Beste mountainbiker is geen `piekpersoon'

Bas van Dooren is morgen favoriet voor de titel bij de NK mountainbike in Rhenen. Onlangs won hij zijn eerste wereldbeker- wedstrijd. ,,Klimmen? Het kan me niet zwaar genoeg zijn.''

Mountainbiker Bas van Dooren ziet zichzelf niet als een natuurtalent. ,,Ik heb natuurlijk wel een bepaalde aanleg voor het fietsen.'' De 25-jarige inwoner van Ravenstein is lichtgebouwd, behendig en beschikt over flinke doses doorzettingsvermogen, duurvermogen en discipline. Hij geldt als een allrounder, klimmen is zijn specialiteit.

,,Dat kan me niet zwaar genoeg zijn. Ik wil zoveel mogelijk bergop. Op het vlakke door de modder rijden is niet mijn sterkste punt en het afdalen beheers ik bovengemiddeld. In de afdaling neem ik niet te veel risico. Naar beneden toe rijd ik op safe.'' Die rij-eigenschap weerspiegelt zich ook in zijn karakter. ,,Ik ben een vrij stabiel persoon. Dalers hebben een explosiever karakter. Die hebben ook een splijtende demarrage in huis.''

In het mountainbiken gaan vrijwel alle vergelijkingen met het wielrennen op de weg mank. Ploegenspel, hulp van knechten? Mountainbikers doen hun smerige werk vooral naast de verharde weg onder het motto `ieder voor zich en God voor ons allen'. Een lekke band? Zelf repareren om vervolgens ongeveer twee minuten lang je concurrenten voorbij te zien rijden.

,,In het mountainbiken kunnen ploeggenoten niks voor elkaar betekenen'', zegt Van Dooren. ,,Iemand uit de wind houden of even een gaatje dicht rijden, dat gaat bij ons niet op. De sterkste wint, zo eenvoudig is het.'' Afgelopen zondag, bij een wedstrijd in Lichtenvoorde in de topcompetitie, was Van Dooren de sterkste. Na Bart Brentjens is hij de tweede Nederlander die in het `bergfietsen' internationaal op het hoogste podium heeft gestaan. Onlangs won hij in het Engelse Plymouth voor het eerst een wereldbekerwedstrijd. Daarmee voldeed hij aan de eis van NOC*NSF voor uitzending naar de Olympische Spelen van volgend jaar september in Sydney.

Drie jaar geleden stond de Brabantse mountainbiker voor de televisie in zijn ouderlijke woning in Ravenstein nog te springen van vreugde toen Brentjens in Atlanta de eerste olympische kampioen in de geschiedenis werd. Een jaar voor de Olympische Spelen in Sydney is Van Dooren zelf een kanshebber om de regenboogtrui van zijn provinciegenoot over te nemen. Veel van zijn collega's verkenden het olympische strijdperk al. Van Dooren kent het olympische mountainbike-parkoers alleen van verhalen en van de video-opnamen die de bondscoach er maakte. Een wedstrijd in Australië en daarmee een gelegenheid het olympische parkoers aan den lijve te ondervinden, liet Van Dooren begin dit jaar aan zich voorbijgaan. Sydney stond een week na een wedstrijd in San Francisco op het programma, maar uit vrees dat de reis rondom de wereld ten koste zou gaan van zijn daaropvolgende wereldbekerwedstrijden in Europa, deden Van Dooren besluiten van de VS terug naar Nederland te vliegen.

,,Voor de Spelen in Atlanta is bij Berg en Dal het olympische parkoers nagebouwd'', zegt Van Dooren. ,,Daar zouden we het afdalen en het klimmen kunnen trainen. Wat het makkelijker maakt is dat er geen extreme onderdelen in het parkoers in Sydney zitten.''

Nederlands beste mountainbiker, 59 kilo zwaar en 1,72 meter lang, voetbalde en tenniste in zijn jeugd een beetje. Tot een bejaarde duivenmelker, lid van de plaatselijke wielerclub en een kennis van vader Van Dooren, die ook duiven houdt, hem als veertienjarig ventje aanraadde eens mee te gaan fietsen. Een jaar later legde Van Dooren met verbazingwekkend gemak op de racefiets 200 kilometer lange toertochten als Luik-Bastenaken-Luik en de Ronde van Vlaanderen af. Een wegrenner leek geboren. ,,Maar die rondjes rond de kerk vond ik maar niks. Die klassiekers waren veel leuker, maar daar kom je als nieuweling niet aan toe.''

Van Dooren trok er eind 1992 ,,voor de lol'' met een mountainbike op uit. Dat beviel zo goed dat hij een jaar later een licentie aanvroeg. Hij kwam terecht in de ploeg van een fietsenmaker uit het nabijgelegen Heesch en rijdt daar nog steeds. De ploeg kreeg een naam, Be One, gelieerd aan Batavus, en groeide uit tot een internationale formatie, waarvan sinds 1995 ook de Zeeuwse ex-wegrenner en regerend Nederlands kampioen Patrick Tolhoek deel uitmaakt. ,,Wat het mountainbiken betreft heeft Patrick meer van mij geleerd, maar ik leerde ook veel van hem'', zegt Van Dooren. ,,In die tijd was ik niet zo topsportminded; lang leve de lol was mijn motto toen nog. Overdag op bed liggen, daar had ik nog nooit van gehoord. Ik moest meer rusten. Iets anders wat hij me leerde is dat je goed op je gewicht moet letten. Met dat soort adviezen heb ik mijn voordeel gedaan.''

Eén ding wil Van Dooren voor de Olympische Spelen van 2000 nog onder de knie krijgen: pieken. ,,Ik ben iemand die lang constant op een hoog niveau kan presteren, maar ik ben geen piekpersoon, zoals Brentjens en Tolhoek.'' Zijn eerstvolgende `piekoefening' is het NK, morgen vanaf half drie in de heuvels bij Rhenen. Tot genoegen van Van Dooren speelt de strijd zich af op een zwaar parkoers. Een van de zwaarste van Nederland.