Geld maakt geld, staal veel minder

Met een belegd vermogen van negen miljard gulden kan het pensioenfonds van Hoogovens het moederbedrijf wel twee keer kopen. Of een meerderheidsbelang nemen in de nieuwe combinatie van Hoogovens en British Steel.

De stille kracht van het pensioenfonds typeert de omkering van de traditionele waarden. Geld maakt geld, staal maken maakt veel minder. De meeste pensioenbeheerders hebben als belegger de afgelopen jaren superrendementen behaald. Dezelfde beleggers waarderen een bedrijf als Hoogovens, dat heel gevoelig is voor de eb en vloed van de economie, zo laag dat het pensioenfonds rijker is dan het eigen bedrijf.

Het Hoogovens pensioenfonds zal zich niet massaal op aandelen van het concern storten. Het mag niet, maar het zou ook slecht beleggen zijn. Alleen beleggers die de staalcycli goed kunnen timen en aandelen rap kopen en verkopen verdienen geld met handel in aandelen Hoogovens.

Het pensioenfonds heeft weinig aan Hoogovens, maar Hoogovens heeft veel aan het fonds, dat, zoals de wet voorschrijft, wordt bestuurd door vertegenwoordigers van werkgever en werknemers. De verhouding tussen het vermogen van het fonds en de pensioenverplichtingen (de zogeheten dekkingsgraad) is een formidabele 149 procent. Met die rijkdom kan het bestuur van het fonds aan werkgever Hoogovens jaarlijks een korting op de pensioenpremies geven van vijftig procent. En enkele jaren geleden hoefde Hoogovens helemaal geen premie te betalen, maar spraken werkgever en werknemers af dat het vrijkomende bedrag gebruikt zou worden voor de financiering van een sociaal plan.

In het jaarverslag over 1998 zegt het fonds onder meer dat de pensioenpremie nauwer gekoppeld zal worden aan de dekkingsgraad. Dat kan maar een ding betekenen: lagere of misschien zelfs wel geen premies. Dat tikt direct door in de winst van Hoogovens. Een halvering van de pensioenpremie levert Hoogovens zo'n 50 miljoen gulden nettowinst op. Dat betekent een extra waarde op de beurs van de aandelen van 450 miljoen. Helemaal geen pensioenpremie betalen levert het dubbele op. De beurswaarde is nu 3,8 miljard gulden.

Heeft dit appeltje voor de dorst wel voldoende meegewogen bij de waardering van Hoogovens in de combinatie met British Steel? De aandeelhouders Hoogovens krijgen in de nieuwe combinatie 38 procent tegen 62 procent voor de Britten. De inbreng van Hoogovens wordt daarmee hoger gewaardeerd dan de beurskoersen voor de publicatie van de plannen aangaven. Maar moet de inbreng van Hoogovens gezien het winstpotentieel in het pensioenfonds niet nog hoger zijn? Het fonds is meer dan een pensioenvoorziening geworden. Het is een profit center ten bate van werknemers (sociaal plan) en werkgever (premieverlaging).

De directie en commissarissen van Hoogovens zijn uiteraard content met wat zij uit de onderhandelingen hebben gesleept. Ook de aluminiumactiviteiten blijven behouden en topman F. van Duyne wordt co-directievoorzitter. Of waren dat weggevertje van British Steel toen de strijd om de structuur van de nieuwe onderneming gestreden was. Hoogovens British Steel wordt Brits, niet Nederlands. En dat is een verschil van dag en nacht voor het bedrijf en met name voor zijn werknemers.

Nu ligt de macht bij Hoogovens bij de raad van commissarissen, die de directie controleert en expliciet de belangen van alle betrokkenen moeten afwegen, niet alleen die van de aandeelhouders. De commissarissen kiezen hun eigen opvolgers, maar de aandeelhouders en de ondernemingsraad mogen kandidaten aanbevelen. De meeste concerns hebben geen of hooguit een werknemerscommissaris. Bij Hoogovens geldt de afspraak dat twee (van de tien) commissarissen op voordracht van de ondernemingsraad worden benoemd. Het weerspiegelt de kern van het Rijnlandse model: samenwerking boven strijd.

Dat verdwijnt straks allemaal. Een Britse board of directors zit daar voor het belang van de eigenaren, de aandeelhouders. De chairman is een van de boegbeelden van de onderneming tegenover analisten en vermogensbeheerders in de Londense City. Hij heeft intensiever contact met de topmanagers dan een president-commissaris in Nederland. M. Tabaksblat, de nieuwe chairman van Reed Elsevier, kost het voorzitterschap bijvoorbeeld twee dagen in de week. Bij de nieuwe staalcombinatie is de chairman afkomstig van British Steel.

De twee werknemerscommissarissen van Hoogovens komen niet in de nieuwe board. Hun rol is voor Britse begrippen onmogelijk. In Engeland is strijd steeds het wezenskenmerk geweest van de sociale verhoudingen. Niet overleg. De drie Hoogovens commissarissen die in de board komen, zijn mensen waarvan Britse beleggers niet schrikken: een oud topman (M. van Veen), een oud bankier (R. Hazelhoff, ABN Amro) en een voormalig industrieel (A. Loudon, Akzo Nobel).

De winstpotentie van het pensioenfonds had Hoogovens een betere deal met British Steel kunnen geven. Goed voor de aandeelhouder en goed voor de werknemers, die dan wel een eigen commissaris hadden moeten claimen. De directe toegang van werknemers tot de beslissers valt weg, het belang van de aandeelhouders wordt dominant. Nederlandse werknemers en vakbonden zullen zelf harder moeten knokken voor hun belangen.