Ambtenaar op Vlieland vecht strafontslag aan

Een ambtenaar op Vlieland kreeg vorig jaar ontslag wegens deloyaal gedrag jegens zijn superieuren. De man spreekt de aantijgingen voor de rechter tegen.

Een man met een bovengemiddelde drang om onrecht en misstanden aan de kaak te stellen. Zo omschreef advocaat A. van Braam zijn cliënt P. de Hoo gisteren voor de Leeuwarder bestuursrechter. ,,Uiteindelijk werd hij daar zelf het slachtoffer van.'' Binnen een week ontmoetten de ontslagen oud-loco-gemeentesecretaris De Hoo en de gemeente Vlieland elkaar twee keer voor de rechter. Maandag eiste de gemeente in kort geding een einde aan de laster tegen burgemeester Van der Mark en de afgifte van vertrouwelijke stukken door De Hoo. Gisteren vocht deze zijn strafontslag van vorig jaar aan.

In 1986 trad De Hoo (48) in dienst als ambtenaar sociale en personeelszaken op Vlieland. Met de in 1992 benoemde nieuwe gemeentesecretaris B. Oosthoek botste De Hoo van meet af aan. Volgens advocaat H. Kallenbach van de gemeente Vlieland had De Hoo moeite met de hiërarchische verhoudingen en had hij de drang zijn superieuren tot de orde te roepen. Hij was bovendien ,,deloyaal en onbetrouwbaar'', kopieerde persoonlijke correspondentie van cliënten, neusde in dossierkasten en strooide ,,hele en halve onwaarheden'' rond, waardoor sprake was van zeer ernstig plichtsverzuim. Zijn advocaat A. van Braam plaatste vraagtekens bij de aantijgingen. De toenmalige gemeentesecretaris C. van de Woestijne, die 35 jaar bestuurder was op het eiland, typeerde De Hoo als ,,ijverig, goed functionerend, beschaafd en eigenzinning''.

In 1996 wordt De Hoo overgeplaatst naar het gemeentelijk museum. De gemeente wilde met een schone lei beginnen, verklaarde Oosthoek gisteren. Als museummedewerker komt De Hoo echter te weten dat diverse antieken en zilveren voorwerpen uit een legaat, dat is nagelaten aan het museum, verdwenen zijn. Een VVD-raadlid zou hiervoor verantwoordelijk zijn. De Hoo doet aangifte van diefstal en licht de kabinetschef van de commissaris van de koningin in. Kort hierna onthult de Leeuwarder Courant dat er delen uit de nalatenschap ontbreken. Volgens de gemeente is het ,,voldoende aannemelijk'' dat De Hoo naar de pers lekte. Zelf ontkent hij dit ten stelligste. De gemeente oordeelt dat De Hoo zijn geheimhoudingsplicht schond. Eind december vorig jaar krijgt De Hoo, na een schorsing, strafontslag. Zijn advocaat vindt dit ,,onbillijk, onredelijk en op onzorgvuldige gronden genomen''. ,,Waarom schakelde de gemeente geen onafhankelijke adviescommissie in?'' Oosthoek heeft, meent Van Braam, misbruik gemaakt van zijn positie, bewerkte personen die De Hoo steunden en trad op als lekenarts door te verklaren dat De Hoo een psychiatrisch gebrek heeft. De gemeente verwijt De Hoo voorts een roddelcampagne tegen burgemeester Van der Mark te voeren. In december 1997 lichtte De Hoo de kabinetschef van commissaris van de koningin Hermans in over Van der Marks vermeende alcoholprobleem. Uitspraak binnen zes weken.