Filmmuseum wil niet naar Rotterdam

Bestuur, directie en ondernemingsraad van het Filmmuseum in Amsterdam hebben zich uitgesproken tegen verhuizing naar Rotterdam. Dit is gisteren in Amsterdam bekend gemaakt.

De directie van het Filmmuseum had lange tijd voorkeur voor herhuisvesting in Rotterdam, waar het museum deel zou gaan uitmaken van het op te richten Instituut voor de Beeldcultuur. In dit instituut zouden ook het Nederlands Foto Instituut, het Nederlands Fotoarchief, het Nationaal Fotorestauratie Atelier en het centrum voor nieuwe media V2, allemaal reeds gevestigd in Rotterdam, moeten deelnemen.

In een gisteren gepubliceerde brief aan staatssecretaris van culttur Van der Ploeg zegt het Filmmuseum zich bij zijn besluit te hebben laten leiden doorde consequenties die een eventuele verhuizing zou hebben voor de 140 medewerkers. Met zijn besluit heeft het Filmmuseum een belangrijke pijler weggehaald onder de Rotterdamse plannen voor de oprichting van een multimedia instituut.

De bekendmaking van het besluit vond plaats tijdens een persconferentie van de gemeente Amsterdam waarop een aanvullling werd gegeven op de eerder (op verzoek van Van der Ploeg) gepresenteerde plannen inzake de oprichting van een multi-media instituut waarin instellingen op het gebied van de fotografie, film en nieuwe media worden ondergebracht. De oprichting van een dergelijk instituut is ingegeven door het Wertheimerlegaat (25 miljoen gulden) dat is bestemd voor het in het leven roepen van een fotografiemuseum. De oprichting van dit museum heeft geleid tot een felle strijd tussen Amsterdam en Rotterdam.

De Raad voor Cultuur sprak zich jl. maart in een advies aan de staatssecretaris uit voor vestiging van het beoogde instituut in Rotterdam. Dit advies stuit in Amsterdam op grote bezwaren. Volgens de Amsterdamse cultuurwethouder Saskia Bruines gaat het advies van de Raad voorbij aan de rol die Amsterdam speelt in de visuele beeldcultuur.

Loek van der Molen, directeur van het Nederlands Foto Instituut, reageert zeer teleurgesteld op het besluit van het Filmmuseum: ,,Het museum was een belangrijke participant in het geheel. De vraag is of het instituut nu nog vorm kan krijgen.'' Volgens Ton de Vos, als beleidsmedewerker van de gemeente Rotterdam verantwoordelijk voor de ontwikkeling van het beoogde de instituut, hoeft de beslissing van het Filmmuseum evenwel geen verstrekkende gevolgen te hebben. ,,Ons initiatief behelst de samenvoeging van ideeën en niet van instellingen. Wij gaan gewoon door met onze plannen.''

Waar het beoogde instituut zal worden gevestigd, wordt bepaald door staatssecretaris Van der Ploeg. Van der Ploeg zal zijn beslissing voor het begin van het zomerreces op 2 juli bekend maken.

J. Jessurun, voorzitter van de Raad voor Cultuur verzet zich tegen de competentiestrijd tussen Amsterdam en Rotterdam. ,,De discussie wordt te veel gevoerd als locale belangenstrijd tussen twee steden'', aldus Jessurun. Volgens hem sluit de vestiging van en multi-media instituut in Rotterdam de oprichting van een mediacentrum in Amsterdam niet uit. ,,Er is buitengewoon veel te doen op het terrein van de fotografie en de andere visuele media. Aandacht daarvoor hoeft allerminst in een van beide steden geconcentreerd te worden.''