Alleen stijl van kritiek verschilt

Nederlandse vertegenwoordigers in het Europees Parlement hebben zich de laatste jaren op twee cruciale momenten sterk uiteenlopend gemanifesteerd. Een overzicht.

DE NEDERLANDSE kiezer die wil weten hoe de 31 Nederlandse Europarlementariërs zich de afgelopen jaren hebben opgesteld, kan dit doen aan de hand van twee affaires die de afgelopen tijd al het parlementaire werk overschaduwden.

Allereerst kwam het parlement zelf in opspraak. Europarlementariërs maakten misbruik van financiële vergoedingen. Ze verdienden aan onkostenvergoedingen, hadden voor zichzelf een uiterst lucratieve pensioenregeling bedacht en hadden bovendien een kostbaar parlementsgebouw in Brussel laten optrekken.

Van de Nederlanders hadden de liberalen onder leiding van fractievoorzitter Gijs de Vries (de huidige staatssecretaris) en GroenLinks met als enige Europarlementariër Nel van Dijk (vorig najaar opgevolgd door Joost Lagendijk) al lange tijd kritiek op het financiële reilen en zeilen van het Europees Parlement. Alleen hun stijl van bekritiseren verschilde sterk. GroenLinks protesteerde luidruchtig en schakelde televisieploegen in. De liberalen drongen in brieven aan op beperking van onkostenvergoedingen tot werkelijk gemaakte kosten, versobering van de pensioenregeling en een gelijk salaris voor alle Europarlementariërs ongeacht hun land van herkomst.

Een oude liberale wens is een onafhankelijk accountantsonderzoek naar de bouw van het Brusselse parlementsgebouw, dat omgeven is door niet te stoppen geruchten over onregelmatigheden. Als in juli het nieuw gekozen parlement voor het eerst in het nieuwe glazen parlementsgebouw in Straatsburg vergadert, zal dat onderzoek naar de Brusselse bouw nog altijd niet zijn begonnen. Dat Straatsburgse gebouw is speciaal neergezet voor elf plenaire vergaderweken die daar volgens een afspraak van de regeringsleiders van de EU jaarlijks gehouden moeten worden. Tot nu toe heeft het Europees Parlement in Straatsburg het gebouw van de Raad van Europa gehuurd.

Domper op de duidelijke opstelling van de liberalen was dat VVD-Europarlementariër Jessica Larive tegenover de tot in details in onkostenvergoedingen gravende journalist Joep Dohmen moest toegeven enkele duizenden guldens reiskostenvergoeding ten onrechte te hebben geïnd. De inmiddels vertrokken Europarlementariër Leen van der Waal (SGP/GPV/RPF), principieel tegenstander van het systeem waarbij parlementsleden op onkosten kunnen verdienen, is eerder door een televisieploeg betrapt op het ten onrechte innen van presentiegeld.

In navolging van GroenLinks besloten de PvdA-Europarlementariërs vorig jaar vrijwillig tot een soberder financiële regeling dan de andere leden van het Europese Parlement hebben. Ook de VVD sprak een eigen systeem af dat afweek van de Europese regels. Na moeizaam onderhandelen bereikte het Europees Parlement zelf vorig jaar een akkoord dat voorzag in een gelijk inkomen voor alle Europarlementariërs en een beperking van de onkostenvergoedingen. Voor Europarlementariërs die er fors op achteruit zouden gaan was een overgangsregeling voorzien. Die regeling werd echter zonder enige discussie geschrapt door de ministers van Buitenlandse Zaken van de EU, die bovendien vonden dat Europarlementariërs bij hun onkostendeclaraties bewijsstukken moeten overleggen.

De overgrote meerderheid van het parlement wees dit van de hand. De meeste Nederlandse Europarlementariërs hadden de ministers nog willen vragen om de overgangsregeling alsnog in het salaris- en onkostensysteem op te nemen, in de hoop dat dan een akkoord van parlement en lidstaten van de EU mogelijk zou worden. Daarvoor was binnen het parlement echter te weinig steun. Ook de CDA-delegatie onder leiding van Hanja Maij-Weggen wilde dat niet. De CDA'ers vonden dat de ministers van Buitenlandse Zaken Europarlementariërs niet konden verplichten om onkostenbonnetjes te overleggen.

Maij-Weggen zei bovendien niet mee te willen doen aan een eigen Nederlandse sobere regeling, waartoe PvdA, D66 en GroenLinks opriepen. De tweemansdelegatie van SGP/GPV/RPF sloot zich daarbij wel aan.

Enkele dagen later veranderde Maij-Weggen van standpunt en zei alsnog geen bezwaar te hebben tegen een gedragscode voor Nederlandse Europarlementariërs. Voormalig CDA'er Jim Janssen van Raaij, die nu zich nu opwerpt als lijsttrekker van de Europese Verkiezingen Platform Nederland, vindt die gedragscode ,,volstrekte onzin, mediafobie''. Het nieuwe parlement moet volgens hem na de Europese verkiezingen een regeling aanvaarden die op enkele juridische details na overeenkomt met het plan van de ministers van Buitenlandse Zaken.

De tweede grote kwestie van het Europees Parlement was de motie van wantrouwen tegen de Europese Commissie die in januari werd behandeld. De motie werd toen niet aangenomen. De socialisten en de liberalen, de grootste fracties, waren beide verdeeld over de houding die aangenomen moest worden tegenover de van wanbeleid en vriendjespolitiek beschuldigde Commissie. Een motie van wantrouwen tegen de Commissie werd verworpen met 232 stemmen voor, 293 stemmen tegen en 27 onthoudingen. Van de 31 Nederlandse Europarlementariërs stemden leden van VVD, D66, GroenLinks en SGP/GPV/RPF voor de motie. De PvdA-Europarlementariërs stemden tegen. De CDA'ers onthielden zich van stemming, op Ria Oomen na, die tegen stemde.

Na veel geharrewar stemde het parlement vervolgens over twee resoluties. De eerste was van Groenen, liberalen en een deel van de christen-democraten. Daarin werd het aftreden geëist van de Franse socialistische Eurocommissaris Edith Cresson. Voor dat ontslag stemden 165 Europarlementariërs; tegen 357. Tot de voorstemmers behoorden VVD, D66, GroenLinks, SGP/GPV/RPF en CDA. Tot de tegenstemmers behoorden PvdA en de tot de fractie van Unie voor Europa toegetreden Janssen van Raaij.

De tweede resolutie was van een meerderheid van de socialistische fractie. Die vroeg om een comité van wijzen dat het functioneren van de Europese Commissie moest onderzoeken. Deze resolutie werd aangenomen met 319 tegen 157 stemmen. Het kritische rapport van de wijzen leidde in maart tot het aftreden van de Europese Commissie. Bij deze resolutie stemden de Nederlandse CDA'ers zeer verdeeld. Sommigen stemden voor, anderen tegen en een onthield zich van stemming. De PvdA'ers stemden voor, net als de zelfstandige Janssen van Raaij en de GroenLinkser Lagendijk. VVD en D66 onthielden zich, behalve de VVD'er Wijsenbeek die tegen stemde.

NEDERLANDERS