Stinking Dutchmen

In 1947 werd in Londen een toneelstuk opgevoerd van Noel Coward, getiteld: Peace in Our Time! Het speelde in een pub in Kensington tussen november 1940, vlak na de Duitse verovering van Engeland, en mei 1945, toen de geallieerden het eiland weer bevrijd hadden. Het vertelde het verhaal van het Engelse verzet, de Engelse collaboratie en de rol van de Duitse bezetters in Engeland – geestig, en angstig dichtbij.

Het stuk is allang weer vergeten. De rol van eenzame strijder paste de Engelsen veel beter. In juni 1940, na de val van Frankrijk, meldde koning George IV zijn moeder hoe opgelucht hij was `nu we geen bondgenoten meer hebben waarvoor we beleefd en zorgzaam moeten zijn'. De tienduizenden `Engelandvaarders' werden door de Londenaren opgevangen met gemengde gevoelens, zoals vluchtelingen overal. Niemand vertrouwde de `Vrije Fransen', met hun eeuwige geklets en geflirt. En bij de Belgen en de Nederlanders waren alleen de zeelieden populair, zo meldt Philip Ziegler's kroniek `Londen at War'. `Wie betaalt hen eigenlijk?' werd er gevraagd. `Als het onze regering is, is het een schande!' In East End sprak men van `Bleeding French' en `Stinking Dutchmen': `Wij willen werk, maar die bastaards krijgen de banen!'

Onder de bluf leefde vooral angst. De journaliste Rebecca West zag die juni-avonden de mensen in Regent's Park zitten, met witte gezichten. Sommigen, schreef ze, liepen naar de rozen met een merkwaardige ernst, ze snoven de geur in, alsof ze wilden zeggen: `Zo zijn rozen dus, zo ruiken ze. We moeten dat onthouden, straks in de duisternis.'