Bloemen voor de agent

De bloemen regenden letterlijk uit de lucht. Dat was maar voor weinig politieagenten weggelegd die het Plein betraden in de zeven weken dat de studenten het in 1989 bezet hielden. Maar Zhang Dongjing was dan ook geen gewone agent. Op het spandoek dat hij moederziel alleen op de 19de mei dat jaar met zich meedroeg, had hij met rode verf geschreven: ,,Ik heb geen angst om uit de partij gezet te worden.'' Zhang, 45 en partijlid sinds zijn 19de, was na weken van onrustige overpeinzingen in vol ornaat zijn steun komen betuigen aan de demonstrerende studenten.

Tien jaar later straalt hij nog van trots. De tijd die hij doorbracht in de cel op zijn eigen werkadres, het verlies van zijn baan, de vrienden die hem in de nadagen van de demonstraties voor gek verklaarden en in de steek lieten, het deert hem allemaal niets. ,,Ik stond in mijn recht en dat doe ik nog steeds'', zegt hij. Die 19de mei was ook de dag dat partijsecretaris Zhao Ziyang naar het Plein was gegaan en een laatste emotionele rede hield waarin hij de studenten zijn vertrouwen gaf. ,,Het feit dat een partijbons als Zhao het met de studenten eens was, dat was een belangrijke bevestiging voor mij.''

De dagen die aan zijn publiek protest vooraf gingen, waren ongemakkelijk geweest voor Zhang. De boodschap die de studenten weken lang hadden uitgedragen en die hij avond na avond, na zijn werk en in burger uit de eerste hand had vernomen, sprak hem aan. Hun eisen voor openheid, rechtvaardigheid, politieke vrijheid en de aanpak van corruptie vond hij redelijk en vaderlandslievend. Maar als ordebewaker en handhaver van de wet stond hij aan de andere kant van de lijn. In zijn groene uniform en pet gold hij als een tastbaar symbool van de hardnekkige vasthoudendheid van de zittende macht. En evenals zijn collega's moest Zhang eraan geloven dat hij in vol ornaat recht tegenover de mensen kwam te staan die hij nu juist een warm hart toedroeg. Met het groeien van het protest en het uitdijen van de demonstrantenmassa werd Zhang, daags voordat premier Li Peng de noodtoestand afkondigde, richting Plein gestuurd. ,,Dat waren akelige dagen'', zegt Zhang.

Het besluit om zich met pak en pet onder de studenten te begeven, had de stilzwijgende goedkeuring van zijn meerdere. ,,Je bent verantwoordelijk voor je eigen acties. Wanneer het misgaat, kunnen we niets voor je doen'', had hij gezegd. En zo is het gegaan. ,,Toen ik in mijn uniform als demonstrant op het Plein arriveerde, kreeg ik opeens een gezicht'', zegt Zhang. ,,Ik had de lijn tussen repressieve macht en redelijkheid overschreden.'' Zhang belandde in de cel van zijn eigen bureau. ,,Maar ik had geluk, ik kwam snel vrij – om nooit meer terug te keren.'' Hij lacht. ,,Zelfs de drie maanden gevangenschap werden uitbetaald. Communistenlogica is dat.''