Hoogovens biedt forse bruidsschat

Hoogovens en British Steel gaan fuseren. Daarmee hebben twee van de meest efficiënte staalbedrijven elkaar na een paar blauwtjes gevonden. Maar het kleinere Hoogovens moet voor deze relatie wel een fikse prijs betalen.

Nog tijdens de presentatie van de jaarcijfers in april benadrukte topman Fokko van Duyne dat Hoogovens prima in staat is zijn eigen toekomst te dicteren en in de cyclische staalsector in Europa beslist geen te kleine partij is.

Dit zelfbewustzijn is met een beetje goede wil ook terug te vinden in het bereikte fusieakkoord tussen Hoogovens en British Steel. Het veel kleinere Nederlandse concern krijgt 38,3 procent in de nieuw op te richten staalonderneming BSKH, British Steel 61,7 procent. Het hoofdkantoor komt in Londen, maar Van Duyne wordt de eerste twee jaar operationeel de hoogste man van de combinatie, een functie die hij na twee jaar verruilt met de Brit John Bryant. Ogenschijnlijk geen onbelangrijke verworvenheden voor een bedrijf als Hoogovens dat zelfstandig slechts de nummer 23 op de wereldranglijst van staalproducenten is en in de combinatie met British Steel de derde van de wereld wordt. Bovendien is de marktkapitalisatie van British Steel 10,9 miljard gulden, terwijl Hoogovens op de beurs maar 3,8 miljard waard is, en de Britten bovendien over een rijk gevulde oorlogskas beschikken.

Maar wie het scenario wat kritischer onder de loupe neemt komt tot een werkelijkheid die er een minder prozaïsch uitziet. Ten eerste stapt Hoogovens met British Steel in een bedrijf dat over het afgelopen boekjaar een operationeel verlies van bijna een half miljard gulden heeft geleden. Beide bedrijven hebben uit het oogpunt van schaalgrootte dringend behoefte aan een partner, maar Hoogovens iets meer dan British Steel. Tevens dringt de parallel zich op dat beide bedrijven op jacht naar meer kritische massa recent een mislukt acquisitiebeleid hebben gevoerd. Hoogovens worstelt nog steeds met het faillissement van het Waalse Gustave Boël, waarin het een belang van 50 procent had genomen, en British Steel kan op dit punt alleen op een (marginaal) succesje bogen met het Poolse Huta Katowice. Wat dat betreft lijkt het verstandshuwelijk tussen Hoogovens en British Steel, twee van de meest afgeslankte en efficiënte staalbedrijven in Europa, een meesterzet. De zware verliezen van partner British Steel ten spijt. ,,In de jaren `95 en `96 maakte British Steel veel meer winst dan Hoogovens'', bagatelliseert Van Duyne de kritieke situatie. ,,Dus wanneer je over winst praat moet je dat over een langere periode bekijken. De belangrijkste winst in deze fusie zit hem in voordelen voor beide bedrijven, het personeel en de aandeelhouders. We kunnen onze klanten wereldwijd een veel breder pakket van producten aanbieden en zijn door de schaalgrootte in staat beter op de wereldmarkt te concurreren.''

Maar ook bij de zogeheten productmix van beide bedrijven vallen de nodige vragen te stellen. Hoogovens, dat begin jaren negentig aan het infuus van de banken lag, heeft financieel en operationeel met name een succesvolle ommezwaai kunnen maken door zich te richten op industrieën (auto- en verpakkingsindustrie) die producten eisen met veel toegevoegde waarde en minder op de prijs letten. Hoogovens lijkt in die strategie, waarmee de staalcrisis door dumppraktijken van onder meer Aziatische en Russische staalbedrijven kon worden ondervangen, een stuk verder te zijn dan British Steel.

Anderzijds vullen Hoogovens en British Steel elkaar op staalgebied zo nauw aan dat veel synergievoordelen kunnen worden verwacht. In de autoindustrie zullen naar verwachting in 2010 nog maar tien grote producenten actief zijn. Die willen alleen maar praten met grote en kapitaalkrachtige toeleveranciers als BSKH. Zowel in de autoindustrie (British Steel bedient alle Japanse autofabrikanten in Groot-Brittannië), de verpakkingsindustrie als in de vliegtuigindustrie hebben beide bedrijven grote belangen. Hoogovens kan als enig staalbedrijf in Europa de vliegtuigindustrie aluminium kan leveren, terwijl British Steel op zijn beurt weer gespecialiseerd is in roestvrij staal, overigens een concurrent van aluminium.

British Steel beleefde prachtige jaren op de thuismarkt ondanks de sterke positie van het pond. Het monetaire nadeel, belangrijk op de concurrerende staalmarkt, maakte wel een sprong naar Europa veel moeilijker. Dit nadeel wordt voor British Steel kleiner nu het met een bedrijf als Hoogovens in zee gaat dat in euro's rekent. Hoewel de verschillende valuta waarmee wordt gewerkt de winst bij de nieuwe combinatie sterk onder druk kunnen gaan zetten. Zeker zo lang er nog geen enkel uitzicht is wanneer ook Groot-Brittannië op de euro overstapt. Niet voor niets hield Van Duyne in financieel opzicht vanochtend een flinke slag om de arm.

In de vergelijking tussen beide bedrijven vormt ook de productie per werknemer een belangrijk aspect die bij Hoogovens op een iets hoger niveau ligt. Tevens worden de Britten ook verslagen op het gebied van onderzoek en ontwikkeling en productinnovatie.

Hoogovens lijkt derhalve de ideale bruid voor British Steel. Het feit dat Hoogovens van British Steel zijn aluminiumdivisie mag behouden en uitbreiden lijkt in dit opzicht maar een kleine tegemoetkoming.