`Hé Victor, ik krijg nog 250 miljoen van je'

Het Global Panel organiseerde donderdag in de Beurs van Berlage een discussie over psychologie op de financiële markten. Wat krijg je als je als je een Russische centrale bankier en een Nederlandse ING-man bij elkaar zet?

Achter de tafel op het podium Victor Gerasjtsjenko, president van de Russische Centrale Bank. In de zaal Cees Maas, bestuurslid van ING Groep en hoogste financiële man.

We zijn in de Beurs van Berlage in Amsterdam, bij een bijeenkomst van het Global Panel (mission statement: ,,...ontmoetingsplaats voor de top uit het bedrijfsleven, politiek en wetenschap...'') en het gaat over psychologie in de financiële markten.

Een Rus en een Nederlander. En dan nog wel een Nederlander die de beurswaarde van zijn onderneming met de helft omlaag zag storten toen in Rusland de crisis uitbrak. En een Rus die die crisis hielp veroorzaken. Okee, Gerasjtsjenko was er net niet bij toen de roebel werd losgelaten. Maar toen hij in september vorig jaar benoemd werd, dacht de hele financiële wereld: o no!

Oude nomenclatura.

Je hoopt dat het ruzie wordt. Je hoopt dat Cees Maas opspringt en roept: ,,Hé Victor, ik krijg nog 250 miljoen dollar van je.'' En dan Victor Gerasjtsjenko: ,,Man, waar bemoei je je mee, wij zijn een wereldmacht.'' Of zoiets.

Niks ervan. Dat gebeurt niet in Nederland. In Nederland staat een Cees Maas rustig op en vraagt rustig hoe het toch kon dat in Rusland zelfs de lender of last resort (de centrale bank) het vorig jaar had laten afweten – dat hielden westerse bankiers tot voor kort in hun ergste nachtmerries nog niet voor mogelijk. En Victor Gerasjtsjenko antwoordt dat híj voor zijn land natuurlijk niets liever wil dan economische stabiliteit. Maar ja, daarvoor is wél eerst politieke stabiliteit nodig en dát valt nu eenmaal buiten zíjn – enzovoort.

Maar val nu niet meteen in slaap. Een uur later, bij de volgende sessie, zit Cees Maas op het podium en dan doet hij iets dat je in Nederland – tenminste in het Nederlandse zakenleven – zelden ziet: hij vertelt open en eerlijk hoe vreselijk ze bij ING geschrokken zijn van Rusland en wat ze ervan GELEERD hebben. Je zult maar een paar honderd miljoen aan leningen hebben uitstaan en niet eens meer een telefoonnummer kunnen draaien omdat de banken gewoon verdwenen zijn.

Waar blijft ons geld?

Tuuttuuttuuttuuttuut.

Maas laat een cartoon zien waarop hij zelf zwetend onder de tafel probeert te kruipen, met om hem heen schreeuwende, met de vuisten zwaaiende analisten, aandeelhouders, journalisten. Money is emotion staat erboven. ,,Ze waren teleurgesteld'', zegt Maas droog.

Kern 1 van zijn verhaal: de bottom line is de bottom line niet. Je dénkt dat je beoordeeld wordt op je kwartaalcijfers. Maar veel belangrijker is wat de wereld van je vindt.

,,Informatie, perceptie, reactie'', vat de discussieleider later samen. ,,Dat leerden we op business-school.''

Kern 2 van Maas' verhaal: wat de wereld van je vindt kun je stúren. ,,ING can't play mind games with the market, but it can manage market perceptions.'' ING Barings (waar de Russische verliezen vielen) is maar een klein deel van ING Groep, zegt Maas. De verliezen bleven keurig binnen risicomarges. Iedereen was razend. Maar de realiteit is, zegt Maas, dat de netto winst per aandeel vorig jaar steeg met 19,2 procent.

Hoe krijg je zo'n verhaal over het voetlicht?

Pompompom, u heeft nog drie seconden. De realiteit over je onderneming krijg je over het voetlicht door com-mu-ni-ca-tie. Eerlijke communicatie die klopt met de performance. En om de cirkel rond te maken: die performance moet kloppen met de verwachtingen.

,,Soms voeden we de misverstanden zelf'', zegt Maas. Plaatje van een masker van een Aziatisch monster, met daaronder: we're there. Dat was een advertentiecampagne van ING in de internationale pers: bij ons moet u wezen als u wilt investeren in emerging markets. Wat denkt de belegger? Dat ING een bank is die vooral in de landen zit waar niemand nog heen wil met zijn geld. Wat is de waarheid? Niks bank. ,,We are an integrated financial services provider'', zegt Maas. En de activiteiten op de emerging markets tellen voor niet meer dan 5 procent mee in de groepsresultaten.

Dat u het maar weet.

,,Interessant'', zegt Jonathan Story bij een broodje kaas in de lunchpauze. Story is hoogleraar Internationale Politieke Economie aan de Franse business-school Insead. ,,Heel interessant. Maar ik denk niet dat het kan.''

Wat kan niet?

,,Percepties managen. Je kunt het oncontroleerbare niet controleren.''

Zo raar, zegt hij, dat zakenmensen denken dat markt ruilen van goederen en diensten is. Alleen al de titel van de bijeenkomst. ,,Bevestigt wat ik bedoel'', zegt Story. ,,Markt ís psychologie.''