Niet bij vlees alleen

Net nu seks zich heeft bevrijd van ideologische bijbedoelingen, proberen sommigen er weer een morele betekenis aan te geven. Deel 23 in Bas Heijne's serie in het laatste jaar van het millennium.

De aanval blijkt de slechtste verdediging. De organisatoren van de fototentoonstelling Attack! die in het kader van het Holland Festival in Arti te zien is, tonen zich verongelijkt nu de politie de foto Father and Son van Walter Chapell in beslag heeft genomen. De titel van de tentoonstelling en de persberichten zoeken de confrontatie, maar nu er tot de tegenaanval wordt overgegaan trekt men zich schielijk terug in het eigen bastion. Er zouden grenzen afgetast worden van wat toelaatbaar is, de grens tussen kunst en porno, de spanning tussen verbeelding en realiteit maar dat moest blijkbaar niet al te letterlijk genomen worden. De foto van een naakte man met erectie en een klein jongetje tegen zijn borst moet plotseling als heel braaf gezien worden: de foto is bijna veertig jaar oud, is allang overal te zien geweest, staat afgedrukt in tientallen fotoboeken. De pik van de man de mij onbekende fotograaf Walter Chapell raakt zijn zoontje niet aan en de fotografe is de moeder en echtgenote. Het is allemaal juist heel teder en huiselijk, en bovendien is het kunst, geen kinderporno.

Maar als de foto niet schokkend is, wat doet hij dan op deze tentoonstelling? En als je hem als kunst moet beschouwen, waarom spreekt iedereen dan alleen maar over de man op de foto en niet over de kunstenares, de vrouw die de foto maakte?

De foto is geen kinderporno - dat ziet een kind. Hij mist eenvoudigweg de directe prikkeling die iedere pornofoto nastreeft. Onmiskenbaar lichamelijk is hij wel (je ziet geen gezichten) en ook erotisch, maar de seksuele spanning richt zich niet op het jongetje op de borst van de vader. De onbewuste kinderwereld wordt niet aangetast door het seksuele bewustzijn van de man met de erectie.

De enigen die willen prikkelen, zijn de organisatoren van Attack!. Zij bedienen zich van een belegen op-het-scherp-van-de-snede-retoriek het woord paroxisme valt voortdurend waardoor de foto's waarop seks een rol speelt een ouderwets ideologisch tintje krijgen. Seks is subversief, dus hoe extremer de seks, hoe subversiever die wordt. En helemaal opwindend gevaarlijk wordt het wanneer de grenzen tussen kunst en porno worden afgetast.

Alsof die grenzen niet al uitentreuren zijn afgetast! De seksuele emancipatiebewegingen van de jaren zestig en zeventig stonden een bevrijde seksualiteit voor, seks die waardenvrij was. Zolang dat ideaal nog niet verwezenlijkt was, zolang er nog taboes te doorbreken vielen, kregen afbeeldingen van seks vanzelf iets idealistisch. Wie zich bloot liet zien, pleegde een daad van verzet; wie in een zaaltje van meer dan 49 stoelen naar de Amerikaanse zuig- en slikfilm Deep Throat keek, diende tegelijk een hoger doel.

De seksuele hervormers hebben seks uit het christelijke raamwerk van huwelijk en voortplanting, schuld en schaamte bevrijd. Ze hebben de seks ontkerstend, als het ware. Vervolgens werd ze, net als alles in onze maatschappij, ook ontideologiseerd. Nu de seksuele emancipatie is voltooid, heeft seks ook zijn maatschappelijke betekenis verloren. Wie zich bloot laat zien, is nu gewoon weer bloot. De daad is niet langer een daad van verzet, maar gewoon de daad.

