Zeer magere Amerikaanse banengroei

De banengroei in de Verenigde Staten is in mei zeer mager geweest. Het aantal nieuwe banen nam toe met 11.000, veel minder dan de 225.000 waarop was gerekend. Beleggers hoeven daarom naar het oordeel van analisten minder bang te zijn dat binnenkort de Amerikaanse rente omhoog gaat.

Het is de kleinste stijging van het aantal banen sinds januari 1986. Ondanks de magere banengroei nam de Amerikaanse werkloosheid wel af, van 4,3 naar 4,2 procent. In april kwamen er volgens nieuwe cijfers van het Amerikaanse ministerie van Arbeid nog 343.000 banen bij. Dat aantal is herzien, want eerder werd een aantal van 234.000 opgegeven.

,,Een zwakke banengroei wijst niet noodzakelijkerwijs op een verzwakking van de arbeidsmarktcondities maar is eerder een aanwijzing dat er niet langer een voldoende aanbod van werknemers is die uitzien naar een baan'', aldus David Resler, managing-director van Nomura Securities in New York. Amerikaanse economen hadden volgens een opniepeiling van Reuters voor mei een banengroei van 216.000 voorspeld en een onveranderde werkloosheid van 4,3 procent.

Wall Street keek met zeer veel belangstelling uit naar de cijfers. Teveel groei zou betekenen dat het Amerikaanse centralebankenstelsel (Fed) meer reden heeft de rente te verhogen. Bankpresident Alan Greenspan zei onlangs nog zich zorgen te maken over oververhitting van de Amerikaanse economie. Hij zinspeelde er toen al op dat een eventuele renteverhoging voor afkoeling zou kunnen zorgen.

Beleggers kunnen nog niet helemaal gerust zijn. Zo wijzen analisten op het herziene aantal nieuwe banen in de maand april en op het gedaalde werkloosheidpercentage. Bovendien maakte het Amerikaanse ministerie van Arbeid bekend dat de loonkosten nog steeds toenemen. In mei werd gemiddeld 13,19 dollar per uur aan loon betaald oftewel 0,4 procent meer dan in april, terwijl op 0,3 procent was gerekend.

Ook dat zou kunnen leiden tot een hogere inflatie. (Reuters, KRF)