LEONIDENSPEKTAKEL IS HET GEVOLG VAN `GRUISSTRENG' UIT 1333

Ierse en Russische astronomen hebben de oorzaak gevonden van het vuurbollenspektakel dat in de vroege ochtend van de zeventiende november (1998) aan de hemel was te zien. De vuurbollen maakten deel uit van de meteorenzwerm die Leoniden wordt genoemd en elk jaar rond 17 november aan de hemel verschijnt. De aarde doorkruist dan het spoor van stof en gruis in het kielzog van komeet Tempel-Tuttle: een komeet die in 32 tot 33 jaar in een baan tussen die van de aarde en Uranus om de zon draait. Telkens als de komeet in de buurt van de zon komt, worden door verdamping deeltjes vrijgemaakt die zich geleidelijk langs de baan gaan verspreiden.

Het maximum van de Leonidenzwerm vond afgelopen jaar plaats in de avond, toen er (onder ideale waarnemingsomstandigheden) ongeveer 180 meteoren per uur waren te zien. De veel grotere aantallen vuurbollen in de vroege ochtend wezen er echter op dat de aarde toen een geconcentreerde stroom van veel grotere deeltjes doorkruiste. Deze deeltjes, met diameters tot enkele centimeters, bewogen in een wat afwijkende baan en moeten na vrijkoming uit de komeetkern door een bepaald mechanisme bijeen zijn gehouden: anders hadden ook zij zich op den duur langs de komeetbaan verspreid. In de Monthly Notices van de Royal Astronomical Society (304, L53) laten David Asher en zijn collega's zien dat Jupiter hierin de hand heeft gehad.

Vele kometen bevinden zich in de greep van Jupiter, in die zin dat hun omlooptijd en die van Jupiter in een vaste relatie tot elkaar staan. Ook bij komeet Tempel-Tuttle bestaat zo'n relatie: telkens wanneer de komeet veertien maal rond de zon is gedraaid, heeft Jupiter dat vijfmaal gedaan. Als de komeet wat sneller beweegt, wordt hij door Jupiter afgeremd; beweegt hij wat langzamer, dan wordt hij versneld. Hetzelfde krachtenspel werkt op de grotere deeltjes die periodiek uit de komeetkern vrijkomen. In plaats van zich langs de baan te verspreiden, worden zij bijeengedreven in een korte `streng' van relatief dicht opeengepakt materiaal. Bij de kleinere deeltjes werkt dit krachtenspel niet: ze worden door de stralingsdruk van de zon weggeblazen.

Aangezien komeet Tempel-Tuttle al vele keren langs de zon is gekomen, zullen er in de loop der tijd vele van zulke strengen zijn ontstaan. De structuur van de deeltjesstroom in de buurt van de komeet kan dus worden vergeleken met een koord dat uit vele afzonderlijke strengen bestaat. Asher en zijn collega's hebben door nauwkeurig terugrekenen gevonden dat de vuurboldeeltjes van 17 november in 1333 uit de komeet moeten zijn vrijgekomen. Mogelijk is de aarde op 17 november ook nog rakelings langs een streng van grotere deeltjes uit 1433 bewogen. De vuurbollen van 1998 waren een indrukwekkende getuigenis van een van de meest belangrijke dynamische kenmerken van deeltjesstromen in de baan van dit type kometen, aldus de onderzoekers.