`Kamer overdrijft import van coke'

Binnen de Kamercommissie opsporingsmethoden is onenigheid ontstaan over de eigen constatering dat de politie heeft meegewerkt aan de invoer van 15.000 kilo cocaïne. Volgens VVD-commissielid Niederer is die conclusie voor ,,een deel gebaseerd op vermoedens.''

De Kamercommissie onder leiding van E. Kalsbeek (PvdA) concludeerde in een gisteren uitgebracht rapport dat de IRT-affaire veel omvangrijker is dan tot nu toe werd aangenomen. Door het speciale IRT-politieteam is begin jaren negentig niet alleen tienduizenden kilo's hasj op de markt gebracht maar ook 15.000 kilo cocaïne. Niederer noemt dat aantal nu ,,onwaarachtig''.

Minister Korthals (justitie) heeft gisteren laten weten de feiten van de commissie-Kalsbeek niet zonder meer voor waar te willen aannemen. Het gaat volgens hem mogelijk ook om vermoedens die reeds bij het OM bekend zijn maar waaraan het OM een andere interpretatie geeft. Volgens Kalsbeek heeft de commissie-Korthals al op 26 maart hardere informatie over de cocaïnetransporten gegeven. Niederer ontkent dit.

Leden van het OM zeggen grote twijfels te hebben over de juistheid van de bevindingen van de Kamercommissie. Ze zeggen dat Kalsbeek zich baseert op rapportage van de Haarlemse officier van justitie P. Snijders. Onderzoeken in andere arrondisementen zouden de feiten van Snijders niet ondersteunen.

De Tweede Kamer heeft geschokt gereageerd op de conclusies van de commissie. Alle partijen willen uiterlijk volgende week schriftelijk opheldering van Korthals over de coke-importen en verdenkingen van corruptie bij politie en douane.

Volgens Kalsbeek was de minister al in oktober 1998 ,,zeer gedeeltelijk'' op de hoogte van de parallel-importen. Hij houdt er rekening mee dat de importen nu nog doorgaan. De vangst van 4.000 kilo coke in de haven van Rotterdam vorige maand moet volgens haar mogelijk in dat licht worden gezien.

DOSSIERwww.nrc.nl