De ideale echtgenote

De ideale schrijversvrouw heeft bestaan. Haar naam was Véra Nabokov en zij was van buitenaardse afkomst. Het portret dat Stacy Schiff van haar schetst in haar biografie Véra (Mrs. Vladimir Nabokov) zal vele schrijvers tot wanhoop drijven: `Ach, was ik maar zo getrouwd.'

In de titel van deze biografie ligt overigens tevens het voorbehoud van de biografe besloten. Dat Schiff een mislukte poging heeft gedaan een ongrijpbaar fenomeen te portretteren mogen we best weten, en dat haar boek daarom meer over het huwelijk van de Nabokovs gaat dan over de heldin, dienen we ons direct te realiseren. Een zwaktebod? Niet helemaal. Beide Nabokovs waren niet gediend van interesse in `de mens achter het kunstwerk'. En dat Véra een deel van `de mens achter Nabokovs kunst' was, blijkt uit de magie waarmee de twee in de loop van hun leven samensmolten tot het fenomeen V.N., een tweekoppig initialenmonster dat in zakelijke correspondenties één bassende bromtoon aanwendde om de wereld te wijzen op haar dwaasheden. Dat Véra minstens zo belangrijk voor de aard van Vladimirs kunst was, is voor velen een voldongen feit. Zij was zijn eerste lezer, ze was zijn meest idolate lezer en ze was zijn artistieke geweten. Zo iemand noemen sommigen een muze. De speculanten onder de Nabokovianen kunnen hun geluk dan ook niet op bij het zien van een foto van de achtjarige Véra Jesvejevna Slonim. Wat nou `aap achter tralies' als oerknal voor Lolita, deze jeugdfoto van Vladimirs vrouw en vermeende muze is meer dan genoeg.

Net als haar toekomstige echtgenoot groeide Véra Slonim op in St. Petersburg. Haar vader was advocaat, maar in het antisemitische Rusland was een joodse advocaat `een aanslag op de staatsveiligheid'. Véra's vader zag zich gedwongen van beroep te veranderen en ging in de houthandel, een door joodse Russen geregeerde bedrijfstak, zodat ook hier restricties van hogerhand golden. Véra Nabokov zou haar leven lang achtervolgd worden door antisemitische regeringen (en artiesten). In tegenstelling tot Vladimir was ze in haar latere leven niet gediend van herinneringen aan haar Petersburgse jeugd. Nostalgie was haar vreemd. Misschien lag dit in haar aard, maar gezegd moet dat haar jeugd temidden van de zogeheten intelligentsia heel wat minder zorgeloos was dan de sprookjesjeugd van Vladimir. Wat Véra voorts van haar man zou onderscheiden in haar latere leven waren haar niet altijd even intelligente, krachtige politieke stellingnames. Ook was haar joodse identiteit zo belangrijk voor haar dat ze er niet enkel een vete met haar oudere zus, die zich tot het katholicisme bekeerde, aan overhield, maar tevens haar afkomst altijd als volgt formuleerde: Joods, en Russisch.

Vrijgevochten

Direct na de oktoberrevolutie zag de familie Slonim zich genoodzaakt te vluchten, niet alleen voor de bolsjewieken, maar ook voor de antisemitische stemming die vrijwel alle partijen in Rusland aangevreten had. In 1921, na vele omzwervingen, vestigde de familie zich, zoals zovele emigrées, in Berlijn. Véra, 18 jaren oud, was een vrijgevochten meisje met een liefde voor de literatuur en een talenknobbel die haar later nog ontelbare diensten zou bewijzen toen zij de vertalingen van het werk van Vladimir corrigeerde. Net als Vladimir overigens, was ze geen lid van de tranen-met-tuiten-school onder de emigrées. De door Vladimir in ere gehouden anekdote wil dat hij, in het bezit van een perfect gebroken hart, Véra ontmoette op een emigrébal in Berlijn, zeer waarschijnlijk 8 mei 1923, alwaar de Russische gemeenschap geld inzamelde voor goede doelen en Véra gemaskerd aan haar toekomstige man verscheen, wiens poëzie ze kende en bewonderde. Zelden heeft een biograaf de geschiedenis zo luidruchtig en langdradig bedankt voor één enkel detail: dat masker, dat van Véra Nabokov een bijna abstract wezen maakte en Schiff een boek lang dienen mag als excuus voor een mislukkend portret.

