Die Walküre is de toets voor de Wagnerzangers

Met Die Walküre, de `Erster Tag' na de `Vorabend' met de eenacter Das Rheingold, krijgt Der Ring des Nibelungen vorm, omvang en vooral snelheid. De drie actes beginnen alle onstuimig. De eerste met donder en bliksem en regen en storm. De laatste met de Walkürenritt, de flitsende jacht door de wolken van Wotans negen dochters, altijd de slagvelden afschuimend op zoek naar dode helden om die, voorzien van eeuwige roem, te voeren naar de godenburcht, het Walhalla. Het toneelbeeld van Die Walküre toont die vliegende vaart: een reusachtige schijf met concentrische cirkels, die tijdens de Walkürenritt ontvlammen tot een schrikwekkend wiel van vuur.

Die Walküre is ook de opera van de langzaam opbloeiende incestueuze liefde tussen Siegmund en zijn `zusterlijke bruid' Sieglinde, als deze tweeling na jaren van scheiding wordt verenigd. Maar Die Walküre is in de eerste plaats de opera van de stilstand, van de onverzettelijkheid van Hunding, van het vastlopen van het huwelijk van Wotan en Fricka, van het schokkende treffen tussen de strenge Wotan en de ongehoorzame Brünnhilde, van het `Feuerzauber', waarin Wotan voor straf Brünnhilde voor lange tijd opsluit tot een onverschrokken held de slapende Walküre zal wekken.

Al die stilstaande scènes bestaan uit harde confrontaties. Ze diepen de individuele posities uit en die onderlinge afrekeningen resulteren in totale ontreddering. Terwijl het slot van Der Ring des Nibelungen nog meer dan twee opera's weg is, verzucht de oppergod Wotan al in de tweede acte van Die Walküre dat hij nog maar één ding wil: `Das Ende, das Ende!' Hij is de `traurige Gott', de `grausame Mann', zoals Fricka in Das Rheingold al zei. Hier ligt het echte zware dramatische vocale werk. Die Walküre is een vreeswekkende toets voor de ware Wagnerzanger, een mensensoort die bijna lijkt uit te sterven.

Kurt Rydl is zo'n onverzettelijke Wagnerzanger. In zijn rol van Hunding blijken zijn houding èn zijn stem even onverbiddelijk. Hier staat de oerman: zijn vrouw Sieglinde (de voortreffelijk zingende Nadine Secunde) is slechts zijn dienstmaagd, de traditie om vreemdelingen te huisvesten is hem heilig, maar de volgende dag zal hij zijn vijand Siegmund dodelijk treffen. Dat het hem lukt, zij het met hulp van Wotan, leek gisteravond bijna voor de hand te liggen want Siegmundvertolker John Keyes had last van een keelontsteking. Keyes zong niettemin respectabel, maar het was gisteravond geen vergelijk met zijn prestaties begin vorig jaar.

John Bröcheler klonk als Wotan inmiddels een stuk wankeler. Zijn grote monoloog in de tweede acte had indrukwekkende kanten, maar hij intoneerde voortdurend onzeker. Jeannine Altmeyer (Brünnhilde) zong wederom sterk wisselend: hele stukken op halve kracht met dan weer vlagen van opwindende exaltatie. Nee, dan de sterk zingende Reinhild Runkel als de furieuze Fricka: ze heeft gelijk met haar verwijten aan de armzalige Wotan en ze krijgt het. Haar tirade eindigt in venijnige spot.

Die Walküre. Herhalingen: 10, 18, 26/6. 18/6 te zien op groot videoscherm in het Oosterpark Amsterdam en live te horen via Radio 4.