Hoger belang redt Faber

Staatssecretaris Faber van Landbouw overleefde het Kamerdebat over de dioxinenkwestie. Ter nauwernood.

En nog is het kabinet compleet. Staatssecretaris Faber van Landbouw mag blijven, hoewel een meerderheid in de Tweede Kamer haar liever zag gaan.

Oppositie én regeringspartij VVD vonden haar aanpak in de dioxine-kwestie ernstig tekort schieten, maar de staatssecretaris werd uiteindelijk gespaard door de coalitie. Zeg maar: omwille van hogere belangen.

Een dag ná het hernieuwd aantreden van het kabinet en een dag vóór de Europese verkiezingen wilden de coalitiepartijen geen problemen. De VVD mocht blaffen, maar niet bijten. En zo sneuvelde een oppositionele motie van afkeuring en kon de staatssecretaris volstaan met excuses en beloftes van beterschap.

De kritiek op Faber (PvdA) was vernietigend. Inadequaat, gebrekkig en laks was haar beleid genoemd. Maar PvdA-fractieleider Melkert had D66 en VVD vooraf gewaarschuwd dat zij niet aan de staatssecretaris moesten komen. D66 had die aandrang sowieso niet, al was het maar omdat anders een domino-effect kon ontstaan waardoor ook D66-minister Borst (Volksgezondheid) zou kunnen sneuvelen. Een week nadat Borst de Bijlmer-enquête zo miraculeus had overleefd, zou een vertrek op een veel beperkter dossier dubbel pijnlijk zijn geweest.

Voor de VVD lag de zaak anders. De liberalen hadden geen eigen minister in het geding. Bovendien hadden zij de staatssecretaris op een ander onderdeel van haar beleid (het oormerken van kalveren) al een keer de wacht aangezegd.

Dus gaf de VVD gisterochtend via zijn landbouwspecialist te kennen dat de staatssecretaris eigenlijk diende te gaan. Om daar uiteindelijk gisteravond, na overleg tussen de fractieleiders van de coalitiepartijen, geen consequenties aan te verbinden.

Een oppositionele motie van afkeuring, ingediend door het CDA, kreeg niet de steun van de VVD. In plaats daarvan diende de VVD een eigen motie in, die de staatssecretaris vroeg de interne communicatie op het ministerie te verbeteren. De lading van die motie was politiek zo ongevaarlijk dat deze Kamerbreed kon worden aangenomen.

Daarvóór had de VVD nog wel de grenzen van de coalitie verkend. De liberalen probeerden in eerste instantie de staatssecretaris en de minister, Faber én Borst, nog een tijdje te laten bungelen. Ze hadden na het debat van gisterochtend nog vragen en als de antwoorden op die vragen niet op tijd kwamen moesten de conclusies maar volgende week worden getrokken.

Het was voor de coalitiepartners onacceptabel en voor de oppositiefracties te doorzichtig. Zij zagen al voor zich hoe de VVD aan de vooravond van de Europese verkiezingen mooie sier zou maken met een schone-handen-politiek.

De oppositie was sowieso niet gelukkig in het debat. Pogingen om eensgezind op te treden, zoals vorige week tijdens het Bijlmerdebat, mislukten. Het CDA kreeg voor een motie van afkeuring wel de linkerkant (GroenLinks en SP) maar niet de rechterzijde (SGP, RPF en GPV) mee.

Een bijzondere rol was weggelegd voor SGP-fractieleider Van der Vlies. Hij diende een motie in die strikt genomen kon worden gezien als een motie van afkeuring. De motie constateerde dat Faber en Borst de gezondheidsriciso's ,,onvoldoende hebben ingeschat'', de consument ,,in een te laat stadium'' hebben geïnformeerd en daarmee de zorg voor de volksgezondheid onvoldoende hebben behartigd.

Van der Vlies beschouwde deze uitspraak echter zelf niet als een motie van afkeuring maar, zoals hij na het debat zei, als een ,,motie van berisping''. Voor de staatkundig gereformeerden is er onderscheid tussen het afkeuren van (onderdelen van) beleid en het wegsturen van bewindslieden.

Zo kon het gebeuren dat deze motie de steun van de gehele Tweede Kamer kreeg en de bewindslieden er met een berisping vanaf kwamen.

Staatssecretaris Faber heeft inmiddels twee gele kaarten op zak. Maar twee keer geel staat in de politiek niet altijd gelijk aan rood. Grote politiek hield de zwakke staatssecretaris gisteren overeind. Maar aan alle bescherming komt een einde: bij iedere volgende kwestie lijkt haar lot bezegeld. Hoe langer het kabinet zit, hoe riskanter het voor haar is.