De voelhelm

Een intuïtieve omgeving is het hoogst bereikbare in de technologie. De ontwerpers maken iets dat je meteen al weet te gebruiken zonder na te denken of instructies te lezen. Je tikt geen commando in maar drukt op een beeldje, een icoon. Dat kan vooruitgang zijn, hoewel ik het zelf nog steeds niet simpeler vind.

Op de televisie zien we clips of intuïtieve documentaires. Die zorgen ervoor dat we meteen al een beeld hebben zonder de feiten of de inhoud te kennen. Hoe verandert die opgelegde gevoelsmatigheid ons denken? En hoe worden we door de beeldmakers bedonderd?

Geen van de antwoorden die ik zocht, vond ik in de thema-avond die BNN gisteren had besteed aan de `eeuw van de clip'. De jeugdomroep zag het als een kans om The Music Factory na te doen. Een lange aaneenrijging van clips en nauwelijks informatie. Na de aankondiging dat de jaren zeventig aan de beurt waren, kreeg ik clips uit de jaren tachtig en negentig te zien. Een rommeltje.

De clips van de jaren zestig en zeventig moeten de jeugdige kijkers zijn ontgaan. Geen namen van groepen, geen verklaring, maar alleen beelden met hier en daar wat commentaar van oude rotten in het vak. Wie het waren, stond er niet bij. Je zag alleen de tekst Het Interview onder hun gezichten.

Weet de gemiddelde 15-jarige nog wie Willem van Kooten van Veronica is? Of moeten ze wachten tot die ene minuut dat ze het over het oude zendschip hebben. Zegt Country Joe and the Fish met one..two..three..what are we fighting for hen nog wel wat? Of besloot de leiding dat de jeugd te dom is voor informatie die alleen clipsgewijs binnensijpelde? Ik miste de heldere uitleg van Bart de Graaff.

Het ging de commentator om het beeld dat ,,het niveau blijft dalen'' naarmate we verder in de tijd teruggaan. Kortom, de kijkende jeugd leeft in de beste van alle werelden. Nu moet ik ze wel een beetje gelijk geven. De mogelijkheden van de digitale studio zijn oneindig groot geworden. Als kijker in een afgeschoten kogel zitten en overal doorheen breken is een fantastische ervaring. Televisiereclames zijn boeiender en verleidelijker dan vroeger. Geen houterige huisvrouwen meer die een pak wasmiddel in de lucht houden, geen luid gedram met merken, zoals je in Amerikaanse commercials nog wel ziet, maar afgeronde minibeeldverhalen.

Toch zijn er goede klassiekers, ontdekkers en voorlopers. Beter dan BNN's clip van de eeuw van Michael Jackson als griezelmonster vond ik David Bowie uit de jaren zestig. In Space Oddity zette hij een helm met donker vizier op en zong hij take your proteine pills and put your helmet on. Hij was zijn tijd vooruit. Het deed me denken aan een voelhelm met driedimensionale projectie.

Sensueel was de vaart in de clip van Kaoma over de Lambada, de Antilliaanse dans die de wereld veroverde. Een kleine zwarte jongen die met een ouder meisje danst en dan die mannelijke benen die vooruitsteken in de zwaaiende rokken en heupen van de vrouwen. We zien het van het standpunt van een broeierig kijkende barman met zwart haar.

De clip wordt belangrijker dan de muziek zelf. Madonna, pop-reuzin van de jaren tachtig, was video-artieste. Gisteren zag ik hoe haar zwarte jurk in kraaien werd ontbonden en wegvloog. Waar blijft de clip van Riccardo Chailly? De paus is hem al voor geweest.

Voor de grap schakelde ik van deze wervelende wereld over naar premier Kok die in de mooie documentaire De Keuken van Kok van Niek Koppen sprak over ,,de hoofdlijnen van het regeerakkoord, de standpunten''. Ik zag pogingen van de campagnestaf om aantrekkelijke beelden te produceren. Maar het blijft een andere wereld, de politiek. Te veel woord en te weinig beeld. Dat gaat veranderen. In de nieuwe wereld bestaat de ufo en is één plus één gelijk aan drie. De mensen hebben het zelf gezien. Het gaat om de plaatjes en de gevoelens die ze oproepen. Het is het einde van het rationalisme van het volk maar niet van degenen die het overheersen. Nog niet.