Véra Nabokov – `the third, if not fourth, near-Mrs. Nabokov' in haar eigen woorden – mag de eerste helft van haar carrière als schrijversvrouw niet geheel geslaagd noemen. De toon van Stacy Schiff is af en toe onverholen vijandig als ze een poging doet de jonge Véra in de Berlijnse periode te tekenen. Dit zou een verademing kunnen zijn, gezien alle devote lectuur die aan de Nabokovs gewijd is, maar helaas zijn de kanttekeningen van Schiff eerder merkwaardig dan nuchter en onpartijdig. Véra's onvolmaaktheden blijken namelijk een gevolg van haar inzinkingen op het front van het Stand By Your Man-principe. Als Vladimir een verhuizing naar Frankrijk overweegt, en Véra daar niet voor voelt, is de ergernis van Schiff minstens zo groot als die van Vladimir. Vladimir gaat in zijn eentje op tournee en beleeft in die periode zijn meest beruchte buitenechtelijke affaire. De wijze waarop Schiff deze kwestie aansnijdt is op z'n zachtst gezegd bedenkelijk. Na `de ideale romantische periode', de eerste 15 jaar van hun huwelijk waarin Nabokov het overweldigende Russische deel van zijn oeuvre schreef en Véra ontelbare ontberingen leed om brood op de plank te krijgen, krijgt het bekvechten over verhuizen in Schiffs versie het karakter van een ruzie tussen een praktische man en een onpraktische zemelende vrouw, en mogen Nabokovs amoureuze misstappen als onontkoombaar worden beschouwd. Want verliest Véra haar man niet moedwillig uit het oog? Dat de brieven van Véra uit deze periode vernietigd zijn en Schiff zich beroept op de brieven van Vladimir, waaruit ze het karakter van Véra's brieven meent te mogen opmaken, maakt de pennestreken van de biografe zelfs wat lachwekkend.

Mrs. Vladimir Nabokov blijkt op dit punt van de biografie een dame met onaangename trekjes. Véra is, volgens Schiff, kil en humorloos, sociaal onaangepast, hautain en labiel, vooral in de periode dat de Nabokovs voor de nazi's vanuit Berlijn naar Frankrijk vluchten, en vanuit Frankrijk naar Amerika, zonder geld en zonder uitzicht op financiële zekerheden. In Amerika, waar Nabokov aan zijn tweede schrijversleven begint, verandert de toon van Schiff ten opzichte van Véra weer naarmate zij zich in dienst stelt van haar geniale echtgenoot. Als de Nabokovs, wereldberoemd na publicatie van Lolita, uiteindelijk in Montreux belanden en Vladimir zich louter nog aan de kunst wijdt, kan Véra geen kwaad meer doen bij haar biografe. Wat wil je ook: mevrouw Nabokov neemt haar onpraktische man alle zaken uit handen, wordt een van de meest gevreesde `agentes' aller tijden, zit twaalf uur per dag achter een schrijftafel de carrière van haar man te bestieren, en blijkt ineens ook over gevoel voor humor, compassie en een perfect evenwicht te beschikken. Haar hautaine, quasi-adelijke maniertjes worden van de weeromstuit zelfs `rechtvaardig' genoemd.

