Europa realiseert oude droom dankzij Kosovo

Jarenlang riep Europa om een eigen veiligheidspolitiek. Voor de vorm, leek het. Elk land bleef zijn eigen lijn volgen, om onder de Amerikaanse NAVO-paraplu te schuilen als het menens werd. 'Kosovo' veranderde iets bij 'de grote drie'.

Europa groeit slechts schoksgewijs, en als de grote staten dat willen. Op de Europese top in Keulen, vorige week, plaatsten Frankrijk, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk de anderen voor een voldongen feit: er komt een gemeenschappelijke defensie en er wordt een serieus begin gemaakt met een Europese buitenlandse politiek. Wat jarenlang alleen theologie was, moet nu voor het eind van 2000 werkelijkheid worden.

Is het de laatse fase in de volwassenwording van het naoorlogse Duitsland? Uiting van de Franse wens opnieuw een hoofdrol in de NAVO te vervullen? Of de Britse afzwering van Thatchers dubbelhartige Europapolitiek? Afhankelijk van het gekozen standpunt worden allerlei motieven aangevoerd voor de verrassende daadkracht van de `grote drie'.

De impliciete vernedering van een door Washington geleide en gevlogen strafactie tegen de regionale boeman Miloševic zorgde voor het laatste beetje wilskracht, dat vijftig jaar ontbroken had. Kosovo legde de Europese militaire zwakte bloot, en peperde Europa in dat het meer moet gaan betalen voor zijn eigen verdediging.

,,Kosovo heeft het Europees zelfvertrouwen op defensiegebied versterkt'', zegt Charles Grant, directeur van het Center for European Reform in Londen en biograaf van Jacques Delors, ex-voorzitter van de Europese Commissie. ,,Kosovo heeft Europa laten zien hoe zwak het Amerikaanse leiderschap kan zijn, dat Amerika niet langer altijd weet wat het beste is. Kosovo heeft Europa verder aaneen gesmeed en niet uiteen laten vallen door een Duits, Grieks of Italiaans veto over bombardementen. En het was een Europeaan [de Fin Ahtisaari] die president Miloševic een vredesregeling heeft laten tekenen.''

Opstaan uit het Balkanmoeras geeft bondskanselier Gerhard Schröder de kans in één keer uit de schaduw van Helmut Kohl te stappen. Vanmorgen prees de kanselier in de Bondsdag het resultaat van de Top van Keulen, en dus van zijn EU-voorzitterschap: ,,Europa zal internationaal aanzienlijk aan gewicht winnen. Europa zal op buitenlands politiek terrein met één stem spreken en wereldwijd meer gehoor vinden.'' De onervaren regering van SPD en Groenen, die aanvankelijk met argwaan door de internationale gemeenschap werd bekeken, heeft de spoedcursus buitenlandse diplomatie in recordtempo met goed gevolg afgelegd. Onder-minister van Buitenlandse Zaken Günter Verheugen geeft het eerlijk toe: ,,De eensgezindheid over een gemeenschappelijke buitenlandse- en veiligheidspolitiek was zonder de druk van de Kosovo-oorlog nauwelijks mogelijk geweest''.

Omdat de Britten de euro blijven afwijzen, lijken de defensiebesluiten voor premier Blair een tijdelijk alternatief voor Brits leiderschap in Europa. Toch voert hij al sinds zijn aantreden in 1997 een veiligheidspolitiek die ,,interventionistischer'' is dan die van zijn voorgangers Major en Thatcher, zegt Chris Bennett, analist bij het Institute for War and Peace Reporting in London. Hij wijst op de Britse jacht op Joegoslavische oorlogsmisdadigers, de steun aan het VN-tribunaal in Den Haag en de hervorming van de Britse strijdkrachten voor operaties als in Bosnië en in Kosovo.

