Nederland levert 2.050 militairen voor KFOR

Nederland levert 2.050 militairen aan de vredesmacht KFOR (Kosovo Force), waarvan de eerste eenheden wellicht al binnen enkele dagen Kosovo binnentrekken. Dat hebben de ministers De Grave (Defensie) en Van Aartsen (Buitenlandse Zaken) aan de Tweede Kamer geschreven.

KFOR, bestaande uit 48.000 militairen, moet de vrede in Kosovo waarborgen en ervoor zorgen dat de 900.000 vluchtelingen in het gebied terugkeren. KFOR gaat in Kosovo aan het werk zodra er een akkoord is met Belgrado over de terugtrekking van de Joegoslavische troepen.

Afdeling 11 van de rijdende artillerie, de `Gele Rijders' uit `t Harde, vormt de hoofdmoot van de Nederlandse bijdrage. Vijf kanonnen en 120 manschappen van de `Rijders' zijn al in Bosnië, twaalf M109-houwitsers zijn onderweg. Binnenkort vertrekken nog 700 `Gele Rijders.

Een andere deel van de Nederlandse bijdrage wordt door Defensie een `samengestelde genie/humanitaire eenheid' genoemd en bestaat uit een samenraapsel uit alle hoeken van de landmacht: twee geniecompagnieën uit Wezep, een beveiligingscompagnie van de Luchtmobiele Brigade, een transportcompagnie en een `handlangerscompagnie' – verbindingstroepen van het Nederlands-Duitse legerkorps die in Kosovo geen verbindingen zullen leggen, maar hand en spandiensten zullen verrichten. Om genoeg genisten te kunnen leveren heeft de landmacht een beroep moeten doen op 15 instructeurs die niet voor uitzending in aanmerking komen.

De aflossing van de troepen kan eventueel een probleem vormen. Afdeling 11 artillerie kan na zes maanden worden vervangen door de 41ste afdeling artillerie uit Seedorf, daarna zou een infanteriebataljon van 600 man het werk kunnen overnemen. Het geniehulpbataljon kan volgens Defensie na een half jaar tenminste één keer worden vervangen.

De Nederlanders zullen worden toegevoegd aan een Duitse brigade, die zal opereren in het zuiden van Kosovo.