Hof: Namen van berispte advocaten niet openbaar

Berispingen, schorsingen en andere tuchtrechtelijke maatregelen die advocaten opgelegd krijgen, blijven onbekend voor de buitenwereld. De uitspraken in tuchtrechtzaken mogen alleen geanonimiseerd openbaar worden gemaakt. Dat heeft het Gerechtshof in Den Haag deze week bepaald in een civiele zaak die was aangespannen door de stichting Wetenschappelijk Onderzoek Rechterlijke Macht (WORM).

Het hof vindt in navolging van de rechtbank dat de stichting recht heeft op inzage, maar dan alleen geanonimiseerd. De Raden van Discipline, die klachten over advocaten behandelen, zijn openbare lichamen die in het openbaar uitspraken doen en advocaten bijvoorbeeld berispen. In beginsel vormen de uitspraken ,,een openbaar register'', vindt het hof. Klachten kunnen echter betrekking hebben op gedragingen buiten de uitoefening van het werk van de advocaat. Om de persoonlijke levensfeer te beschermen, kunnen de uitspraken daarom niet met naam en toenaam openbaar worden gemaakt. Het hof verwijst hierbij naar het Europees verdrag voor de mensenrechten.

De Goudse jurist P. Ruijs van stichting WORM is teleurgesteld. ,,Wij willen dat er meer openheid komt in de rechterlijke macht. Advocaten beoordelen elkaar in de Raden van Discipline. Soms gaat het zelfs om kantoorgenoten. Dat wilden wij analyseren en aantonen'', zegt Ruijs. De stichting overwoog na inzage ,,een top-100 van grootste kneuzen in de advocatuur'' samen te stellen. Deken P. von Schmidt auf Altenstadt van de Nederlandse Orde van Advocaten is ook teleurgesteld. Hij vindt dat de stichting helemaal geen recht op inzage in de vonnissen heeft. Wel is het volgens hem goed dat het gerechtshof groot belang hecht aan de persoonlijke levenssfeer. ,,Dat kantoorgenoten over elkaar oordelen is onjuist. Daar wordt heel zorgvuldig mee omgegaan, een enkel bedrijfsongeval uitgesloten misschien.''

De stichting WORM is verbolgen over het feit dat een advocaat en een oud-advocaat van De Brauw Blackstone Westbroek, een van de bekendste advocatenkantoren in het land, in deze zaak optraden als rechters van het gerechtshof. Zij zouden er volgens WORM belang bij kunnen hebben gehad de beroepsgroep te beschermen.