Een optie op winst of zekerheid

Met opties kun je risico afdekken. Je kan er extra winst mee behalen. Er kan mee gespeculeerd worden en hoog risico gelopen.

Met geleend geld of zonder onderliggende aandelen is het oppassen geblazen: wie schrijft, blijft niet altijd.

Met beleggen door middel van opties kan het beleggingsrisico worden beperkt of extra winst worden behaald. Het beperken van het risico kan door het kopen van putopties gerealiseerd worden en voor extra winst moeten callopties worden verkocht.

Beleggen in combinatie met opties houdt als het ware in dat het bezit in aandelen uitgebreid wordt. Dit is wat anders dan het kopen of verkopen van opties zonder onderliggend eigen aandelenbezit, wat eerder speculatie genoemd kan worden. Het maximale verlies van gekochte opties is de betaalde premie. Het verlies bij verkochte opties zonder eigen aandelenbezit kan zeer hoog oplopen.

Opties op aandelen vertegenwoordigen het recht om aandelen te kopen of te verkopen. In het geval van een calloptie geeft deze het recht 100 bepaalde aandelen voor een vastgestelde prijs in een bepaalde periode te kopen. Een putoptie geeft het recht 100 bepaalde aandelen voor een vastgestelde prijs in een bepaalde periode te verkopen. Voor dit recht is een premie verschuldigd. Degene die de plicht op zich neemt de bepaalde aandelen te verkopen of te kopen ontvangt de premie.

Degene die zich verplicht de aandelen te leveren verkoopt of `schrijft' een calloptie. Daarmee ontstaat de plicht om per calloptie 100 aandelen te leveren wanneer deze binnen de vooraf bepaalde periode opgevraagd worden.

Degene die zich verplicht de aandelen te kopen verkoopt of `schrijft' een putoptie. Daarmee ontstaat de plicht per putoptie 100 aandelen te kopen wanneer deze binnen de vooraf bepaalde periode aangeboden worden.

Door een verstandig gebruik van het optiemiddel kan men het eigen aandelenbezit beschermen tegen koersdalingen. Men kan daarvoor putopties kopen. Hieraan hangt een prijskaartje in de vorm van de premie die betaald moet worden. De prijs van een putoptie is afhankelijk van de uitoefenprijs, de looptijd, de rentestand en de mate van beweeglijkheid (volatiliteit) van het specifieke onderliggende aandeel en de totale aandelenmarkt.

De looptijden van zowel put- als callopties op aandelen bedragen doorgaans drie, zes of negen maanden. Daarnaast hebben een aantal grote Nederlandse beursfondsen looptijden tot maximaal vijf jaar. De afloopdatum ofwel de expiratiedatum is altijd de derde vrijdag van de maand.

Wie putopties koopt ter bescherming van het onderliggende aandelenbezit betaalt in feite een soort verzekeringspremie. Men is voor die premie verzekerd van het recht de aandelen tegen de vastgestelde koers binnen de afgesproken periode te verkopen en is daarmee verzekerd tegen grote koersdalingen. In het algemeen is het gunstiger een lange looptijd te kiezen.

De premie is dan weliswaar hoger dan voor een korte looptijd, maar de putopties behoeven dan niet steeds opnieuw gekocht te worden. Iedere keer opnieuw kopen betekent ook telkens kosten in de vorm van provisie aan de bank of commissionair. De provisiekosten lopen bij de verschillende instellingen sterk uiteen en zijn tevens afhankelijk van het aantal contracten. De kosten zijn hoger naarmate minder contracten per keer verhandeld worden. Als dit minder dan drie contracten per keer betreft drukken de kosten relatief zwaar op de transactie.

Bescherming van de waarde van het aandelenbezit door middel van gekochte putopties kost een deel van de toekomstige winstpotentie in ruil voor de zekerheid van het behoud van de waarde. Dit is ook de manier waarop clickfondsen veelal hun winst veiligstellen. De putopties worden dan aangeschaft uit de opbrengst van de dividenden. Degene die zelf de aandelen bezit en putopties koopt behoudt uiteraard wel zelf de dividenden.

Clickfondsen hebben een bepaalde looptijd en verschillende niveaus waarop de koerswinst vastgelegd wordt. Dit betekent minder vrijheid en meer kosten dan zelf beleggen in aandelen gecombineerd met gekochte putopties. Bovendien kunnen ook de putopties zelf verhandeld worden tijdens de looptijd als men dat wenst.

Aandelenleaseconstructies werken veelal met gekochte callopties. De premie wordt opnieuw betaald uit de verkregen dividenden en de looptijd staat voor minstens drie jaar vast. Daarnaast werken deze constructies met geleend geld, waarvoor een forse rente verschuldigd is. Sinds 1 januari 1999 is de fiscale aftrek van de rente flink aan beperkingen gebonden. De rente is slechts aftrekbaar voor zover de beleggingen belaste rente- of dividendinkomsten opleveren. Is dit niet het geval dan wordt de rente als zogenaamde consumptieve rente beschouwd. Deze is voor 1999 beperkt tot 5.202 gulden per persoon ( 10.404 gulden per echtpaar). Vanaf 2001 is de aftrek van de consumptieve rente waarschijnlijk in het geheel niet meer mogelijk.

Zeer gevaarlijk is het risico van koersdaling, indien belegd wordt met geleend geld. Men loopt dan de kans dat de aandelen minder waard worden dan de verplichting van de lening bedraagt en dat deze niet meer volledig wordt gedekt door het onderliggende aandelenbezit. Men kan ook zelf een constructie opzetten door eigen spaargeld op een renterekening aan te houden en met een klein gedeelte langlopende callopties te kopen. Daarbij wordt hoogstens het risico gelopen dat de betaalde premie voor de callopties geheel verloren gaat. Het verlies is in dat geval overzichtelijk.

Een andere mogelijkheid is het kopen van de aandelen en op dit bezit callopties te verkopen. Men neemt hierbij de plicht op zich om per calloptie, waarvoor een premie is verkregen, 100 bepaalde aandelen binnen de afgesproken periode tegen de vastgestelde koers te leveren. De premie die men ontvangt zal lager zijn naarmate de looptijd korter is en de koers waarop geleverd moet worden verder boven de actuele koers ligt. Als de koers van de onderliggende aandelen onder de afgesproken koers ligt zullen de aandelen niet opgevraagd worden en kan de handeling herhaald worden. De keerzijde van deze actie is een snelle koersstijging, waarbij de aandelen tegen een veel lagere koers dan de actuele beurskoers geleverd moeten worden. In dat geval zou rechtstreekse verkoop van de aandelen meer winst opleveren.

Als de beurskoersen flink schommelen is het risico van leveringen ook groter. Het verkopen van callopties biedt de kans op extra winst, maar tevens de zekerheid van winstmaximalisatie. Als de koers van de geleverde aandelen doorstijgt is de winst voor anderen. Het is daarom verstandig niet op het totale aandelenbezit callopties te verkopen.

Wie opties op het aandelenbezit verkocht heeft kan deze positie door de aankoop van dezelfde opties terugdraaien. De optie kan dan eventueel tegen een hogere uitoefenprijs voor een volgende periode verkocht worden. Dit zijn echter zaken die een meer dan gemiddelde aandacht van de belegger vragen. Opties kunnen dagelijks via de optiebeurs verhandeld worden. De noteringen zijn op teletekst, internet en in dagbladen te volgen.