Belgisch veevoer in Nederland is vrij van dioxinen

Het in Nederland verkochte Belgische veevoer is niet verontreinigd met dioxinen. Dat blijkt nu ook het laatste onderzoek naar mogelijke besmetting dit weekeinde is afgerond. De resultaten ervan worden gepresenteerd in een brief die minister Borst (Volksgezondheid) en staatssecretaris Faber (Landbouw) vanmiddag naar de Tweede Kamer zouden sturen.

Het ministerie van Landbouw bevestigde vanochtend de afronding van het onderzoek, maar wilde nog niet op de conclusies ervan ingaan. Volgens directeur P. van Huffelen van het betrokken veevoederbedrijf Hendrix is ,,alles in orde'' en is het wachten op het deblokkeren van de varkensbedrijven die hangende het onderzoek niets meer mochten verkopen.

Het onderzoek is verricht bij Rikilt-DLO in opdracht van het ministerie van Landbouw. Bij vijfhonderd varkensbedrijven werden monsters genomen; 350 daarvan zijn geblokkeerd. Eerder werd kippenvoer onderzocht. Ook daarbij werd niets aangetroffen.

In de brief aan de Kamer zou ook een gedetailleerd chronologisch overzicht worden gegeven van de stappen die de overheid heeft genomen in de dioxinencrisis. Daaruit zou moeten blijken dat direct actie is ondernomen nadat op 12 mei van het Belgische departement van Landbouw een complete lijst was ontvangen met namen en adressen van Nederlandse bedrijven die mogelijk besmet veevoer hadden gekregen. Leverancier Hendrix liet vanmorgen bij monde van directeur Van Huffelen weten pas op ,,19 of 20 mei'' door Landbouw op de hoogte te zijn gesteld van mogelijke problemen met het door Hendrix geleverde veevoer. Een week later besloot Hendrix in overleg met het departement zijn klanten te alarmeren.

Intussen heeft België de Europese Commissie een lijst overhandigd met de namen van duizend verdachte Belgische kippen- en varkensbedrijven. De Commissie moet beoordelen of zij de tot nu toe door de Belgische regering genomen maatregelen voldoende vindt. Vandaag komt het veterinair comité van de Europese Unie bijeen.

In een brief van het Nederlandse departement van Landbouw aan de Commissie verwerpt Den Haag het verwijt Brussel niet tijdig te hebben geïnformeerd over de maatregelen die zijn genomen nadat de affaire aan het licht kwam. Volgens het ministerie is op tijd actie ondernomen.

De Belgische regering heeft besloten ook boter uit de handel te halen. In boter zit veel vet, dus is de kans op dioxinenbesmetting relatief groot. Eerder werden al kip uit de handel genomen, eieren en producten waarin meer dan 2 procent ei is verwerkt vetrijke rund- en varkensvleesproducten.

De Belgische regering gaat er van uit dat de Vlaamse vetsmelterij Verkest de enige bron is geweest van de dioxinenbesmetting. Een lek in de smelterij is niet de oorzaak geweest van de besmetting. Dat heeft het parket in Gent meegedeeld. De verwarming van de tanks van Verkest lekte wel, maar in de vrijkomende oliën zaten geen PCB's. Het onderzoek gaat nu verder in de richting van de leveranciers van de vetten, waaronder mogelijk ook Nederlandse bedrijven. Eerder bleek ook al dat de boekhouding van Verkest niet in orde is.

De Federatie van de voedingsindustrie schat de schade door de dioxinencrisis nu al op 20 miljard frank. Per onderneming zou de schade kunnen oplopen tot 100 miljoen frank. Honderden Belgische slagerijen zullen deze week de deuren sluiten. Er geldt nog altijd een slachtverbod voor pluimvee, varkens en runderen.

De Belgische premier Dehaene vindt dat er een parlementaire onderzoekscommissie moet komen die onderzoekt wat er is misgelopen in de dioxinenaffaire. ,,Ik geef eerlijk toe dat het me heeft verwonderd dat men mij niet in een vroeger stadium heeft ingelicht'', aldus Dehaene in een interview.