Discussie over het rijke dieet van de kip laait op

Het dioxine-schandaal in België doet de discussie weer oplaaien over diervoe- ders en de zuiverheid daarvan. Wat krijgt een kip precies te vreten? Granen en vet, plus een waaier aan uitgekookte ingrediënten.

Het groot alarm dat het Belgische ministerie van Volksgezondheid vorige week sloeg naar aanleiding van de vondst van motorolie in kippen- en mogelijk ook varkensvoer, vormt het zoveelste schandaal dat de veevoederbranche teistert. De afgelopen maanden moest het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij nog krasse maatregelen afkondigen om voer voor runderen te vrijwaren van ook maar de geringste contaminatie met beendermeel, afkomstig van soortgenoten. Hoewel reeds een jaar of tien bekend was dat juist dat voer bij uitstek de oorzaak van het ontstaan van gekke-koeienziekte (BSE) vormt, werden deze restanten de afgelopen maanden toch in veevoer gevonden.

Nu weer is het ministerie van Landbouw samen met dat van Volksgezondheid bezig te kijken of ook Nederlandse vleeskuikens begin dit jaar besmet zijn geraakt met 2,3,7,8-tetrachloordibenzo(p)dioxine (TCDD), een uiterst giftige chemische verbinding, die in de motorolie zat en in 1976 de hoofdrol speelde in het Seveso-schandaal.

De discussie over wat kippen te vreten krijgen zal zonder twijfel weer oplaaien na het Belgische schandaal, dat mogelijk ook Nederland treft. Maar wat kippen precies krijgen is niet gemakkelijk te zeggen. Het menu komt in essentie neer op een combinatie van granen en vet. Welke granen dat zijn valt nauwelijks te zeggen. Dat hangt af van wat de veevoederproducent het goedkoopst kan inslaan. Als op de wereldmarkt tapioca goedkoop is, dan zal dat in het voer gaan. Is sojaschroot in de aanbieding, dan vormt dat de hoofdmoot.

In het algemeen bestaat het rantsoen uit granen, sojabonenmeel, groenvoeders in gedroogde vorm en dierlijke bijproducten die in het voer worden verwerkt. De leeftijd van kuiken of kip is daarbij ook van belang. Pluimveehouders onderscheiden opfokvoer, legmeel of mestmeel. Een belangrijk ingrediënt dat veel is gekritiseerd wegens de effecten op de smaak van vlees en eieren is vismeel.

Er komt nog een hele reeks zogeheten additieven bij. Voor de gewenste kleur van het eidooier bevat het voer ook kleurstoffen. Zo is calcium weer een belangrijk ingrediënt met het oog op de stevigheid van de eischaal.

Een goede kip legt normaal gesproken 160 tot 190 eieren per jaar, maar door kunstlicht, stimulerende middelen en genetische kruisingen legt een kip op een modern bedrijf er tegenwoordig zo'n 290. In Frankrijk – na de Verenigde Staten de belangrijkste graanproducent voor de wereldmarkt – werd enkele jaren geleden al een productierecord van 15 miljard eieren gebroken.

Fabrikanten van veevoedertoevoegingen hebben een hele reeks `voedingsproducten' in de aanbieding, die kippen, varkens en runderen moeten behoeden voor ziekten en stress. Vitamine A, bèta-caroteen, de vitamines D3, E, K3, B1, B2, choline (B4), PP, B6, B12, H en C zijn goed voor de groei, vruchtbaarheid en verenpak en beschermen de dieren tegen hinderlijke micro-organismen.

Verder zijn in het maal amino-zuren, sporenelementen, anti-oxidanten, enzymen en smaakstoffen te vinden. In de uiterst gevarieerde reeks eindproducten die in de supermarkt komen te liggen, komen daar nog wat ingrediënten bij, zoals anti-schuimmiddelen, katalysatoren, filtreer- en klaringsstoffen, kleurstabilisatoren, geleermiddelen, bevochtigingsmiddelen, anti-klontermiddelen, enzymenbinders, oplosmiddelen, kritallisatiemiddelen, harsen en glijmiddelen, smeltzouten, emulgatoren, zuurgraadregelaars, verdikkingsmiddelen en smaakverster- kers bij, allemaal stoffen waar de kip geen weet van heeft.