Voor Frankrijk is het ook oogsttij. De Fransen kunnen in de tweede helft van 2000 als Eurovoorzitter een oude droom werkelijkheid zien worden. Wat de `veiligheids en defensieidentiteit' van Europa moet worden is in de kern wat de Fransman Pleven al in 1950 tevergeefs voorstelde, de `Europese defensiegemeenschap'. Die werd toen getorpedeerd door de Assemblée Nationale. Nu lijkt de tijd rijp. De Verenigde Staten dringen er al sinds het eind van de Koude Oorlog op aan, dat Europa zijn strijdkrachten moet herschikken om zelfstandiger te worden. Maar zij stellen tegelijkertijd eisen die Europa ,,korthouden'', zegt een hoge Europese NAVO-functionaris. Zoals de voorwaarde om geen Amerikaanse militaire hardware te `dupliceren'. Een Europees wereldomspannend satellietennet zou de alliantie bijvoorbeeld kunnen uithollen of beconcurreren. Krimpende degfensiebudgetten en mislukkende fusies in de Brits-Duits-Franse defensie-industrie bevorderen evenmin het ontstaan van de Europese `defensiepoot' die al in het Verdrag van Maastricht werd geschetst.

Toch moet nu de Westeuropese Unie (WEU), de rudimentaire defensiezuil van de EU, binnen anderhalf jaar opgaan in de EU. Er komt een raad van Europese ministers van Defensie. En NAVO-secretaris generaal Solana wordt de eerste Europese minister van Buitenlandse Zaken en Defensie, beter bekend als Monsieur PESC, terwijl Europese krijgsmachtchefs buiten de NAVO om gaan samenwerken. Günter Verheugen ziet in de beslissing van de Europese leiders in Keulen ,,het fundament voor een defensie-unie''.

In Frankrijk gaat men er van uit dat deze vernieuwing een gevolg is van president Chiracs beslissing in '95 weer te gaan deelnemen in de militaire structuur van de alliantie. Dat streven liep vast omdat Washington daar niet de prijs voor wilde betalen die Parijs vroeg: een Fransman als bevelhebber van de zuidelijke NAVO-regio. In december '98 spraken Chirac en Blair in Saint-Malo af politieke beslissingen op defensiegebied voortaan af te stemmen. `Saint-Malo' werd de ,,grondverf'' voor praktische samenwerking tussen het Franse en het Britse leger, de enige twee Europese legers van ,,wereldstandaard'', zegt Chris Bennett. Frankrijk en Duitsland leken er geen gemeenschappelijk vervolg aan te kunnen geven. Op defensieterrein blijft de Bondsrepubliek terughoudend. De eensgezindheid tussen regering en oppositie in de afwijzing van grondtroepen in Kosovo heeft dat opnieuw bewezen.

Maar op hun top in Toulouse, tien dagen geleden, spraken Chirac, zijn premier Jospin en de Duitse kanselier Schröder af, dat het zieltogende Frans-Duitse Eurokorps, een relikwie uit de Koude Oorlog, zou worden omgevormd tot een tweede Europese snelle interventiemacht van 35.000 man. Voor Duitsland was dat een formidabele stap. De strijdkrachten bestaan nog altijd uit dienstplichtigen, die weinig mondiale ervaring hebben.

Vorige week was in de hoofdsteden van `de drie' al te horen dat de nieuwe vastberadenheid stond als een huis. `Keulen' was vooral een voorlichtings-bijeenkomst voor de kleine landen. Tegenstribbelen werd niet gewaardeerd. De eerste Mr PESC zou niet uit Londen, Parijs of Bonn komen, om de kleine lidstaten niet tegen de haren in te strijken. Onder Mr PESC zou een `Meneer Bosnië', een `Meneer Afrika', of een andere specialist namens Europa komen. Want het continent zal voortaan als een volwassen wereldmacht optreden. Met een beroep op traditioneel Brits pragmatisme wil Blair eerst de doelen uitzetten en de institutionele architectuur later ontwerpen. In Parijs wordt ook nu direct de vormgeving erbij bedacht, met en passant een Franse topambtenaar als rechterhand voor Solana. Als Solana aarzelt, hoeft hij maar te kuchen en Parijs helpt.