Het ANC, voorlopig voor eeuwig

Het ANC heeft bij de Zuid-Afrikaanse verkiezingen van woensdag een grote zege geboekt. De partij heeft nu vrijwel een monopolie op de macht.

Volgens Winnie Mandela zal het ANC `tot in der eeuwigheid' regeren. Haar partijgenoot John Ncinana drukte zich ook al in bijbelse termen uit: zelfs Jezus zou zich moeten onderwerpen aan de ANC-hegemonie ,,mocht hij terugkeren op aarde.'' De arrogantie van de macht van de regeringspartij van Zuid-Afrika kent dezer dagen geen grenzen en die zijn niet dichterbij gekomen na de verkiezingsuitslag van woensdag, die op een victorie uitliep voor het ANC. Hoewel nog niet alle stemmen zijn geteld, is het ANC zeker van 65 procent van de stemmen; alleen het behalen van de begeerde tweederde meerderheid staat nog niet vast.

In zijn overwinningsrede sloeg ANC-leider Thabo Mbeki, die op 16 juni het helmhout overneemt van Nelson Mandela als staatspresident, gisteren een verzoenende toon aan. Op een feestelijke bijeenkomst in Midrand, gelegen tussen Pretoria en Johannesburg, zei Mbeki: ,,Het ANC zal regeren zonder arrogantie, met nederigheid en een diep gevoel van verantwoordelijkheid. We moeten met zijn allen aan een Zuid-Afrika bouwen dat iedereen toebehoort, zwart en blank.'' Maar eerder gaf de enige presidentskandidaat duidelijke signalen van het tegendeel af. Tijdens het nationale verkiezingsdebat, zondagavond op de staatstelevisie, liet Mbeki verstek gaan. Het ANC achtte het niet nodig dat zijn leider de discussie aanging met de oppositieleiders, die wel keurig in de studio zaten. En voor wie was de innigste omhelzing gereserveerd in Midrand? Voor Winnie Mandela, de vrouw die is veroordeeld wegens betrokkenheid bij ontvoering en moord, en op wie de Waarheidscommissie vorig jaar zware kritiek uitte.

Winnie Mandela is een machtsfactor waar Mbeki niet omheen kan of wil en de tijd is aan haar zijde. Want hoewel de eeuwigheid lang is, lijkt het er inderdaad niet op dat het ANC voorlopig uit het centrum van de macht zal verdwijnen. Ondanks alle voorspellingen dan wel wensgedachten is een scheuring binnen het ANC bij lange na niet in zicht. Het ANC is weliswaar een amalgaam van verscheidene en verschillende belangengroepen en stromingen, maar de lijm die hen bij elkaar houdt is sterk. De interne strijd heeft veel meer een persoonlijk dan een politiek karakter: facties organiseren zich rondom personen, niet op inhoudelijke programma's. Illustratief in dit verband is de positie van de communistische partij (SACP). Via een historische overeenkomst tussen de communisten, het ANC en de vakbond Cosatu zijn de drie verbonden in de zogeheten tripartite alliantie. De SACP neemt niet zelfstandig deel aan verkiezingen, maar pusht haar leden op de kandidatenlijst van het ANC. Op die manier krijgen de communisten een belangrijke stem in het parlement; naar schatting 100 ANC-parlementariërs zijn tevens lid van de SACP. Maar in de praktijk merkt men niets van de communistische idealen. Het sociaal-economisch beleid dat het ANC sinds 1995 voert draagt een typisch neoliberaal karakter, met de markt, niet de staat als draaipunt. En dit beleid krijgt brede steun van de communisten.

Ook de kiezers is het een zorg welke koers het ANC vaart. De aanvankelijk socialistische tendensen van de ANC-regering zijn allang vervangen door een no-nonsense beleid – voor het electoraat maakt het niets uit: de enorme meerderheid die het Congres bij de vorige verkiezingen van 1994 kreeg, ruim 62 procent, is nog eens met vier tot vijf procent toegenomen. Maar op volkomen democratische en correcte wijze, daar valt niets op aan te merken.

De massa der Zuid-Afrikaanse zwarten (driekwart van de bevolking) heeft zijn stem doorgedrukt. Het ANC kan onder zwarten nog altijd rekenen op een `dankbaarheidsstem'. De onderdrukten van weleer hebben geen oog voor bereikte resultaten of beloftes van andere partijen, de verdienste van het ANC als de beweging die hen bevrijdde van het juk van de apartheid is vooralsnog het enige dat telt. Overigens is het materiële `zwarte' leven over de gehele linie de afgelopen vijf jaar onder ANC-bestuur wel degelijk vooruit gegaan, maar dat was misschien anders ook wel gebeurd.

Bij deze verkiezingen is, vijf jaar na de afschaffing van de apartheid, echt afgerekend met de Nationale Partij, bedenker en uitvoerder van dat systeem van raciale scheiding. Ook de toevoeging `Nieuwe' kon de opvolgers van Verwoerd, Vorster en Botha niet redden. De NNP zag haar aanhang slinken van 20 procent uit 1994 naar ruim 7 procent nu. Vooral blanke kiezers, die in 1994, uit angst nog NP kozen, wendden de steven nu naar de liberale Democratische Partij. De DP vormde tijdens de apartheid jarenlang de enige oppositiestem tegen de `Nats' en lijkt nu met tien procent van het electoraat achter zich de enige serieuze opponent van het ANC.

Een van de belangrijkste ontwikkelingen op verkiezingsdag deed zich voor in de West-Kaap (hoofdstad Kaapstad), waar het ANC bij de parallel gehouden verkiezingen voor de negen provinciale parlementen, de NNP passeerde. De West-Kaap was in 1994 de enige provincie waar de `Nats' boven het ANC uitkwamen, maar nu moesten ze ook hier hun meerdere erkennen in de veelvraat ANC. In de zwarte townships van Kaapstad – en in mindere mate in de kleurlingen-townships, waar de aanhang van de NNP nog groot is – vierde men gisteravond uitbundig feest. De uitslag in de West-Kaap betekent dat het ANC nu de grootste partij is in acht van de negen provincies. Alleen in KwaZulu/Natal blijft de Zoeloe-partij Inkatha mogelijk de grootste, maar het spant erom, nog niet alle stemmen zijn daar geteld.

Vaststaat dat er tussen nu en de volgende verkiezingen van 2004 maar één politieke factor van betekenis in Zuid-Afrika is: het Afrikaans Nationaal Congres. De vraag zal zijn of het ANC deze weelde kan dragen, want vroeger of later zullen ook de zwarte kiezers resultaten als uitgangspunt nemen, geen dankbaarheid. En dat duurt geen eeuwigheid meer.