Een leven van zuipen, vechten en vrouwen

In het boek `De zwemmende monnik' schetst Malachy McCourt zijn armoedige jeugd in Ierland en zijn wilde jaren, toen hij in Amerika als `enfant terrible' werd omarmd door de society.

,,Is dat een trouwring?'', is het eerste wat acteur en schrijver Malachy McCourt wil weten als we tegenover elkaar zitten. Later in het gesprek zal hij me nog eens terloops ten huwelijk vragen. McCourt (67) mag dan al weer jaren geheelonthouder, vegetariër en gelukkig getrouwd zijn, oude gewoontes, zoals hij die beschreef in zijn autobiografie A Monk Swimming, blijken hardnekkig. Malachy is de jongere broer van Frank McCourt, die met het veelgeprezen Angela's Ashes een aangrijpend verslag schreef van zijn jeugd in Limerick, getekend door bittere armoede, een alcoholistische, afwezige vader en een depressieve moeder. In A Monk Swimming, onlangs verschenen bij Bert Bakker als Een zwemmende monnik, pakt Malachy de draad van de McCourt-geschiedenis op in 1952, als hij op 20-jarige leeftijd in het kielzog van zijn broer naar Amerika trekt. De schrijver heeft nog altijd dezelfde vlotte babbel waarmee hij zich destijds binnen de kortste keren wist op te werken tot favoriete enfant terrible van de Amerikaanse society.

,,Een zwemmende monnik heeft veel aan Frank te danken'', vertelt McCourt. ,,Ik ben heel trots op hem. Maar de critici komen steeds met dezelfde opmerkingen. Ze zeggen, `Malachy is geen Frank McCourt, dit boek is geen Angela's Ashes', en hij is wel heel erg in de voetsporen van zijn vader getreden.' Alsof ik dat niet wist! Natúúrlijk ben ik geen Frank McCourt. Natúúrlijk heb ik geen Angela's Ashes geschreven. En natúúrlijk was ik een alcoholist en een rokkenjager en iemand die zijn vrouw en kinderen in de steek liet, net als mijn eigen vader. Ik ben niet trots op wat ik gedaan heb. En de prijs die ik heb moeten betalen was behoorlijk hoog. Maar ondanks de krankzinnigheid van de hele onderneming, het zuipen en goudsmokkelen, de feesten, vechtpartijen en vrouwen, was alles ook a tremendous rush. Ik heb overigens niet bewust geprobeerd anders te klinken dan Frank, maar het feit is dat ik heel anders schrijf. Ik vertel verhalen, een oude Ierse traditie.''

De herinneringen die Malachy ophaalt aan zijn wilde tijd in – onder andere – New York, Ibiza en India, variëren van amusant tot behoorlijk bont. Hoeveel hiervan valt onder de categorie `sterke verhalen', ook een oude Ierse traditie? ,,Niets,'' zegt McCourt. ,,Mensen vragen vaak hoe Frank en ik ons in hemelsnaam nog zoveel details kunnen herinneren. Maar in Limerick waar wij opgroeiden, waren verhalen ons enige vermaak. Dus hebben we beiden een geweldig geheugen, elk detail was immers belangrijk. Wel denk ik, achteraf gezien, dat ik vaak dingen uithaalde zodát ik een verhaal te vertellen zou hebben. Bij voorkeur als andere mensen er getuige van waren, dan was je ook nog een acteur in je eigen verhaal. Verzinnen is gewoon niet hetzelfde.''

Het zwaartepunt in Een zwemmende monnik wordt echter niet gevormd door de sappige anekdotes, maar door de herinneringen aan de jeugd die Malachy dacht te hebben ontvlucht. McCourt: ,,Je kunt niet weglopen van je verleden. Er was geen liefde bij ons thuis, nooit enig teken van affectie. Daarbij kwam nog de verschrikkelijke armoede waarin we leefden, en de sterfte overal om ons heen: drie kinderen van ons gezin gingen dood, Frank ging bijna dood aan tyfus, elf van mijn klasgenootjes gingen dood, plus nog wat volwassenen in de buurt. Dat was redelijk representatief voor Ierland in die tijd. Het gevolg was dat je bewust dankbaar was in leven te zijn.

,,En dan als quasi-ongeschoolde Ierse jongen in New York van de boot te stappen en te merken dat heel Amerika zich aan je voeten werpt – verbijsterend. Ik deed wel alsof ik het allemaal vanzelfsprekend vond, maar in werkelijkheid dacht ik steeds: `Weten ze dan niet wie ik ben, dat ik uit een sloppenwijk kom, dat ik nog niet zo lang geleden de luizen uit mijn haar moest plukken, dat we aan het kreperen waren aan allerlei ziekten?' Ik was als een haai die werd losgelaten in een vijver vol goudvissen.''

Na een korte periode van wilde feesten, populariteit en succes weet McCourt zich, aan het einde van de roman, volledig ingehaald door het verleden: berooid, aan de drank, zijn huwelijk stukgelopen en zonder enige illusie over zijn vader. De grote ommekeer, vertelt hij, begon in 1963 toen hij zijn huidige vrouw ontmoette.

De McCourt-boeken hebben voor veel publiciteit gezorgd in de Verenigde Staten, en een vervolg staat al gepland. De wederwaardigheden van de familie McCourt hebben voor de Iers-Amerikanen aantal taboes doorbroken, zegt McCourt. ,,Binnen de Ierse gemeenschap is het not done om met familiegeheimen naar buiten te komen, evenals schrijven over armoede, vlooien, de gemeenschappelijke wc, etcetera. Je moet ook vooral niet de aandacht op jezelf vestigen. Dat heeft alles te maken met schaamte en angst. We kregen daarnaast steeds te maken met het typisch Ierse fenomeen van `begrudgery': een ander z'n succes misgunnen.''

`Een zwemmende monnik', Malachy Mc Court, uitg. Bert Bakker, ƒ39,90.