke klandizie afkomstig uit alle windstreken, iedere avond gevarieerde live-muziek van jazz tot Afrikaans en op bepaalde avonden spannende sessies waaraan alle denkbare groeperingen van de allochtone en autochtone Amsterdamse muziekscene broederlijk meededen.

In korte tijd werd De Kroeg dan ook een begrip en ondanks dat het er altijd te warm was omdat de airco niet werkte, de kakkerlakken soms over de bar liepen en de geluidsinstallatie het minstens drie keer per avond liet afweten, werd de broeierige pijpenla die het nou eenmaal was een schoolvoorbeeld van soepele integratie en culturele samensmelting.

Je zou verwachten dat de overheid en de culturele instellingen wel een kijkje kwamen nemen naar dit kleine wonder. Nou, die overheid kwam wel, maar dan in de gedaante van De Brandweer die alles begon af te keuren en De Politie die overijverig illegale musici wilde opsporen. En het duurde ook niet lang voor De Belastingdienst binnenkwam en administratief onredelijke eisen begon te stellen.

Uiteindelijk kwam Burgemeester Van Thijn zelf ook nog even langs, maar dan wel aan het hoofd van een stel opgefokte buurtbewoners die over geluidsoverlast hadden geklaagd.

De eigenaar van De Kroeg raakte zijn vergunning kwijt en werd op last van de gemeente opgezadeld met torenhoge verbouwingskosten. En toen werd ook pijnlijk duidelijk hoe open de Amsterdamse Cultuurbonzen staan voor de multiculturele samenleving. Een smeekschrift aan de subsidieverdelende Amsterdamse Kunstraad werd afgewezen omdat het hier een commerciële instelling zou betreffen. De Programmaraad van de Stichting Jazz in Nederland, die ook best wat overheidsgeld in Amsterdam te verdelen had vond de (jazz)programmering niet grensverleggend en vernieuwend genoeg. De toch wat ruimer denkende Stichting Pop Nederland ontdekte al snel dat De Kroeg niet de door hen zelf bedachte status van `kernpodium' had en hoefde dus maar een heel kort afwijzingsbriefje te schrijven.

Maar de eigenaar, programmeur, barkeeper annex schoonmaker gaf niet zo snel op en stak zich diep in de schuld om aan de eisen van de zo naar multiraciale verbroedering hunkerende Gemeente Amsterdam te voldoen. Het mocht allemaal niet meer baten. Na de heropening bleek de loop er uit, de eigenaar ging failliet en het hele unieke initiatief stierf een stille dood.

Stel nu dat Rick van der Ploeg in die tijd wethouder voor Cultuur geweest was in Amsterdam. Dan zou hij zeker geweten hebben van die ontwikkelingen aan de Lijnbaansgracht, hij zou er zelfs regelmatig geweest zijn. Dan zou hij een eenvoudige verbouwingssubsidie gegeven hebben om aan de kakkerlakken en de ernstigste gebreken wat te doen. Ik heb wel vertrouwen in die Van der Ploeg!