Figuranten bij Jerry Springer

Wie kritiek heeft op de show van Jerry Springer, krijgt van de talkshow-host zelf direct gelijk. Nee, zijn show is niet bepaald een toonbeeld van goede smaak, en ja, hij verbaast zich iedere keer weer over het gebrek aan beheersing van zijn gasten en over hun kennelijk rotsvaste voornemen om er op los te timmeren. Een media-journalist van The Observer schreef onlangs in een profiel van Springer niet bepaald een fan van zijn show te zijn. Hij kreeg van Springer direct een compliment: 'Good for you, you've got taste.' Springer voegde er zelfs aan toe: 'I'm deservedly mocked.'

Het is een beproefd recept om bij wijze van verdediging terug te vallen op zelfkleinering, en Jerry Springer doet het in extenso. E‚n punt van kritiek weerspreekt de showmaster echter in ieder interview: het is niet waar dat zijn gasten bedriegers zijn die een toneelstukje opvoeren. Zijn gasten zijn ‚cht. Als er per ongeluk t¢ch fakers door de selectieronden sijpelen, dan betreurt de presentator dat ten zeerste. Bij uitzondering ben je bereid hem te geloven. De Jerry Springer Show bestaat zeven jaar, en in de honderden afleveringen hebben in totaal ruim 14.000 gasten hun opwachting gemaakt. Een Amerikaanse tabloid onthulde veertien fakers te hebben opgespoord. Springer vindt dat aantal, gezien het totale aantal gasten, nog weinig. Stel dat het er in totaal honderd zijn geweest, redeneert Springer in zijn autobiografie Ringmaster!, dan nog kan hij aanspraak maken op 13.900 authentieke optredens in zijn talkshow.

Minder geloofwaardig is Springer wanneer hij beweert zijn gasten te respecteren om hun eerlijkheid. Hij begrijpt niet waarom Hollywoodsterren die in concurrerende talkshows van alles onthullen over hun seksleven of druggebruik worden bewonderd om hun openhartigheid, terwijl 'zijn' gasten vanwege diezelfde openhartigheid moreel worden veroordeeld. In Ringmaster! beweert Springer ferm: 'Goed, mijn gasten zijn niet rijk en beroemd en spreken geen King's English. Nou en? Zijn ze dan ook maar meteen het schuim der aarde? Wij van de talkshow zouden uitbuiters zijn. Waarom, omdat we deze mensen een stem geven? Well, here's a program note for you, buddy. This is a slice of American pie... and if you don't like it, bite something else. I would rather spend a month in their trailer than an evening at your social elitist country club.'

Er wringt natuurlijk iets tussen deze strijdbare apologie en de klakkeloze beaming pulp-tv te maken. De gasten mogen misschien authentiek zijn, maar zodra ze het podium van de Jerry Springer Show betreden, vallen zij samen met het karikaturale beeld dat ze van zichzelf hebben geschetst toen ze zich aanmeldden voor de show. Zo'n aanmelding gebeurt via een telefoonlijn waar een kandidaat-gast zich introduceert. Een computer stelt vragen waar je met de druktoetsen van de telefoon antwoord op moet geven: ben je je partner ontrouw, druk 1, is je partner jou ontrouw, druk 2, en zo tot en met optie 7. Na die eerste selectie volgen er nog acht vragenrondes, en pas wanneer je die allemaal hebt doorlopen en je gereduceerd bent tot een type - dan pas klinkt de piep van het antwoordapparaat en kun je je naam, woonplaats en telefoonnummer inspreken.

'Roem maakt van een persoon een personage in het leven van anderen', schrijft Connie Palmen in i.m. Vrijwel alle gasten van Jerry Springer zijn uit op roem, hoe vluchtig ook. Daartoe zijn ze bereid te verschralen tot minder dan een personage, want in de Jerry Springer Show word je geacht een figurant te zijn in een zichzelf telkens herhalende cartoon. Gastheer Springer vervult de rol van de tekenaar van de cartoon. De vragen die hij stelt zijn de potloodlijnen die hij trekt. Een goede cartoon verdraagt geen karakters maar uitsluitend types. Bij Springer zijn die types altijd freaks, sociale probleemgevallen, dronkaards, niksnutten. Hun problemen kunnen heel goed de onze zijn: overspel, ontrouw, burenterreur en vendetta. Alle nabije en herkenbare ellende wordt op het podium van Jerry Springer door middel van overdrijving en vergroving omgevormd tot een troostende en bevrijdende slapstick.

Een cartoon heeft het maximale effect wanneer de uitzinnigheid van de handeling zich afspeelt tegen een achtergrond die geen moment de aandacht opeist. Vandaar dat het opzettelijk armetierige, erwtensoepgroene decor van de Jerry Springer Show in die zeven jaar nooit is gemoderniseerd. Vandaar ook dat de stoelen voor de gasten van het soberste soort zijn. Het is het soort stoel waarvan de vorm geen moment de blik mag vasthouden en die de gemiddelde Springer-gast vertrouwd is; het is dezelfde stoel waar ze op plaatsnemen in afwachting van een tandartsbezoek of een evaluatiegesprek met hun reclasseringsambtenaar.

De rondvliegende stoelen tijdens opstootjes op het podium vormen de stofwolk en het sterretje in het Springer-stripverhaal. Het veiligheidsteam, onder leiding van de goedmoedige kaalkop Steve, is altijd n‚t even te laat om in te grijpen, maar ook weer n‚t op tijd om een gevecht niet te laten ontaarden in een schermutseling waarbij bloed kan vloeien. Evenmin als in Asterix of Lucky Luke is er in de Jerry Springer Show ooit een druppel bloed te zien geweest, want bloed komt van binnen, en evenmin als de Romeinen en de Daltons in die strips worden de gasten van Springer geacht een binnenkant te hebben.

De media-journalist van The Observer aan wie een blik achter de schermen van Springers show werd gegund, ontdekte tijdens een uit de hand gelopen aflevering over de Ku Klux Klan dat er tijdens een knokpartij tussen een zwarte man uit het publiek en een Klan-lid op het podium wel degelijk bloed was gevloeid. De fotograaf die de journalist vergezelde had een foto van een verdwaalde bloedspetter genomen. Maar de producent van de Jerry Springer Show drong er direct na de uitzending bij hen op aan om het fotorolletje in te leveren. Bovendien werd hun nadrukkelijk verzocht om een document te ondertekenen met daarin de toezegging dat het bloedvlekje onvermeld zou blijven in het artikel voor The Observer.

Het hoeft maar één druppeltje te zijn of de cartoon is onherstelbaar bevuild.