`Akkoord' schept meer problemen dan het oplost

Instemming van Belgrado met het plan van Tsjernomyrdin en Ahtisaari betekent nog lang geen vrede. Het drama-Kosovo komt hooguit in een nieuwe fase.

Optimisme alom: het moeizaam tot stand gekomen vredesplan van de Kosovo-gezanten Viktor Tsjernomyrdin en Martti Ahtisaari is door het Servische parlement aanvaard. Als Miloševic dat ook doet – en niets let hem – kan de bombardementscampagne worden beëindigd. Hier en daar wordt zelfs gerept van een oplossing.

Het woord oplossing is evenwel even misplaatst als het optimisme. Het ziet ernaar uit dat de NAVO, door vast te houden aan haar eigen eenheid en door de kwestie samen met de Russen en met de zegen van de VN te willen afhandelen, zoveel water in de wijn doet dat ze met een plan zit waarmee meer problemen worden geschapen dan opgelost.

Probleem één: er wordt een vredesmacht in het leven geroepen die door de Russen èn de NAVO wordt geleid, onder auspiciën van de VN (hetgeen, gezien het verleden van de VN-operatie in Bosnië, twijfel wekt aan de doelmatigheid). Die vredesmacht bevat een Russisch contingent dat, welke afspraken over de commandostructuur ook op papier worden gemaakt, in Kosovo zijn eigen onafhankelijke gang zal gaan. De NAVO wijst op het Bosnische precedent: de vredesmacht SFOR bevat een Russische eenheid onder NAVO-bevel. Daarbij wordt over het hoofd gezien dat in de praktijk dat Russische contingent zich van dat NAVO-bevel niets aantrekt, met (onder andere) het gevolg dat maar weinig vluchtelingen terugkeren naar de door de Russen beheerste sector in Bosnië.

Probleem twee: die vluchtelingen. Bijna één miljoen Kosovaren zijn de grenzen overgedreven of overgevlucht. Zij moeten terug – dat is de hele ratio van de diplomatieke inspanningen. Maar zij moeten terug naar een Kosovo dat deel blijft uitmaken van Servië, en veel Kosovaren zullen dat weigeren. Bovendien moeten veel vluchtelingen terug naar sectoren die door Russen worden gecontroleerd – en ook dat zal door velen (zie Bosnië) worden geweigerd. Daar komt nog bij dat Belgrado mogelijk een deel van zijn troepen in Kosovo mag handhaven. Die zullen alles doen om de terugkeer van vluchtelingen te saboteren, door Kosovaren zonder papieren de toegang te weigeren en diegenen die wel terugkeren het leven zuur te maken. Het is naïef te veronderstellen dat Belgrado zonder verdere slag of stoot zijn hoofdprijs uit het conflict, de verdrijving van een gehate volksgroep, zal inleveren.

De terugkeer van de vluchtelingen zal ook worden gefrustreerd door het radicale Kosovo Bevrijdingsleger UÇK onder Hashim Thaçi, `premier' van een van de twee Kosovaarse regeringen in ballingschap. Het UÇK ziet de onafhankelijkheid van Kosovo aan zijn neus voorbij gaan. Het weet dat een nieuwe conferentie over de toekomst van Kosovo, een tweede Rambouillet, niet op korte termijn tot die onafhankelijkheid zal leiden. Het heeft dus geen belang bij een akkoord en evenmin bij een terugkeer van de vluchtelingen. Het zou de strijd het liefst willen voortzetten. Als het dat doet kan het ongeschreven bondgenootschap van het UÇK met de NAVO veranderen in een conflict van het UÇK met de Russisch-Westerse vredesmacht. En dat verkleint de kans op succes bij een nieuw `Rambouillet'. Die kans is toch al niet groot: in februari kostte het veel duwen en trekken om het UÇK zover te krijgen voor een periode van drie jaar autonomie voor Kosovo binnen Servië te accepteren. Het is onwaarschijnlijk dat het Bevrijdingsleger die autonomie nu nog of opnieuw zou accepteren.

Miloševic kan tevreden zijn. Hij kan poseren als een overwinnaar: hij heeft zich heroïsch verzet tegen de almachtige NAVO. Hij heeft Kosovo niet prijsgegeven. Hij heeft één miljoen Albanezen het land uitgewerkt, meer dan wie ook in de Servische geschiedenis. Hij laat de buurlanden met veel vluchtelingen en het gevaar van destabilisering zitten. En in Kosovo komt een vredesmacht met veel Russische vrienden, een vredesmacht bovendien met een levensvatbare kiem van interne verdeeldheid, met ondoelmatigheid en gebrek aan daadkracht als potentiële gevolgen.

Van een `oplossing' van de Kosovo-crisis is dus ook na een Servisch `ja' geen sprake. De crisis blijft. Het drama-Kosovo gaat hooguit een nieuwe fase in. Een met wat minder bommen en raketten misschien, maar niet met minder menselijk leed en niet met minder politieke problemen. Integendeel.