Kunstzinnige variaties op het rariteitenkabinet

De 36-jarige beeldend kunstenaar Meschac Gaba, geboren in Benin, Afrika, en sinds zijn studie aan de Rijksakademie wonend in Nederland, knipte ooit het hoofd uit een briefje van duizend gulden en verkocht het voor honderd gulden. Op een wandeling door Porto Novo, in zijn geboorteland dat in een permanente economische crisis verkeert, zag hij achter een bankgebouw een afvalcontainer staan die tot de rand gevuld was met versnipperde bankbiljetten. Het visoen liet hem niet meer los. Nu toont hij in De Nieuwe Vide in Haarlem kralenkettingen gemaakt van vermalen bankbiljetten, en satijnen feestjurken en Afrikaanse poncho's versierd met bankbiljetten en munten. Er zijn ook glanzende zwarte rokjes waarop hij in felroze lijnen een onderbroekje en dijen tekende. Gaba exposeert de kledingstukken aan hangertjes en stalde ze uit op kleedjes op de grond, als in een kraam op een vlooienmarkt. Zijn wonderlijke koopwaar stemt droevig en vrolijk tegelijk.

De kledingcollectie van Gaba maakt deel uit van de tentoonstelling Waardige zaken, 14 Wonderkamers in Noord-Holland. Nicolas Dings, beeldend kunstenaar, trad op verzoek van de Stichting Kunst en Cultuur Noord-Holland op als curator van een tentoonstelling met als thema `het rariteitenkabinet'. De tentoonstelling is op zeven verschillende plekken in Noord-Holland te zien; veertien exposanten richtten ieder een ruimte in.

Het rariteitenkabinet of de Wunderkammer, een gevarieerde verzameling van voortbrengselen van de natuur en producten van de menselijke geest, kent een lange geschiedenis. Al in de 15e eeuw groepeerde Piero de Medici naturalia en artificialia in zijn scriptoio, studeerkamer. Veel steden in Holland en Zeeland, waar de Oost- en West-Indische Compagnieën zorgden voor een regelmatige aanvoer van exotische voorwerpen, kenden in de 17e en 18e eeuw `constkamers' of `rariteytkamers'. Sommige van deze kabinetten, gevuld met schilderijen, munten, mineralen, opgezette dieren en wat dies meer, trokken bezoekers vanuit heel Europa.

Een bezoek aan de 14 hedendaage wonderkamers is een tocht langs bijzondere plekken in oude Noord-Hollandse steden. De kunstenaars reageerden op twee verschillende manieren op het concept: sommigen tonen een verzameling voorwerpen en bleven dicht bij het uitgangspunt van de wonderkamer, anderen vatten het begrip ruim op en veranderden de ruimte in een `wonderlijke kamer' waar niet per se voorwerpen aan te pas hoeven te komen. De tweede aanpak leverde betere resultaten op dan de eerste.

Een verzameling, hoe interessant ook, is op zichzelf nog geen kunstwerk. Er is een tendens in de jonge kunst om de meest uiteenlopende voorwerpen, variërend van stukjes touw, schetsjes, platgereden padden, oud speelgoed, discobollen, of wat dan ook, samen te brengen en het geheel als kunstwerk te presenteren. Remy Jungerman doet dit in het Oude Slot te Heemstede, en Erik Fens in de Boterhal. Aan deze verzamelingen ontbreekt het gevoel van een dwingend geheel. Zo'n verzameling blijft een `opsomming' van voorwerpen waar een grote mate aan willekeur aan ten grondslag ligt. Er is hier bij de kunstenaar een gebrek aan verbeeldingskracht; hij brengt de dingen voor de beschouwer niet in een nieuw licht, er wordt geen emotie of visie verbeeld.

De uitstalling van Gaba daarentegen is wél zo'n dwingend geheel, evenals de installatie van Fransje Killaars in Hoorn. Killaars werkt met textiel in felle kleuren. Zij richt er ruimtes mee in die nomadisch aandoen, en oosters in hun sensualiteit. In Hoorn combineerde zij 17e-eeuwse jurken van kostbare sits, een katoenen stof die in India met de hand beschilderd werd in bloempatronen voor de Hollandse markt, met hedendaagse Indiase kledingstukken van moslims, hindoes en boeddhisten. Hier zijn op een simpele, directe manier verschillende culturen verbeeld. Killaars voegde de weefsels samen tot vijf meter lange banieren die het licht filteren en een exotische sfeer van weelde creëren.

Rudy Luijters maakte een prachtig werk in de Historische Tuin van Aalsmeer. Hij ontwierp een kleurenkaart waarvan de kleuren vernoemd zijn naar de gewassen en voorwerpen die hij in deze tuin aantrof. Zo is er sleutelpurper, naar de sleutelbloem, venijngroen, naar de venijnboom, en praamzwart, naar de zwartgeteerde onderkant van een praam die in de tuin ligt aangemeerd. Dit werk is een pleidooi voor de individuele waarneming, en voor het zelfstandig benoemen van de dingen. Tegelijkertijd vond Luijters een doeltreffende manier om de tuin voor de bezoeker te ontsluiten.

Tentoonstelling: Waardige Zaken, Wonderkamers van beeldende kunstenaars in Noord-Holland. Tot 26 juni. In: het Oude Slot Heemstede (wo-zo 14-17u); Kunstcentrum de Boterhal, Hoorn (di-zo 14-17u); Oude Kerkje, Kortenhoef (do-zo 14-17u); Museum Waterland, Purmerend (di-zo 12-17u); de Historische Tuin, Aalsmeer (13.30-16.30u); De Twee Wezen, Enkhuizen (wo-zo 13-16.30u); Nieuwe Vide, Oudeweg 85, Haarlem (wo-zo 14-17u).