De verbeelding van die betekenisloze seks valt toe aan de pornografie. Die maakt haar onpersoonlijk en mechanisch. Dat is nu eenmaal de aard van de pornografie: die is zuiver gericht op de seksuele handeling, niet op de mensen die het doen. En porno is ook niet langer subversief: je hoeft 's avonds maar even langs de de commerciële zenders te zappen, om doordrongen te raken van het volstrekt gedepersonaliseerde, wezenloze karakter van de `bevrijde' porno. Dat wordt alleen maar versterkt doordat je in die gekuisde televisieversies alleen alle bewegingen ziet, niet de penetratie zelf. Het is een soort perpetuum mobile van pompend vlees.

Daar valt slecht mee te leven. De pornofilm als resultaat van een flinke eeuw seksuele emancipatie, dat blijkt meer nachtmerrie dan droom. Seks kan niet zonder betekenis, zonder de meerwaarde van onze verbeelding. Vandaar dat hier en daar manmoedig pogingen worden ondernomen seks weer transcendent te maken.

Niet bij vlees alleen: New Age-adepten verklaren de seksuele daad weer `heilig', een bezielde bezegeling van het verbond tussen man en vrouw. Post-feministen pleiten voor een nieuwe kuisheid, om de daad zo weer tot iets heel bijzonders te maken. En er zijn jonge mannen, zo bleek een paar weken geleden uit een omslagverhaal in Vrij Nederland over bewust onveilige seks, die juist in de meest betekenisloze seks denkbaar, de anonieme seks, de bijkans religieuze ervaring van de liefdesdood zoeken.

En dan zijn er de ideologische nostalgici, zoals de organisatoren van Attack!, die zich krampachtig blijven vasthouden aan de seks als dolkstoot in het hart van de maatschappij, die eindeloos grenzen blijven verkennen en in een gefotografeerde stijve pik een revolutionaire daad blijven zien.

Maar zoals op alle gebieden van onze cultuur, laat bevlogenheid zich ook in de seks slecht organiseren. Zoals heroplevend religieus gevoel in de praktijk maar tot heel weinig echte religie leidt, zo verzanden de meeste pogingen om seks in onze cultuur weer een idealistische betekenis te geven in potsierlijke krampachtigheid en prekerige gemeenplaatsen. In hun pogingen de seksualiteit weer op de pornografie te heroveren, grijpen de meeste pleitbezorgers van bezielde seks weer naar de moraal. Zijn we niet te ver gegaan? Wordt het niet tijd voor nieuw fatsoen?

Dat lijkt me een misverstand. Het gaat er niet om seks weer onzichtbaar te maken, maar om haar weer menselijk te maken. Dat kan alleen de kunst. Hedendaagse kunstfotografen die seks afbeelden zoals Andres Serrano bijvoorbeeld zijn niet bezig met het doorbreken van taboes. Hun doel is niet te laten zien wat niet gezien mag worden, ze zijn niet uit op een verbond van kunst met de pornografie. Extreem betekent voor hen niet bevrijd.

Integendeel, de foto's van Serrano zijn in wezen anti-pornografisch, omdat de fotograaf wil wat porno nu juist niet wil: de seks verpersoonlijken. De mensen op zijn foto's, vaak verwikkeld in extreme seksuele situaties, zijn tegelijk personages, individuen, mensen met een gezicht.

Dàt schokt, niet zozeer de seksuele handeling die in de legale porno-industrie al op honderdduizenden manieren verbeeld is en voor iedereen beschikbaar die zich door het kralengordijn van de seksshop waagt.

Het is daarom goed dat gewone speelfilms tegenwoordig meer onverhulde seks bevatten. Tot nu toe blijft dat beperkt tot kunstzinnige films als La vie de Jésus, maar waarom bijvoorbeeld geen mooie penetratie in het speelse liefdesdrama Shakespeare in Love? Waarom geen remake van Gone with the Wind, waarin we zien hoe Rhett Butler en Scarlett O'Hara lichamelijk hun hartstocht vieren? Wat dat betreft zijn er nog veel grenzen te verkennen.