Nederland zoekt besmette kippen

De Nederlandse inspectie Gezondheidsbescherming, Waren en Veterinaire Zaken is in koelhuizen in het land op zoek naar kippenvlees dat mogelijk vervuild is met dioxine. Een grote voedseldistributeur en verschillende restaurants en cateraars hebben intussen `uit voorzorg' besloten voorlopig geen kipproducten meer te leveren of op het menu te zetten.

Dit is het gevolg van de dioxinebesmetting van kippen, die vorige week in België aan het licht kwam. In Brussel vergadert vandaag het veterinair comité van de Europese Unie over een mogelijk exportverbod voor Belgische pluimveeproducten. Enkele Europese landen hebben inmiddels zelf een importverbod afgekondigd.

De Nederlandse inspectie gaat er vanuit dat het gros van het verdachte kippenvlees al is opgegeten. Het betreft vlees van slachtkuikens die zijn vetgemest met veevoeder van het bedrijf Hendrix UTD uit Boxmeer.

Distributeur Food Group Nederland (FGN) in Rotterdam heeft in overleg met klanten besloten voorlopig geen kipproducten te leveren. Onder de klanten zijn restaurants en cateraars. Directeur P. Kruidenier van FGN zegt geen zekerheid te hebben over de afkomst van de producten. Cateraar Albron (bedrijfs- en universiteitskantines) heeft sinds gisteren geen kip- of eigerechten meer op het menu staan. Cateraar Van Hecke (1.200 bedrijfskantines) ziet voorshands geen aanleiding het menu te wijzigen. Ook Albert Heijn gaat in zijn winkels en als groothandel door met de verkoop van kippen en eieren, nadat bij een interne controle geen besmette producten zijn aangetroffen.

De gevaren voor de volksgezondheid worden vooralsnog gering geacht. ,,Eenmalig een dosis dioxine is minder schadelijk dan langdurig blootgesteld worden aan dioxine'', aldus een woordvoerder van het ministerie van Volksgezondheid. Nederland wacht het besluit van de EU af en de overheid heeft nog geen officiële adviezen of richtlijnen verstrekt. ,,Toch zou het niet verstandig zijn nu Belgische kipproducten te eten'', zegt een woordvoerder van de Inspectie Gezondheidsbescherming.

De Nederlandse Inspectie Gezondheidsbescherming onderzoekt dioxinesporen bij de vijfhonderd bedrijven met varkens in vooral Zuid-Nederland die het voer hebben gekregen. Het veevoederbedrijf Hendrix in Boxmeer heeft vijfhonderd varkensboeren en vijftig pluimveehouders waaraan het levert opgeroepen geen dieren te slachten. In januari heeft Hendrix vet betrokken van het Vlaamse bedrijf dat waarschijnlijk de oorzaak is van de dioxinebesmetting en dat vervolgens in veevoer verwerkt.

Morgen worden de analyseresultaten bekend van een onderzoek naar de concentratie dioxine, in het dierlijk vet dat Hendrix heeft verwerkt. Directeur P. van Huffelen van Hendrix UTD verwacht dat de concentraties lager zullen zijn dan de alarmerende concentraties die in kippen in Vlaanderen gevonden zijn.

,,Wij hebben niet rechtstreeks van de in opspraak geraakte vetsmelterij Verkest NV uit het Vlaamse Deinze vet ontvangen'', aldus Van Huffelen. ,,Het vet komt er wel vandaan, maar is eerst door vetwerker Rendac vermengd met andere dierlijke vetten. De concentratie zal waarschijnlijk lager zijn.''

Verkest wordt ervan verdacht dierlijke vet gemengd te hebben met dioxinehoudende afvalolie. Het bedrijf had tot 1997 een vergunning van de Vlaamse overheid als erkend `verwerker van afvalstoffen met een laag-risico'. In december 1997 is die vergunning ingetrokken. Rendac kocht het vet van Verkest, mengde het met andere vetten en leverde het in januari aan veevoederbedrijf Hendrix in Oosterhout. Dat is een van de twaalf veevoerderbedrijven van Hendrix UTD in Vlaanderen en Nederland. Een van de twee Vlaamse bedrijven, Hendrix in Merksem, betrok in dezelfde periode rechtstreeks vet van Verkest. Dat bedrijf is nu een van de negen veevoederbedrijven die door de Vlaamse overheid onder toezicht zijn geplaatst.

De Belgische premier Dehaene steunt zijn ministers van Landbouw en Volksgezondheid, die in opspraak zijn gekomen in de kippen-affaire. De oppositie had het aftreden geëist van de ministers, die gisteren aan Dehaene uitleg moesten geven.

Volgens Dehaene moet ,,op basis van de thans beschikbare informatie'' vastgesteld worden dat de ministers hun verantwoordelijkheid hebben genomen. Minister van Landbouw Pinxten moest gisteren toegeven dat zijn diensten al eind april wisten dat kippen met dioxine besmet waren.

Tot nu toe zei Pinxten dat eind april alleen vast stond dat in veevoer dioxine was gevonden. Hij houdt vol dat hij juist heeft gehandeld, door begin mei slechts tien pluimveebedrijven een verkoopverbod op te leggen.

Ook minister van Volksgezondheid Colla verdedigde het besluit om niet al begin mei ,,draconische maatregelen'' te nemen, waartoe nu wel is besloten. Pinxten kwam pas vorige week naar buiten met de dioxinebesmetting, nadat de media erover berichtten.

De vraag blijft waarom België niet onmiddellijk de Europese Commissie heeft ingelicht, zoals de regel is wanneer besmetting wordt vastgesteld die de volksgezondheid kan schaden.

In België mogen vanaf vandaag groothandelaars alleen kippen en eierproducten verkopen en exporteren als ze kunnen aantonen dat er geen dioxine in zit. De detailhandel mag ijs, mayonaise, chocolade en gebak blijven verkopen.

Volgens minister van Volksgezondheid Colla is het niet te doen al die producten te controleren. Vandaag mogen in België geen kippen geslacht worden, zodat slachterijen hun voorraden kunnen controleren.