Boekhouden

Stacy Schiff heeft voor haar biografie ontelbare bronnen, waaronder brieven en dagboeken van Véra, kunnen raadplegen. Dat ze niet in staat blijkt een duidelijk beeld van Véra Nabokov te schetsen en ondanks die bronnen gedoemd is tot speculeren valt haar slechts ten dele aan te rekenen. Véra Nabokov heeft er altijd alles aan gedaan zichzelf weg te cijferen. Maar de speculaties en theorieën waarmee Schiff wel op de proppen komt zijn, even los van de kwaadaardige vliegenmepperij, al sinds jaar en dag platitudes. Als Schiff ergens tussen neus en lippen door opmerkt dat Véra ervoor gezorgd heeft dat Vladimir ophield met dichten, wacht je tevergeefs op bewijs, uitleg en historisch-literaire waarde, want Schiff moet verder met de boekhouding van het dagelijkse leven. Ook dat symbolische masker kan niet als excuus dienen voor het statische portret dat tijdens het lezen van Schiffs boek een enkele keer een paradoxale grimas vertoont. Dat Schiff bovendien in deze hele biografie geen zinnige opmerking over het werk van Nabokov maakt, terwijl meer dan de helft van het boek over hem en niet over zijn vrouw gaat, begint al vrij snel te irriteren. Het portret van het, na de beroemde Franse inzinking, perfecte huwelijk tussen Vladimir en Véra is bovendien verre van opwindend. Al met al is deze reeds in opzet mislukte biografie dan ook een langdradig boek dat maar op één punt blijft hameren: zonder Véra geen Vladimir. Merkwaardig genoeg krijg je nergens de indruk dat Véra werkelijk zijn muze was. Zijn bedrijfsleider, ja, dat was ze. Het is dat V.N., dat tweekoppige genie, al sinds jaar en dag een eigen leven leidt, want zonder de publieke geheimen en de mysterieuze reputatie van dat fabeldier zou de zwakke bodem onder Stacy Schiffs boek in een mum verbrokkelen en verdwijnen in de afgrond van ditjes & datjes.

Minder aanmatigend van opzet is het fotoboek Vladimir Nabokov, Sein Leben in Bildern und Texten van Daniela Rippi. Maar ook hier heeft de spreekwoordelijke onkunde van biografen voor verschrikkingen gezorgd. Daniela Rippi heeft gemeend een verhaaltje bij de foto's en illustraties te moeten schrijven. Ze heeft een paar willekeurige citaten uit het oeuvre gelepeld, kwebbelt belangrijke wendingen in het leven van Nabokov aan elkaar en verklaart hier en daar het werk voor analfabeten. Zo meent Rippi ons naast een vroeg gedicht van Vladimir uit te moeten leggen wat precies een sirene is. Maar goddank is dit een bladerboek.

Wat opvalt is de wijze waarop Vladimir Nabokov wist te poseren. En komisch is in dit verband dat de allereerste foto ons de oude schrijver toont, die na een bezoekje aan zijn favoriete kiosk in Montreux naar zijn hotel terugloopt met een Duitse krant, een taal die hij niet machtig was. Mijn persoonlijke favoriet is een foto van de jonge auteur uit 1936 waarop hij keurig gekleed, met das en pochet, aan zijn meesterwerk De Gave zit te werken. Deze verzameling is voor zover ik weet de meest complete die er tot op heden verschenen is. Naast foto's zien we handschriften, eerste drukken en foto's van plekken die in Nabokovs leven een belangrijke rol hebben gespeeld. Voor wie de tekstuele apekool negeren kan is het een prachtig boek. En voor de vaste lezersschare is het interessant om te zien dat de Duitse taal Nabokovs werk altijd ongunstig gezind geweest is, ondanks de hoge kwaliteit van de vertalingen, hetgeen een merkwaardige constatering is als men bedenkt dat de Duitse taal de meest literaire taal van Europa is. Maar het lot is kieskeurig en nauwgezet en zo is het dan ook niet verwonderlijk dat de meeste Duitse critici nog altijd geen kant op kunnen met het oeuvre van Vladimir Nabokov, zoals Das Literarische Quartett, toch zeker geen kliekje domoren, telkens weer weet te onderstrepen.

Stacy Schiff: Véra (Mrs. Vladimir Nabokov). Portrait of a Marriage. Random House, 456 blz. ƒ69,95

Daniela Rippi: Vladimir Nabokov. Sein Leben in Bildern und Texten. Fest Verlag, 207 blz. ƒ76,-